Home

Jodie Foster: ‘Mijn eerste echte Franse rol – die móést ik spelen met een ervaren regisseur’

Jodie Foster sprak altijd al vloeiend Frans, maar op haar 63ste speelt de Amerikaanse actrice voor het eerst de hoofdrol in een Franstalige film, Vie privée. Voor regisseur Rebecca Zlotowski (45), die haar al vaker probeerde te strikken, was het eindelijk raak.

schrijft voor de Volkskrant over film.

Het vloeiende Frans van Jodie Foster is vermoedelijk alleen bekend bij de meest oplettende volgers van haar langlopende carrière. Voor het grote publiek, dat bij het horen van haar naam eerder denkt aan de stoïcijnse, gepijnigde FBI-student in The Silence of the Lambs (1991), de kindprostituee in Taxi Driver (1976) of die gebutste Noordpoolagent in seizoen vier van True Detective (2024), is dat Frans een goed bewaard geheim.

Tot nu. In Vie privée excelleert de Amerikaanse actrice als een Amerikaanse therapeut die decennia geleden naar Parijs is geëmigreerd. Op 63-jarige leeftijd maakt Foster het zich allesbehalve makkelijk met dit complexe personage, dat na de dood van een van haar patiënten vastloopt in haar werk, worstelt met het moederschap, de liefde en zelfs met haar buren.

Foster ontvangt inmiddels volop complimenten voor haar uitspraak en taalgevoel in Vie privée. ‘Raffiné’, noemde een Franse journalist haar Frans vorig jaar op het filmfestival van Cannes, tijdens een groepsinterview waarbij ook de Volkskrant aanschoof. ‘Verfijnd’.

Acteren in het Frans maakt u tot een ander persoon, zei u eens. Hoe zit dat?

‘Ik spreek de taal vrij vloeiend, maar kan mezelf niet zo goed uitdrukken als in het Engels. In het Frans voel ik me dus altijd licht gefrustreerd, een beetje onzeker ook.

‘Mijn stem is hoger: alsof-ie niet helemaal van mij is. Ik heb Frans geleerd van ouderwetse docenten uit een tijd waarin vrouwen’ – ze forceert haar stem een octaaf omhoog – ‘met een heel hoog stemmetje spraken.’ Ze lacht. ‘Persoonlijk ongemak is interessant om mee te nemen tijdens het spelen van een personage.’

Zorgde dit ongemak ervoor dat u nooit eerder een volwassen Franstalige hoofdrol aannam?

‘Deels. Ik ging de afgelopen jaren wel wat meer op zoek, en ik kreeg geregeld Franstalige scripts toegestuurd. Maar het waren meestal films van onervaren makers. Ik durfde dat niet aan: mijn eerste echte Franse rol móést ik spelen met een ervaren regisseur. Er zijn in het Frans zo veel dingen die ik niet weet, waar ik bang voor ben. Ik zocht iemand die ik ten diepste kan vertrouwen.’

Waarom was Rebecca Zlotowski, de regisseur en coscenarist van Vie privée, wel geschikt?

‘Ik vind het een prachtig verhaal dat ze heeft geschreven. Er zijn veel Franse films die je ‘gedragsfilms’ kunt noemen: de camera volgt iemand tijdens een paar dagen uit z’n leven en als kijker krijg je dan een emotionele ervaring, zonder duidelijke verhaallijn. Maar Vie privée is echt een verhalende film, daar ben ik goed in. Dat is ergens ook een anker voor me.

‘Bovendien is dit Rebecca’s zesde film, ze heeft de ervaring die ik zocht. In haar vorige film (Les enfants des autres) schetst ze de gevoelens van een veertiger met een kinderwens die zich begint te hechten aan het dochtertje van haar geliefde. Erg mooie film, niet eenduidig. Prachtig gedaan. Dat schept nog meer vertrouwen.’

Wat viel u verder op tijdens het maken van een Franse film?

‘Ik weet hoe bepalend de visie van regisseurs is in de Europese cinema. Dit is het continent van de filmauteur. Ze houden de touwtjes veel steviger in handen dan in de VS, waar de filmstudio’s het meer voor het zeggen hebben. Acteurs doen hier gewoon wat hun verteld wordt te doen, dát was mijn beeld van de Franse film.

‘Dat maakte deze hele onderneming extra spannend, want ik hou van de vrijheid om het scenario aan te passen. Ik ben 63 en durf inmiddels wel te zeggen dat ik iets ter tafel breng – wijsheid, ervaring – waar een verhaal soms beter van wordt. Het viel op hoe open Rebecca bleek te staan voor die samenwerking. Ze herschrijft en verbetert voortdurend als dat nodig is.’

Klopt het dat u de Franse nasynchronisatie van uw eigen films inspreekt?

‘Dat heb ik jaren gedaan, ja. Tegenwoordig wat minder; sinds films digitaal worden uitgebracht, is het verloop zó snel dat het me niet lukt al mijn films zelf te dubben. Maar ik hou van dat werk. Het heeft me enorm geholpen de taal beter te spreken.’

Lycée français

Het was haar moeder Evelyn, die in de vroegste jaren van Fosters acteercarrière fungeerde als haar manager, die haar op haar 9de naar het Lycée français in Los Angeles stuurde. ‘Ze ontdekte Frankrijk tijdens een bustour. Bij thuiskomst zei ze: jij gaat Frans leren. Ooit verhuizen we naar Frankrijk en ga je Franse films maken.’

Op haar 14de maakte Foster zich onsterfelijk door na de vertoning van Taxi Driver in Cannes op de persconferentie voor tolk te spelen. Met ‘koel zelfvertrouwen’, memoreerde filmjournalist Roger Ebert in zijn biografie over Taxi Driver-regisseur Martin Scorsese. De film werd in Cannes bekroond met de Gouden Palm, en een jaar later ontving Foster een Oscarnominatie voor haar rol als kindprostituee die wordt opgepikt door de psychopathische taxichauffeur Travis Bickle (Robert De Niro).

Ze woonde in die tijd een paar maanden in Frankrijk, speelde in de slipstream van Taxi Driver opnieuw zo’n zogenaamd jongvolwassen, seksueel geïnteresseerde 14-jarige in het bedenkelijke Moi, fleur bleue (1977), maar die Franse filmcarrière kwam nooit van de grond. Alleen Amélie-regisseur Jean-Pierre Jeunet strikte haar jaren later eens op basis van haar Frans, in een mooi bijrolletje als soldatenvrouw met kinderwens in het romantische oorlogsdrama Un long dimanche de fiançailles (2004).

‘Obsessie voor Jodie Foster’

Ruim twintig jaar later is daar dus Vie privée, een film die begon met ‘een obsessie voor Jodie Foster’, zegt de tevens in Cannes aanwezige regisseur Zlotowski (45). ‘Ik heb vaak geprobeerd haar te strikken. Als ik de afgelopen jaren een filmidee had, zei ik standaard: is dit iets voor Jodie?

‘Toen het hoofdpersonage van Vie privée ontstond, een hypergecontroleerde vrouw die haar leven en emoties niet onder controle kan krijgen, dacht ik vanzelfsprekend weer aan haar. Ze is dé actrice als het gaat om de wisselwerking tussen hoofd en lichaam. Ze is echt buitengewoon goed in staat haar personages hun gevoelens te laten onderdrukken. De camera vangt die worsteling: ze heeft iets intelligents en supergecontroleerds, daaronder borrelt iets waar ze geen controle over krijgt.’

In Vie privée raakt Fosters personage flink van de kaart na de plotselinge zelfdoding van een patiënt. Overspoeld door schuld duikt ze in de audioarchieven van haar therapiesessies: wellicht heeft ze iets heeft gemist? Ondertussen wordt er consequent aan haar getrokken. Door haar ex-man bijvoorbeeld, met wie ze een zoon heeft voor wie ze nooit een goede moeder heeft kunnen zijn. Over falend moederschap gaat deze film dus óók.

Is het aantrekkelijk om een falende moeder te spelen?

Foster: ‘Het is een confrontatie met mijn eigen angst. Ik heb twee zoons, dat maakt deze rol extra interessant. Tijdens de opvoeding zag ik ze langzaam van jongens in mannen veranderen. Mannen die op de maatschappelijke ladder nog zo vaak boven vrouwen staan. Niet dat ze mij domineren, maar ik denk daar wel over na. Ik heb me een leven lang staande moeten houden in een mannenwereld. De moeder-zoonband heeft voor mij daarom iets dubbelzinnigs.

‘Rebecca en ik zeggen nu de hele tijd tegen elkaar dat we een festival willen organiseren met alleen maar films over falend of ambivalent moederschap. Films die, in brede zin, een ander beeld schetsen dan dat van de begripvolle, geduldige, zorgzame moeder. Bovenaan staat We Need to Talk about Kevin, met Tilda Swinton als moeder van een jongen die zijn klasgenoten vermoordt.’

Zlotowski vult aan: ‘Ik kreeg na mijn 40ste opeens nog een baby. Ik had al een bescheiden obsessie met de fouten die we maken in ons leven. En nu ben ik al helemaal als de dood om het verkeerd te doen, om een slechte moeder te zijn.’

Ze klinkt somberder dan ze is. Monter: ‘Falend moederschap vind ik een superinteressant onderwerp voor films. Moeders krijgen toch een soort plicht opgelegd om altijd teder, zorgzaam en liefdevol te zijn. Voor mij is het makkelijk om van mijn kind te houden, om hem te beschermen, aardig te zijn. Maar ik hou er als filmmaker van om te bevragen wat evident is of lijkt.’

Ook de schaduwzijde

Zlotowski kijkt vrolijk terug op de samenwerking met Foster. Ze voelt zich aangetrokken tot het werken met filmsterren, zegt ze. En ze hoopt dat de sterren inmiddels duidelijk zien wat ze hun te bieden heeft: gelaagde, herkenbare, menselijke personages van wie vooral ook de schaduwzijde wordt belicht.

Maar voorlopig kent ze haar plek. ‘Kijk, ik kan wel zeggen dat ik al jaren met Jodie Foster wilde werken, maar uiteindelijk kiest zij voor míj. Ik heb zelf niet zoveel te zeggen. Voor Natalie Portman, die ik strikte voor mijn film Planetarium (2016), gold hetzelfde.’

Waarom die filmsterrenfascinatie? ‘Ze stellen vaak een paar eisen, en dat zorgt op de set voor een nieuwe balans die samenwerken cruciaal maakt. Ik hou van tegenwicht. Een acteur die zegt en laat zien hoe het voor haar beter kan, maakt mijn film beter, denk ik.’

Gewoon met de metro

Het moet wel gezegd dat Foster zich maar lastig met andere Hollywoodacteurs laat vergelijken, zegt ze. ‘Jodie kwam een maand voor de opnamen naar Parijs. Ik vond het leuk dat zo’n enorme ster uit Hollywood elke dag gewoon door de stad wandelde en met de metro wilde. Bij veel sterren lijkt het alsof er altijd een schijnwerper op ze staat gericht, zoals bij Angelina Jolie, maar Jodie kan dat licht ook uitzetten. Heel wonderlijk.’

Foster: ‘Er is veel veranderd tijdens onze repetities. We hebben fijn gediscussieerd. Maar ik ging niet overal dwarsliggen, hoor. Ik wil haar film niet regisseren. Het moest een film zijn waar zíj haar handtekening onder kan zetten.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next