Home

Terwijl Meatable omviel, haalt Mosa Meat extra geld op: hoe staat het nu met kweekvlees?

De Maastrichtse start-up Mosa Meat heeft 15 miljoen euro aan nieuwe investeringen opgehaald om kweekvlees op de markt te krijgen. Voor Meatable uit Leiden viel vrijdag juist het doek. Wat zeggen die gemengde signalen over de kansen van kweekvlees?

is economieredacteur. Hij is specialist duurzaamheid en circulaire economie.

Zelden werd het eten van een stukje worst zo’n groot spektakel als vorig jaar op 17 april, in Leiden. Het ging dan ook om een Europese primeur: de eerste kweekvleesproeverij in de Europese Unie. De worstjes bevatten varkensvlees waarvoor geen enkel dier hoefde te sterven. In plaats daarvan was het opgekweekt uit stamcellen, in een reactorvat vol voedingsstoffen.

Omringd door draaiende camera’s en tientallen journalisten kregen chef-kok Ron Blaauw, prins Constantijn en kweekvleesvoorvechter Ira van Eelen elk een stukje worst voorgezet. ‘Het smaakt denk ik meer naar vlees dan het gemiddelde Engelse ontbijtworstje’, concludeerde de prins.

Weinig wees toen nog op het lot dat het bedrijf achter deze primeur, Meatable, vorige week trof. Het bedrijf is opgeheven, alle activiteiten zijn gestaakt, maakte de Britse investeringsmaatschappij Agronomics vrijdag bekend. Investeerders hadden niet genoeg vertrouwen meer in toekomstig succes en weigerden nog langer de portemonnee te trekken. Er zat ruim 85 miljoen euro aan investeringen in Meatable.

15 miljoen voor Mosa Meat

Luttele dagen hiervoor ging de Israëlische kweekvleesstart-up Believer Meats, die zich onder meer richtte op gecultiveerde kip, ook al ten onder aan geldgebrek. En dat terwijl het bedrijf dit jaar nog kon vieren dat het als eerste niet-Amerikaanse bedrijf kweekvleesproducten in de VS mocht verkopen.

Was het dan toch een onhaalbare droom, kweekvlees? Een andere bekende Nederlandse pionier, Mosa Meat uit Maastricht, logenstraft dat beeld. Deze ontwikkelaar van gecultiveerd rundvlees heeft 15 miljoen euro aan nieuwe investeringen binnengehaald, meldt het dinsdag. Daarmee staat de teller op meer dan 150 miljoen euro.

Het geld is onder meer afkomstig van staatsinvesteringsfonds Invest-NL, de Duitse vleesverwerker PHW Group en Jitse Groen, topman van bezorgdienst Just Eat Takeway. ‘Dankzij fundamentele wetenschappelijke doorbraken en schaalvoordelen produceren we nu burgers tegen een prijs die geschikt is voor restaurantmenu’s’, aldus CEO Maarten Bosch in een verklaring.

Wrang toeval

Dat het bedrijf hiermee zo kort na het nieuws over Meatable naar buiten treedt, is overigens een wrang toeval. Chief Business Officer Tim van de Rijdt spreekt in een mail enigszins verontschuldigend van een ‘ongelukkige timing, na twee mindere berichten uit de sector, maar we zijn erg trots en blij met deze stappen’.

Duidelijk is dat kweekvleesbedrijven een zware taak hebben, zegt Thijs Geijer, sectoreconoom voedselproductie bij ING. Ze moeten gloednieuwe technologie op poten zetten en opschalen. Er kunnen jaren overheen gaan voordat toezichthouders de voedselveiligheid hebben beoordeeld en hun producten in de verkoop mogen. En dan zijn ze nog niet eens begonnen met het daadwerkelijk veroveren van marktaandeel op de vleesindustrie. Geijer: ‘Je hebt investeerders nodig met een lange adem, die hier voor lange tijd veel geld in willen steken.’

Volgens hem kun je de toekomst van kweekvlees niet goed afmeten aan het wel en wee van individuele bedrijven. Bedrijven gebruiken verschillende technologieën om hun vlees te cultiveren. Zo claimt Mosa Meat dat het tachtigduizend burgers kan kweken uit een brokje vlees ter grootte van een peperkorrel, verkregen van een koe onder verdoving. Meatable werkt met een andere methode: stamcellen uit de navelstreng van varkens.

‘De investeerders hierachter wedden vaak op meerdere paarden’, zegt Geijer. Neem alleen al Agronomics: de Britse investeringsmaatschappij die het einde van Meatable aankondigde, heeft ook een belang in Mosa Meat.

Eerst in Verenigd Koninkrijk

Hoe weerbarstig de praktijk is, blijkt wel uit het feit dat zowel Mosa Meat als Meatable allang voet aan de grond hoopte te hebben in Singapore. Dit was het eerste land ter wereld dat kweekvleesproducten op de markt toeliet. Maar goedkeuring hebben de Nederlandse bedrijven nog steeds niet. ‘In Singapore liggen veel dossiers van veel bedrijven te wachten en er is beperkte mankracht beschikbaar’, verklaart Van de Rijdt.

Net als Meatable kan Mosa Meat zijn product nog nergens daadwerkelijk verkopen. Van de Rijdt verwacht als eerste toestemming van het Verenigd Koninkrijk. ‘We hopen dat dit begin 2027 gebeurt. Daarna verwachten we dat de EU en Zwitserland binnen ongeveer een jaar zouden kunnen goedkeuren.’

In sommige EU-lidstaten is de weerzin tegen kweekvlees groot. Zo riep Hongarije op tot een verbod, om de traditionele landbouw en menselijke gezondheid te ‘beschermen’. Onnodig, oordeelde de Europese Commissie: de evaluatie van de Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid biedt de volksgezondheid bescherming genoeg.

Het Nederlandse klimaat is stukken vriendelijker, ziet sectoreconoom Geijer. Hij wijst erop dat Nederland van oudsher innovatief is als het om landbouw gaat en dat vooroplopen bij kweekvlees daar goed bij past.

In 2023 kwam er nog een subsidiepot van 60 miljoen euro vrij die specifiek bedoeld is voor ‘cellulaire agricultuur’ – waaronder kweekvlees. ‘Dat is een signaal dat de Nederlandse publieke sector hier echt waarde aan hecht. Het omvallen van Meatable is daarmee een knauw voor Nederland.’

Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next