Kerst in Italië Tijdens de kerstperiode bezoeken massa’s toeristen de beroemde ‘kerststraat’ in het Zuid-Italiaanse Napels. Ambachtslui maken er al eeuwenlang kerststallen die het dagelijkse leven in de achttiende eeuw weergeven. Daar geld mee verdienen wordt steeds lastiger.
Een levensgrote kerststal, gemaakt door ambachtslieden uit de Napolitaanse 'kerststraat'.
Via San Gregorio Armeno is een smalle straat in het schilderachtige hart van Napels. De straat wordt ook wel de ‘kerststraat’ genoemd, vanwege de vele ateliers waar ambachtslieden hun met de hand gemaakte kerststallen en bijhorende kerstfiguren etaleren. Tijdens de kerstperiode is van rustig kuieren geen sprake: de rij mensen lijkt eindeloos. De Zuid-Italiaanse stad verwacht in deze tijd een miljoen bezoekers.
Het atelier van de broers Vincenzo en Luciano Capuano — een okergele gevel met een donkergroen bord waarop stichtingsjaar 1840 staat vermeld — ligt aan een binnenplaats en is een bezienswaardigheid. De broers tonen kersttaferelen van verschillende afmetingen, sommige metershoog, die de Heilige Familie traditiegetrouw afbeelden in een grot en omringd door een rijk dorpsleven. Andere taferelen zijn afgebeeld in een grote glazen kast of zelfs in een uitgeholde gitaar. Op lange rekken in de winkel staan tientallen ‘herders’, zoals de kerstfiguurtjes worden genoemd, vrolijk op een rij, alsof ze wachten op hun koper.
De herders zijn beschilderd, dragen echte kleren en hebben allerlei afmetingen en kleuren. De prijzen lopen sterk uiteen. „Een herder met een hoofd uit terracotta en ogen uit glas, handen en voeten van terracotta of hout, en een lichaam op basis van ijzerdraad met hennep eromheen, afgewerkt met zijden kleertjes, kan 600 euro kosten”, zegt Vincenzo Capuano (55), die naast een leeg wijnglas achter zijn kassa zit. Een toerist schuift aan om een paar euro voor een keramieken rode hoorntje te betalen — een typisch Napolitaanse geluksbrenger die uit de Grieks-Romeinse Oudheid stamt, toen het fallussymbool al een teken van voorspoed was.
Kleine voorwerpen zoals hoorntjes gaan vlot over de toonbank. Maar de kerststallen en de herders trekken meer bewonderaars dan kopers. Een vrouw vraagt hoeveel een kleine, bontgekleurde kerststal kost. „400 euro”, zegt Capuano. De toerist zegt glimlachend „dankjewel” en loopt naar buiten.
Kersttafereel van de broers Vincenzo en Luciano Capuano.
Aldo Vucai leerde het vak van zijn grootvader.
„Het toerisme nam toe in kwantiteit, maar niet in kwaliteit”, zegt Aldo Vucai (72) even verderop in de kerststraat, terwijl hij naar de voorbij schuifelende toeristen staart. Hij leerde het vak van zijn grootvader, zijn dochter Olga zet het ambacht voort. Vucai werkt aan een kersttafereel dat hij laag na laag in een grote kunstkerstboom bouwt, en dat een paar duizend euro zal kosten. Maar op zijn werktafel liggen ook rode hoorntjes, hoefijzertjes en klavertjesvier klaar om in sleutelhangers voor toeristen te worden gedraaid — Napolitanen zijn even vroom als bijgelovig.
De kerststallen en -figuurtjes zijn niet alleen uniek omdat het een eeuwenoud ambacht betreft, maar ook omdat ze het religieuze combineren met het dagelijks leven — zoals de Napolitanen zelf. „Een traditionele kerststal geeft weer hoe het dagelijkse leven eruit zag in het achttiende-eeuwse Napels, toen de kerststal in deze stad zijn hoogtepunt beleefde”, zegt Giuseppe Serroni, voorzitter van een plaatselijke cultuurvereniging. Hij staat bij een drie meter hoge kerststal in het spookachtige kerkje van San Nicola a Pistaso, dat deze winterse middag al vroeg in een schemerlicht baadt.
De kerststal bestaat al veel langer: de allereerste wordt toegeschreven aan de Heilige Franciscus, die in 1223 in het dorpje Greccio in Midden-Italië een echte kerststal organiseerde. Levende, biddende mensen uit het dorp en een voederbak met echte dieren moesten het kerstverhaal zo levendig mogelijk overbrengen.
Het centrale punt van elke traditionele kerststal is uiteraard de Heilige Familie, met Maria, Jozef en het kindje Jezus, die bezoek krijgen van de drie wijzen uit het oosten. Maar een Napolitaanse kerststal is met tientallen metaforische details die grappig, ontroerend of juist grotesk zijn, nog veel gelaagder. Zo moet er een herberg bij, die waarschuwt voor zonde en verderf. Op het balkon van de herberg staat altijd een vrouw van lichte zeden, iets verderop ligt een uitgetelde dronkenman.
In dit kersttafereel is ook plaats voor de zielen uit het vagevuur, en voor een slager, die met zijn hakmes boven een homp vlees de kruisiging van Jezus verzinnebeeldt. Een harmonieuzer boodschap brengen de wasvrouwen, die met hun hagelwitte lakens naar de puurheid van de Maagd Maria verwijzen.
Licht en duisternis, dag en nacht, leven en dood: in een Napolitaans kersttafereel is ruimte voor allebei. „Ook voor Pulcinella bijvoorbeeld, het geliefde personage uit de commedia dell’arte [improvisatietheater] met zijn witte kostuum en zwarte masker, die zich met humor door elke tegenslag bluft, en zo de Napolitaanse volksaard symboliseert”, zegt Serroni, een schat aan kennis van lokale tradities en gebruiken.
De kerstkunstenaars van Napels houden zo de volkscultuur in leven. Maar volgens Vincenzo Capuano wordt het steeds moeilijker. „Ik denk dat ik dit jaar niet eens 15.000 euro heb verdiend.” De jaren tachtig, toen de christendemocraten aan het roer stonden in Italië en er regelmatig grote bestellingen kwamen voor ministeries in Rome, lijken ver weg. Toeristen overspoelen tegenwoordig zijn winkel, maar „met al die oorlogen houden ze liever de hand op de knip”.
Kerststallen in de Via San Gregorio Armeno in Napels, waar in kersttijd een miljoen bezoekers verwacht wordt.
Het gaat om meer dan het geld. In Napels was de kerststal altijd belangrijker dan de boom, maar in een ontkerkelijkte wereld is het precies andersom. „Op de school van mijn kleinzoon wilden ze geen kerststal meer zetten, omdat er te veel kinderen met een andere religie zijn”, zegt Aldo Vucai hoofdschuddend.
Wie beweert dat de kerststal niet inclusief zou zijn, zit er volgens hem naast: „De Napolitaanse kerststal is altijd multi-etnisch geweest.” In de achttiende eeuw was Napels al een multiculturele havenstad met handelscontacten in Noord-Afrika en het Oosten. Rijkelijk geklede figuren met een donkere huid horen bijgevolg absoluut in de kerststal thuis, zegt Vucai. „Het is van belang dat we naast ons ambacht ook die kennis niet verliezen.”
Economieredacteuren nemen je mee in de discussies die zij op de redactie voeren over actuele ontwikkelingen
Source: NRC