Zonder begeleiding mocht fotograaf Juan Carlos niet naar binnen in de beruchte gevangenis Cecot in El Salvador. Toch wist hij iets naar buiten te brengen van het ontmenselijkte leven binnen de muren.
Door Joost de Vries
Fotografie Juan Carlos
Hoe portretteer je een megagevangenis van een autoritaire regering wanneer je enkel onder toezicht van dat regime naar binnen mag? De Salvadoraanse fotograaf Juan Carlos (51) bezocht vijf keer het Cecot, het ‘centrum voor opsluiting van terrorisme’ dat de Salvadoraanse president Nayib Bukele in 2022 uit de grond stampte. Telkens probeerde de fotograaf zijn camera te richten net buiten het strakke frame van Bukeles pr-machine.
‘Je krijgt een guided tour’, vertelt hij. ‘Praten met gevangenen is verboden.’ Toch vond hij zijn momenten. Maaltijden in tupperware voor een celdeur, een reikende arm vol tatoeages. Een kerstboom met blauwe lampjes in een grijze ruimte, knipperlampjes die ‘Cecot 2025’ spellen. Slapende gevangenen op metalen stapelbedden, hun rubberen klompen op de vloer.
Juan Carlos slaagt erin de megagevangenis en haar 22 duizend gevangenen (volgens niet te controleren overheidscijfers) net iets meer diepte te geven dan het platte beeld dat Bukele de wereld opdient. De president die alle instituties van het land naar zijn hand zette en inmiddels aan een ongrondwettelijke tweede termijn bezig is, gebruikt het Cecot als uithangbord voor zijn keiharde veiligheidsbeleid.
Vorig jaar verhuurde hij celruimte aan Donald Trump, die er 250 Venezolaanse migranten naartoe stuurde. Bukele en het Witte Huis delen dezelfde beeldtaal: Trumps veiligheidschef Kristi Noem liet zich in het Cecot filmen met de Salvadoraanse bendeleden op de achtergrond. Hier kun je als migrant eindigen, waarschuwde Noem.
En dan is het steriele Cecot, zo weet Juan Carlos, bij lange na nog niet zo erg als de andere gevangenissen in El Salvador, de overbevolkte bajesen waarin zo’n 80 duizend mensen wegrotten, vaak op basis van flinterdunne verdenkingen.
In de bergen van de door drugsgeweld geteisterde Mexicaanse deelstaat Michoacán liep fotograaf Axel Javier Sulzbacher een volledig in het zwart gekleed jongetje met een geweer tegen het lijf. De werkelijkheid bleek vreemder dan hij had gedacht.
Hij keert graag terug naar zijn geboorteplaats en verlaat die een paar weken later weer net zo graag. Fotograaf Giulio Piscitelli legt Napels vast in al zijn contrasten.
In het Zuidoost-Aziatische land Myanmar vecht een generatie jongeren tegen het eigen leger voor hun democratische vrijheid. Volgens documentairemaker Ruben Terlou verdient hun universele strijd meer aandacht.
Source: Volkskrant