Home

UMC Utrecht gaat wereldwijd uniek onderzoek doen naar dagboeken van misbruikslachtoffers

Al dertig jaar verdiept klinisch psycholoog Iva Bicanic zich in seksueel misbruik van kinderen. Als hoogleraar gaat ze slachtoffers langdurig volgen en zich verdiepen in hun dagboeken. ‘We moeten misbruik zo veel mogelijk in het licht zetten.’

is politie- en justitieverslaggever van de Volkskrant.

Het Universitair Medisch Centrum Utrecht gaat onderzoek doen naar dagboeken van slachtoffers van seksueel misbruik. Het gaat om een vierjarige studie, die begint in 2026 en ‘wereldwijd uniek’ is, zegt klinisch psycholoog Iva Bicanic (53). Zij zal het wetenschappelijke onderzoek begeleiden.

Via sociale media worden volwassenen die als kind slachtoffer werden van seksueel misbruik uitgenodigd om hun dagboek van destijds, of delen daarvan, uit te lenen en met onderzoekers te praten. Het belangrijkste deel van de studie bestaat uit een analyse van teksten van kinderen die hun geheimen hebben opgeschreven.

‘We gaan kijken of er bepaalde patronen in zitten’, legt Bicanic uit. ‘Hoe praten kinderen met zichzelf over de misbruiksituatie? Hoe proberen ze zich staande te houden? Wat gebeurt er in hun hoofd, voordat ze iemand in vertrouwen nemen? Zo hopen we de juiste taal te vinden, zodat we jonge slachtoffers beter leren begrijpen en kunnen aansluiten op hun belevingswereld. Misschien zullen ze dan sneller besluiten om hun verhaal te doen.’

Hoogleraar

Het nieuws over het onderzoek valt samen met de benoeming van Bicanic bij de faculteit medische wetenschappen van de Universiteit Utrecht tot hoogleraar ‘seksueel misbruik van kinderen: de gevolgen en behandeling’. Ze verdiept zich al sinds haar studietijd, dertig jaar geleden, in dit onderwerp.

Bicanic is de oprichter van het Landelijk Centrum Seksueel Geweld en werkt daar nu als directeur kennisontwikkeling. Ook is ze hoofd van het Landelijk Psychotraumacentrum voor Kinderen en Jongeren in het Wilhelmina Kinderziekenhuis (WKZ) in Utrecht. Daar behandelt ze met haar collega’s kinderen die langdurig seksueel zijn misbruikt. Beide functies zal ze combineren met haar hoogleraarschap.

Volgens Bicanic is het ‘niet ongewoon’ dat kinderen jarenlang zwijgen over misbruik. ‘Gemiddeld duurt het 13,5 jaar voordat slachtoffers erover praten. Omdat ze zich schamen en zichzelf verwijten wat er is gebeurd. Vaak worden ze onder druk gezet door de pleger, en zijn ze bang dat de familie uit elkaar valt als ze het vertellen. Want de pleger is meestal een bekende.’

De hoogleraar is blij dat ze langdurig onderzoek kan gaan doen naar misbruikte kinderen. ‘Ik zit vol plannen, een jaarlijkse check-up voor misbruikslachtoffers bijvoorbeeld, zoals het UMC die nu heeft voor chronisch zieke kinderen. Die komen een of twee keer per jaar bij een multidisciplinair team dat vragen stelt als: hoe gaat het met vrienden maken? Hoe gaat je familie met je ziekte om? Want zoiets heeft invloed op je levensloop.’

‘De gevolgen van misbruik op iemands leven kunnen ook enorm zijn. Het vergroot bijvoorbeeld de kans op suïcide, automutilatie, depressie of verslaving. Mede doordat veel slachtoffers zichzelf opsluiten en er niet met dierbaren over praten. Terwijl sociale steun juist belangrijk is bij traumaverwerking.’

Vaak krijgen slachtoffers pas jaren na het misbruik last van angsten of psychische stoornissen. Hoe komt dat?

‘Als je als kind van 7 of 8 jaar seksueel wordt misbruikt, snap je dat eigenlijk nog niet echt. Je hebt net de fase van doktertje spelen achter de rug en bent er nog helemaal niet aan toe om iemand op de mond te zoenen of meer te doen. Je bent niet opgewassen tegen de seksuele begeerte, macht en manipulatie van een ouder kind of volwassene. Er zit niks anders op dan je aanpassen, overleven.

‘Naarmate je ouder wordt, ga je beter beseffen wat jou is overkomen en verandert de betekenis die je aan je ervaringen geeft. Met dat besef kunnen ook de klachten komen. Vaak in de eerste jaren van de middelbare school, waar identiteit meer een rol gaat spelen: wie ben ik, bij welk groepje hoor ik? Daar kunnen de gevolgen van misbruik zich gaan wreken.’

Hoe?

‘In de seksuele identiteitsvorming, bijvoorbeeld. Zo zijn er jongens die denken dat ze homoseksueel zijn, omdat ze een erectie hadden tijdens het misbruik. Dat is een automatische respons die niets te maken heeft met opwinding of toestemming, maar schuldgevoel kan oproepen.

‘We gaan langdurig een cohort kinderen volgen, vanaf de leeftijd van 6 jaar, om te kijken hoe misbruik hun ontwikkeling beïnvloedt, ook in seksueel opzicht. Ze kunnen gepreoccupeerd raken met genitaliën en dwangmatig masturberen, of juist niet. Daar weten we nog weinig over. De meeste informatie die we nu hebben over de langetermijngevolgen, komt van volwassenen die terugkijken op hun leven.’

In hoeverre kun je aan een kind zien dat het is misbruikt?

‘Bij slechts een op de drie bewezen misbruikte kinderen zijn er signalen. En die wijzen vaak niet eens specifiek op misbruik. Buikpijn, een kort lontje, slaapproblemen, teruggetrokken gedrag. Dat kan van alles zijn.

‘Dit gebeurt zó vaak. Een op de zeven inwoners van Nederland heeft seksueel misbruik inclusief penetratie meegemaakt. Dat zijn ruim 2,5 miljoen mensen. In elke basisschoolklas zitten gemiddeld twee slachtoffers van misbruik, online of offline.

‘De gemiddelde Nederlander vindt het niet leuk om dit te horen. Die wil wegkijken, er niet aan denken. Dat snap ik, het is ongemakkelijk. Maar plegers profiteren daarvan. Dit probleem doet het goed in het donker. Daarom is het belangrijk dat er nu een leerstoel is. Dit laat zien dat seksueel misbruik een structureel maatschappelijk vraagstuk is dat wetenschappelijke aandacht verdient. Dit is een podium dat we kunnen gebruiken om misbruik zo veel mogelijk in het licht te zetten.’

Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next