Het lijkt erop dat skeletonster Kimberley Bos een medaille op de Olympische Spelen uit haar hoofd kan zetten. De Gelderse staat vrijdag na de eerste dag in Cortina op een teleurstellende dertiende plaats bij de tussenstand.
Bos begon vrijdagmiddag met een elfde tijd in de eerste afdaling al slecht aan haar skeletonwedstrijd en viel daarna alleen maar verder terug. De Gelderse klokte een veertiende tijd in de tweede afdaling en zakte naar de dertiende plaats in de tussenstand.
De 32-jarige Bos heeft zo een wonder nodig voor een medaille. De olympische skeletonwedstrijd gaat over vier afdalingen en ze staat al ruim een seconde achter de Duitse nummer drie Jacqueline Pfeiffer. Haar achterstand op de Oostenrijkse koploper Janine Flock is 1,38 seconde.
De beslissende derde en vierde afdaling volgen op zaterdagavond (om 18.00 uur en 19.45 uur). Alleen de beste 20 van de in totaal 25 skeletonsters in de tussenstand mogen aan de vierde en laatste afdaling meedoen.
De slechte start van Bos in Cortina komt niet helemaal uit de lucht vallen. Dit seizoen wil het nog niet vlotten met de Edese. Ze eindigde bij geen van de zeven wereldbekerwedstrijden op het podium. Vorig jaar kroonde ze zich nog tot wereldkampioene en eindigde ze als tweede in de wereldbekerstand.
Ook bij de zes trainingen in Cortina d'Ampezzo bleef Bos ver van de toptijden verwijderd, al grijpen skeletonsters de trainingen vooral aan om de baan beter te leren kennen. Ze noteerde vrijdag wel haar snelste tijd in het Cortina Sliding Centre.
De 32-jarige Bos schreef vier jaar geleden op de Olympische Spelen in Peking geschiedenis door het brons te winnen. De Gelderse werd daarmee de eerste Nederlandse olympiër met een skeletonmedaille ooit.
Source: Nu.nl algemeen