Home

Minister Brekelmans biedt inwoners Hawija persoonlijk excuses aan voor luchtaanval

Minister Ruben Brekelmans van Defensie heeft donderdag in de Iraakse stad Hawija gesproken met nabestaanden van de Nederlandse luchtaanval op de stad, en opnieuw excuses aangeboden. Het is voor het eerst dat een Nederlandse bewindspersoon de locatie van de luchtaanval bezoekt.

is onderzoeksjournalist van de Volkskrant.

Een jaar geleden publiceerde de commissie-Sorgdrager haar onderzoek naar de toedracht van de fatale aanval in 2015, waarbij zeker zeventig Iraakse burgers om het leven kwamen. De commissie concludeerde dat Nederland met de aanval ‘bewust risico’ heeft genomen. Er werd bij de aanval op de IS-bommenfabriek volledig vertrouwd op Amerikaanse inlichtingen, die door Nederland nauwelijks gewogen konden worden.

Naar aanleiding van het rapport bood Brekelmans in een videogesprek met de burgemeester van Hawija eerder al excuses aan. ‘Hoewel het kabinet van oordeel is dat de aanval rechtmatig was, is het vreselijk dat daarbij desondanks onbedoeld burgerslachtoffers zijn gevallen’, schreef de minister toen. Ook nu benadrukt Defensie dat de aanval rechtmatig was, en wordt niet benoemd of Nederland bij de aanval fouten heeft gemaakt. Het gesprek met de nabestaanden was volgens de minister ‘indringend en aangrijpend’.

Compensatie

Op de achtergrond speelt mee dat een aantal nabestaanden en de Nederlandse staat in een juridische procedure verwikkeld zijn waarbij de rechter nog uitspraak moet doen. De nabestaanden eisen een persoonlijke vergoeding voor het leed dat hen is aangedaan. Het kabinet is van mening dat de aanval rechtmatig was, en de nabestaanden daarom niet in aanmerking komen voor compensatie.

Wel heeft Brekelmans bekendgemaakt 10 miljoen euro extra beschikbaar te stellen voor wederopbouwprojecten in Hawija, in lijn met het advies van de commissie-Sorgdrager. ‘Ik ben mij er echter zeer van bewust dat geen enkele vorm van steun het leed kan wegnemen’, schrijft Brekelmans.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next