Home

De rust keert terug in Utrecht na de explosie: ‘Wij zorgen dat de rotzooi wordt opgeruimd’

De rust in Utrecht keert langzaamaan terug, nadat het centrum van de stad donderdag werd opgeschrikt door een hevige ontploffing. Bewoners van getroffen woningen zijn ‘rustig en zonder problemen’ geëvacueerd, de hulpdiensten ruimen het puin op.

is verslaggever van de Volkskrant.

‘Ik ben sinds de explosie al de derde woordvoerder in de lijn’, zegt Marcel van Westendorp van de Veiligheidsregio Utrecht, die hier al vanaf 05.00 uur staat. ‘Normaal gesproken duurt een dienst acht uur, maar met zulke crises ben je wel echt aan aflossing toe.’

Bij het krieken van de ochtend, tegen 06.30 uur, stoppen de hondengeleiders van de politie hun speurhonden terug in de benches in hun auto’s op de Mariaplaats in het centrum van Utrecht. Er zijn geen overlevenden gevonden in de panden die werden beschadigd door de grote explosie van donderdagmiddag, waarvan de oorzaak nog niet bekend is. Omdat er geen personen worden vermist, gaat de politie er ‘voorzichtig’ van uit ‘dat er ook geen overledenen zijn’, zegt Van Westendorp.

Naast de woordvoerder, voor het rood-witte lint waarmee de straat is afgezet, vertelt een verslaggever van de NOS dat ‘hier allemaal hekken staan en we niet verder kunnen komen’. ‘Dat betekent dat de bewoners van dit gebied nog niet naar huis kunnen.’

‘Nog één keer’, verzoekt haar cameravrouw, terwijl ze met haar rechteroog door de lens van haar camera kijkt. Drie meter verderop vertelt een verslaggever van SBS exact hetzelfde, terwijl er een derde cameraploeg komt aanlopen, hun trekkarretje vol apparatuur rammelt op de keien.

Scherven

Achter de cameraploegen, boven antiekzaak Van Leest, zijn drie ramen gesneuveld. De scherven liggen nog beneden op de stoep. En wie verder de afgezette straat inkijkt, ziet tussen auto’s en fietsen overal scherven liggen onder kapotte ramen die al dan niet met vuilniszakken zijn afgeplakt, hoewel dit nog lang niet de Visscherssteeg is, waar de explosie plaatsvond.

Naast Van Leest, bij etablissement Jozef, staan de terrasstoeltjes nog buiten onder een zwarte parasol. Het licht binnen brandt nog, hoewel er geen mens te bekennen is. Het lijkt te duiden op de haast waarmee de panden donderdag zijn geëvacueerd.

‘Koffie?’, vraagt een brandweerman die met een zwarte thermoskan, houten roerstaafjes en suikerzakjes zwaait. ‘Nee, wij gaan nu aan de slag’, antwoorden twee geüniformeerde mannen, met ‘SGS Search’ in grote kapitalen op hun rug. ‘Sorry, geen tijd’, antwoorden ze op de vraag namens wie ze wat gaan zoeken.

Vrijwilligers

Bij de Gertrudiskapel achter het Conservatorium staat een grote brandweercontainer met mobiele toiletten. Erachter ronkt en stampt een generator in dezelfde rood-blauwe brandweerkleuren. Hij voorziet de ‘verzorgingsunit’ tegenover de grote container van stroom, legt Ed van Vugt uit, die zich voorstelt als ‘Melo’ – Medewerker Logistiek – van de brandweer. Binnen liggen broodjes, blikjes frisdrank, koekjes, koffie, thee en servies bij grote metalen bakken waarmee maaltijden kunnen worden opgewarmd.

Naast de verzorgingsunit staan een man of vijftien in brandweeruniform onder een witte partytent aan statafels in koffie te roeren en gemoedelijk te praten; de rust is hier duidelijk weergekeerd.

‘Wij zorgen voor stroom, dat de rotzooi ook weer wordt opgeruimd en dat onze mensen fatsoenlijk hun werk kunnen doen’, vertelt Van Vugt. ‘Je moet je voorstellen: er werken veel vrijwilligers bij de brandweerkorpsen. Alleen de grote steden hebben ‘beroeps’. De vrijwilligers doen dit naast hun reguliere baan. Die worden na zo’n explosie opgepiept, moeten ineens komen, hebben niet de kans om eerst bij moeder de vrouw een happie te eten, dus daar zorgen wij voor. Wie hard werkt, moet goed eten.’

De brandweervrijwilliger voegt eraan toe dat ‘de politie en de GGD altijd heel blij met ons zijn, want die hebben zo’n unit niet’. ‘Die staan soms heel lang op een droogje. Vooral vannacht was het hier ontzettend druk, er stonden meer dan tien ambulances.’

Hotel V

De geëvacueerde inwoners van de beschadigde panden zijn volgens Veiligheidsregio-woordvoerder Marcel van Westendorp opgevangen ‘bij familie en vrienden, of door hotels in de buurt’. Bij het statige Hotel V, vlakbij de Mariaplaats, is het veel drukker dan gewoonlijk. Voor de hoofdingang zitten al vroeg mensen met rugzakken, tassen en dikke winterjassen op een bankje met koffiebekers te overleggen.

Binnen denkt de receptioniste dat ze de pers niet te woord mag staan. Hoofdportier Rob springt bij en bevestigt dat het opvangen van bewoners ‘gisteravond heel makkelijk, rustig, gemoedelijk en zonder problemen’ verliep. In het restaurant aan de achterzijde van het hotel, voorbij de historische foto’s en het grote harnas, zijn alle achttien tafels bezet. Een vrouw komt binnen en omhelst een man, die haar meteen geruststelt met de woorden dat het gisteren ‘allemaal wel meeviel’.

‘Kom binnen’, zegt een gastvrije serveerster, ‘zoek maar een plekje’. ‘Iedereen is hier welkom, ook voor de pers is plaats, vandaag doen we niet zo moeilijk over kamernummers en reserveringen. Ga lekker zitten. Onze wifi-code is gratis, iets met Karel, je ziet het vanzelf. Laat maar weten als het niet lukt. Wilt u koffie of thee?’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next