Kourosh (53) en Houri (45) namen deel aan de opstand in de Iraanse hoofdstad Teheran en waren ooggetuigen van het gewelddadige ingrijpen van de veiligheidsdiensten. Op het vliegveld van Istanbul vertellen ze hun verhaal. ‘Ze schoten om te doden.’
schrijft vanuit Istanbul over Turkije, Iran, Israël en de Palestijnse gebieden.
Kourosh en Houri , woonachtig in Newcastle, waren voor familiebezoek in Iran, waar op 28 december protesten uitbraken. De afgelopen dertig jaar heeft Kourosh als doorgewinterde demonstrant meegedaan aan verschillende protesten, waaronder de Groene Beweging van 2009 en de studentenprotesten van eind jaren negentig. Ook nu sloot hij zich aan, samen met zijn partner Houri. ‘Maar deze keer was het echt anders’, beaamt hij.
‘Het verschil met voorheen is hoe verspreid deze protesten zijn over het hele land. Vroeger waren de opstanden gecentreerder, vooral in de grote steden. Nu vinden ze overal plaats en ontstaan ze veel spontaner’, vertelt het koppel.
Een andere ontwikkeling is dat momenteel alle sociale klassen en alle leeftijdsgroepen deelnemen. ‘Vrouwen en mannen, jong en oud, arm en rijk; iedereen doet mee’, vertelt Houri. ‘En vrouwen spelen een leidende rol.’
‘De grootste groep demonstranten was tussen de 15 en 27 jaar oud. Maar zelfs 11-jarige kinderen deden mee’, zegt Kourosh, zichtbaar onder de indruk. ‘Jongeren verdedigden zichzelf door barricades op te werpen met verkeerspalen en vuilcontainers. Daarmee probeerden ze de soldaten van de Revolutionaire Garde en de Basij-militie op motoren tegen te houden, zodat ze niet gearresteerd zouden worden.’
Dat zoveel mensen samenkwamen om vreedzaam te protesteren, was voor het koppel een lichtpuntje. De keerzijde was de reactie van de autoriteiten: omdat zij zo’n grote opkomst niet hadden verwacht, traden zij aanzienlijk gewelddadiger op dan bij eerdere opstanden, stelt Kourosh.
Het regime sloot alle communicatiemiddelen af en de ordetroepen gebruikten wapens die Kourosh en Houri nog nooit hadden gezien. ‘In het begin schoten ze met gewoon traangas. Maar toen ze merkten dat de betogers zich daardoor niet lieten afschrikken, zetten ze een ander soort gas in, dat ik nooit eerder had gezien. Een gemeen goedje. Je kon niet meer ademhalen, iedereen moest ervan kokhalzen.’
Toch gaven de mensen niet op, waardoor de Basij en de Revolutionaire Garde nog harder optraden. ‘De veiligheidsdiensten schoten met scherp, met automatische wapens. Ik kon mijn ogen en oren niet geloven’, aldus Kourosh. ‘De autoriteiten joegen de betogers nauwe straten in om hen daar te arresteren.’
Houri vertelt hoe een van hun buren een groep vluchtende betogers te hulp schoot door ze haar huis binnen te laten. ‘De soldaten kwamen en schoten op de deur. De betogers konden via het dak vluchten; sommigen raakten daarbij gewond. Toch durfden mensen niet naar het ziekenhuis, omdat daar veel betogers werden gearresteerd.’
Naar aanleiding van berichten op sociale media vermoedt het koppel dat tienduizenden mensen zijn gearresteerd. ‘Ik zag drie bussen staan, volgestouwd met arrestanten. Zelfs 12-jarige meisjes werden opgepakt’, beschrijft Kourosh.
Uit de verhalen van het koppel blijkt dat er veel doden moeten zijn gevallen. ‘Er zaten scherpschutters op de daken van gebouwen, die gericht op hoofden schoten’, zegt Houri. Mensenrechtenorganisaties spreken van 2.500 tot 3.500 doden, maar vermoedelijk ligt het werkelijke aantal hoger. Door de internetblokkade zijn de cijfers niet duidelijk.
Nog steeds geschokt vertelt Houri over wat de autoriteiten met de lichamen van de doden doen. ‘Lichamen worden opgestapeld in vriescontainers. Families moeten door stapels lijken graaien om hun geliefden terug te vinden. Het is afschuwelijk.’
‘De zoon van een vriend van mij was doodgeschoten’, vertelt Kourosh. ‘Toen hij het lichaam kwam ophalen, moest hij geld betalen, en hij moest een verklaring ondertekenen. Voor dat laatste kon de vader kiezen. Óf hij moest vastleggen dat zijn zoon aan een hartaanval was overleden, óf hij moest erkennen dat de jongen lid was van de Basij en was doodgeschoten door ‘terroristen’, oftewel betogers. Hij koos voor de hartaanval.’
Volgens Kourosh is het buitenproportionele optreden van de autoriteiten een teken dat het regime bang is. ‘Banger dan voorheen.’ Dat komt volgens hem door de volharding van de betogers. Op een nacht zei Kourosh tegen jonge demonstranten dat ze voorzichtig moesten zijn. Zij antwoordden: ‘Met een inkomen van 2 euro per dag hebben we niets te verliezen. Waarom zouden we bang zijn?’
Ondanks de onbevreesdheid van de betogers is het koppel bang dat de opstand aan kracht verliest. ‘Maandag was er veel teleurstelling toen bleek dat Trump openstaat voor onderhandelingen met het regime. Zijn dreigementen gaven mensen een gevoel van steun. Maar Trump is een zakenman: hij kijkt naar het belang van zijn eigen land.’
‘De Iraniërs hebben een zetje nodig, van binnenuit of van buitenaf’, denkt Kourosh. ‘Anders raken ze het momentum kwijt.’ ‘Als mensen opgeven, zal de repressie alleen maar erger worden. Dan zullen veel meer executies volgen’, vreest Houri.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant