De Europese Commissie heeft het verzoek van demissionair landbouwminister Wiersma om Nederlandse boeren opnieuw een mestvoordeel te gunnen, definitief afgewezen. Brussel is onvermurwbaar, omdat Nederland geen serieus stikstofbeleid voert.
is politiek verslaggever van de Volkskrant en schrijft over financiën en landbouw.
Eurocommissaris van Milieu Jessika Roswall heeft Wiersma maandag per brief van haar weigering in kennis gesteld. De brief uit Brussel gaat vergezeld van een vernietigende analyse van Wiersma’s mest- en stikstofbeleid. Roswalls ambtenaren laten geen spaan heel van de manier waarop Nederland omgaat met de milieuproblemen die veroorzaakt worden door de intensieve veehouderij.
De weigering uit Brussel zal weinigen verbazen, Wiersma zelf incluis waarschijnlijk. De voorkeursbehandeling die Nederlandse boeren sinds 2006 genoten, wordt per 1 januari helemaal opgeheven. De Europese Commissie trok de derogatie eind 2022 in, omdat Nederland te weinig doet aan zijn enorme mestoverschot. Sindsdien is de waterkwaliteit in Nederland niet verbeterd, maar verslechterd, rapporteren Roswalls ambtenaren aan de eurocommissaris.
Nederland verkreeg het mestvoordeel twintig jaar geleden met het argument dat Nederlandse landbouwgronden meer meststoffen (nitraten en fosfaten) opnemen dan akkers en weilanden in de meeste andere EU-lidstaten. Toenmalig landbouwminister Cees Veerman (CDA) hield de Europese Commissie in 2004 voor dat de typisch Nederlandse omstandigheden (veel kleigrond, mild zeeklimaat, lang groeiseizoen) een uitzonderingspositie rechtvaardigden. Nederlandse boeren konden volgens hem meer mest uitrijden zonder het water te vervuilen dan boeren in andere landen.
Na wat politiek handjeklap ging Brussel akkoord. Nederlandse boeren mochten tot eind 2022 daarom tussen de 35 en 50 procent meer mest per hectare gebruiken dan boeren in de meeste andere lidstaten. Deze ‘derogatie’ gaf de Nederlandse landbouw een groot concurrentievoordeel, want de Nederlandse veestapel produceert veel meer mest dan de boeren op hun land kwijt kunnen. Zelfs met derogatie moeten ze een deel van hun mest laten afvoeren en laten verwerken, wat veel geld kost.
Nu Roswall het nieuwe derogatieverzoek afwijst, zal het mestoverschot van de Nederlandse veehouders verder groeien. De afgelopen twee jaar werd de derogatie al afgebouwd.
Landbouworganisaties stellen dat mestverwerkers te weinig capaciteit hebben om alle overtollige mest te verwerken. Vanwege het overaanbod zouden ze bovendien woekerprijzen rekenen die boeren zich niet kunnen veroorloven. Vermoedelijk wordt veel mest daarom illegaal uitgereden, want de overheid doet weinig aan controle en handhaving.
Wiersma’s partij BBB heeft lang beweerd dat de Nederlandse landbouwminister ‘gewoon met zijn vuist op tafel moest slaan’ in Brussel om een nieuwe derogatie te verkrijgen. Wiersma’s voorganger Piet Adema (ChristenUnie) geloofde daar niet in en herhaalde in de Tweede Kamer constant dat Nederland in Brussel éérst moet laten zien dat het moeite doet de waterkwaliteit te verbeteren. Vervuiling met meststoffen uit de landbouw is daarbij het grootste probleem.
Wiersma meende desondanks wel een kans te maken bij de Europese Commissie, ook zonder serieus stikstofbeleid. Ze motiveerde haar aanvraag in juli met hetzelfde argument dat Veerman gebruikte. Die onderbouwing leek al zwak, want die typisch Nederlandse klimaat- en bodemeigenschappen weerhielden de Commissie er in 2022 immers niet van de derogatie in te trekken.
Het tweede argument dat Wiersma aandroeg in haar hernieuwde derogatieverzoek, is dat intrekking van het mestvoordeel een ‘zeer grote acute negatieve impact’ zal hebben op het inkomen en toekomstperspectief van Nederlandse boeren. Daarmee probeerde Wiersma de verantwoordelijkheid voor de gevolgen van haar falende beleid dus van haar eigen bureau naar dat van Roswall in Brussel te verleggen.
Roswall kaatst die bal nu gewoon terug. Haar ambtenaren schrijven: ‘Onze analyse wijst uit dat de watervervuiling in Nederland als gevolg van meststoffen uit de landbouw niet vermindert, maar op veel plaatsen is toegenomen.’ De ambtelijke staf merkt ook op dat het Nederlandse kabinet nog steeds geen concrete maatregelen heeft aangekondigd om het mest- en stikstofprobleem adequaat aan te pakken.
Wiersma heeft de afwijzingsbrief dinsdag naar de Tweede kamer gestuurd. De BBB-minister schrijft erbij dat ze Roswalls besluit ‘zeer teleurstellend’ vindt en dat ze zich ‘zal beraden op eventuele vervolgstappen’. Het kabinet komt na het kerstreces met een nadere reactie.
Luister hieronder naar onze politieke podcast De kamer van Klok. Al onze podcasts vind je op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant