Home

De gen Z-redactie van ‘The European Correspondent’ wil pan-Europese journalistiek normaliseren

De jonge redactie van The European Correspondent draaide jarenlang op vrijwilligerswerk van beginnende journalisten. Met een nieuwe beurs van 2 miljoen euro zijn de ambities gegroeid: ‘We willen bijdragen aan de Europese gemeenschapszin.’

schrijft voor de Volkskrant over sport en media. Eerder was hij nieuwsverslaggever.

Het is 11.00 uur ’s ochtends, schoonmakers doen hun dagelijkse rondje in het Atelier des Tanneurs, een bedrijfsruimte vlak naast het spoor in de Brusselse wijk Marollen. Boven in het gebouw, op twee hoog, staat een groenwitte deur op een kiertje. ‘The European Correspondent. European journalism under construction, is te lezen op een kreukelig A4’tje dat met vier plakbandjes op de deur is geplakt.

Achter de deur bevindt zich een klein kantoor met vijf tafels, vijf stoelen en twee computerschermen. In de hoek staat een jonge, florerende monstera met daaronder tien kleurrijke edities van The European Review of Books. Aan de verder witte, kale muren hangt één grote lijst met daarop negen verschillende afbeeldingen van Europa, steeds met andere grenzen. Bovenaan prijkt de prikkelende vraag: ‘What is Europe?’

Laat dat nu net een van de vragen zijn waar het om draait bij The European Correspondent, een Europese mediastart-up die in november zijn driejarige jubileum vierde. Het medium maakt pan-Europese journalistiek, oftewel verhalen over Europa als continent, voor een Europees publiek.

Door en door Europees

‘Het ontbrak ons aan een medium dat door en door Europees is’, vertelt de Duitse Julius Fintelmann (23), hoofdredacteur en medeoprichter van het medium, terwijl hij achter zijn bureau van zijn thee nipt. ‘Natuurlijk zijn er media zoals Euractiv en Politico, die zich richten op de Europese instellingen in Brussel, maar Europa is meer dan de Europese Unie. Grof gezegd schrijven die media over Brussel voor beleidsmakers, wij over Europa voor Europese burgers.’

‘Ik wil journalistiek lezen die verbanden legt tussen Europese landen’, aldus Fintelmann. Hij denkt dat sommige ontwikkelingen beter begrepen worden vanuit een Europees perspectief. ‘Denk bijvoorbeeld aan de huizencrisis. Dat is een probleem waar elke Europese hoofdstad mee worstelt en waarvan de onderliggende oorzaak hetzelfde is. Dat willen we niet alleen laten zien, ook geven we aandacht aan hoe de verschillende steden dit proberen op te lossen.’

‘Of kijk naar de protesten in Turkije, Servië en Georgië. Dat zijn geen geïsoleerde gebeurtenissen, maar onderling verbonden bewegingen die ook door een Europese lens bekeken kunnen worden.’

Mario Kart

Het idee voor de start-up ontstond bijna vier jaar geleden in Basel, waar Fintelmann samen met goede vriend en medeoprichter Philippe Kramer (25) is opgegroeid. Tijdens een spelletje Mario Kart praatten de twee elkaar bij over wat er speelde in hun woonplaatsen – Fintelmann woonde op dat moment in Amsterdam voor zijn studie – toen ze zich realiseerden dat ze een platform misten waarop ze die informatie konden lezen. Tien maanden later, nadat ook de Zwitserse Carla Allenbach (31) zich bij de twee had gevoegd, ging de eerste digitale nieuwsbrief de deur uit.

‘Onze journalistiek is compleet veranderd sinds die eerste nieuwsbrief’, blikt Fintelmann terug. ‘Waar we begonnen met korte en bondige nieuwsupdates over elk Europees land, zoomen we nu wat meer uit.’

Bij elk verhaalidee vraagt de redactie zich af: hoe is dit relevant voor iemand aan de andere kant van het continent? Fintelmann: ‘In principe moet een verhaal uit Letland relevant zijn voor een Portugese lezer. Maar niet altijd. We plaatsen ook bijzondere lokale verhalen omdat ze gewoon leuk zijn om te lezen.’

De jonge hoofdredacteur is vandaag alleen in het Brusselse kantoor. Dat is niet uitzonderlijk, gezien de organisatie fully remote werkt. Het team van vaste redacteuren (grotendeels twintigers) woont verspreid over verschillende Europese steden, zoals Praag, Amsterdam, Warschau en Valletta. Elke vrijdagochtend komt iedereen digitaal bijeen om de geplaatste artikelen en redactionele lijn te bespreken. Een maand geleden kwam de gehele groep voor het eerst samen, in Brussel.

Netwerk correspondenten

Naast het kernteam heeft The European Correspondent een groot netwerk aan correspondenten. Op Rusland, Belarus en Azerbeidzjan na zit in elk Europees land minstens één lokale correspondent. ‘We willen dat onze journalisten dicht op de verhalen zitten waarover ze schrijven’, legt Fintelmann uit. ‘Dus in plaats van dat ik vanuit Brussel een verhaal ga schrijven over Polen of Oekraïne, hebben we Poolse en Oekraïense journalisten die dat vanuit daar doen.’

In tegenstelling tot correspondenten die voor landelijke media werken, schrijven deze correspondenten voor een Europees in plaats van een nationaal publiek. Fintelmann: ‘Onze correspondenten schrijven niet over hun land, maar over Europa, met hun land als specialisatie. Dat is een verschil met bijvoorbeeld Nederlandse correspondenten die een land verslaan door een Nederlandse in plaats van Europese lens.’

Om die reden ziet hij The European Correspondent niet als concurrent van nationale nieuwsorganisaties. ‘We richten ons op lezers die al een landelijke krant lezen en daarnaast nieuwsgierig zijn naar wat er binnen een Europese context buiten hun eigen landsgrenzen gebeurt.’

Gen Z-redactie

De afgelopen drie jaar hebben er in totaal zo’n 400 mensen bijgedragen aan het ambitieuze project, dat door sommige duiders de ‘gen Z-redactie van Europa’ wordt genoemd. Nogal opmerkelijk is dat vrijwel iedereen dat deed op vrijwillige basis. Hoe krijg je zoveel mensen bereid om tijd en moeite te steken in een project waarvan slechts de contouren zichtbaar zijn?

‘Dat was ook voor ons een heel aangename verrassing’, zegt Fintelmann met een kleine lach die blijvend ongeloof verraadt. Toch denkt hij hun motivatie wel te begrijpen. ‘Mensen vinden het cool om onderdeel te zijn van iets nieuws en wij boden hen de kans om een portfolio in het Engels op te bouwen. Bovendien beschik je plotseling over een netwerk van journalisten uit heel Europa.’

Afgezien van wat kleine beurzen, donaties en advertentiegelden bleef permanente financiering lange tijd uit. Daar kwam in maart dit jaar een einde aan, toen het mediacollectief te horen kreeg dat het aanspraak zou maken op een riante beurs van de Europese Commissie.

2 miljoen euro

Sinds juni ontvangen ze voor de duur van twee jaar in totaal iets meer dan 2 miljoen euro, met als doel daarna op eigen benen te kunnen staan. ‘Het was een lange procedure en het aanvraagformulier was meer dan 100 pagina’s lang’, vertelt Fintelmann. ‘We waren ontzettend blij dat we groen licht kregen.’

Dankzij de subsidie kon The European Correspondent afgelopen ­zomer flink reorganiseren. Waar verslaggeving eerst was onderverdeeld in Europese regio’s, zijn de redacties nu verbonden aan een bepaald thema, zoals democratie, milieu, cultuur en economie. Daarvoor zijn vaste redacteuren aangenomen. Ook ontvangen freelancers nu een vergoeding voor hun bijdragen en is geïnvesteerd in mensen die de stichting financieel onafhankelijk moeten maken van het tijdelijke EU-geld.

Het fonds financiert nu 90 procent van de activiteiten. De hoop is dat als de subsidie over anderhalf jaar afloopt, de organisatie meer op advertentie-inkomsten en donaties kan leunen. Paywalls en betalende abonnees ziet de redactie niet zitten, omdat die een barrière zouden vormen voor Europese burgers om hun artikelen te lezen. Ze willen hun journalistiek graag voor iedereen open en toegankelijk houden.

Vertalers

Een belangrijke voorwaarde voor het ontvangen van de beurs was dat de Europese journalisten in verschillende talen zouden gaan publiceren, om zo een breder publiek aan te spreken. Vanaf november worden daarom alle Engelstalige artikelen standaard naar het Duits vertaald door vaste vertalers. Begin volgend jaar volgen het Frans, Spaans, Italiaans, Pools en Oekraïens. ‘Hoewel mensen elk jaar beter lijken te worden in Engels, geven ze uiteindelijk toch de voorkeur aan de taal die hen het beste ligt’, aldus Fintelmann, die aangeeft dat de eerste reacties op de Duitse uitgave positief zijn.

Volgens de hoofdredacteur wil The European Correspondent Europese burgers niet alleen informeren, maar hen ook een veilige haven bieden. ‘We willen hen het gevoel geven onderdeel te zijn van een Europese gemeenschap, ze het idee geven dat ze er niet alleen voor staan, ondanks de huidige problemen binnen en buiten het continent, niet alleen voor staan’, aldus Fintelmann.

Dat is nodig, zegt hij, om ‘autoritaire neigingen’ op het continent het hoofd te bieden. Getuige het gestegen aantal lezers – hun dagelijkse, gratis nieuwsbrief heeft inmiddels meer dan 70 duizend abonnees en op Instagram heeft het account zo’n 93 duizend volgers – lijkt hier behoefte aan te zijn.

‘We laten onze lezers achter met een hoopvol perspectief. Dat proberen we door een constructieve toon aan te slaan en geen cynisme in onze artikelen te laten sluipen.’ Ter illustratie verwijst Fintelmann naar hun verslaggeving van Turkse maatschappelijke organisaties die femicide op de kaart zetten en van Europese burgers die zich op vrijwillige basis inzetten voor de verdediging van hun land.

Ambitieus

Volgens Fintelmann is deze strategie niet alleen wenselijk voor de lezer, maar ook bedrijfsmatig gunstig. ‘Uit verschillende lezersenquêtes blijkt dat mensen behoefte hebben aan positieve en constructieve verhalen, en aan een zekere dosis entertainment. Als je daar geen gehoor aan geeft, zul je uiteindelijk lezers kwijtraken.’

Met die eigen toon en stijl hoopt The European Correspondent uiteindelijk een Europese publieke sfeer te creëren. Fintelmann: ‘Onze missie is dat het consumeren van Europese journalistiek net zo normaal wordt als het lezen van lokaal en nationaal nieuws, en dat mensen vervolgens over dat nieuws gaan debatteren met hun vrienden.’

Om dat te bereiken willen ze over drie jaar een miljoen abonnees op hun nieuwsbrief hebben, wat zou betekenen dat hun lezerspubliek met een factor tien moet vergroten. Een ambitieus doel, beseft Fintelmann, die het desondanks niet aan zelfvertrouwen ontbreekt. ‘Er zijn 450 miljoen Europeanen, dus om relevant te zijn is dit het minimale. Bovendien hebben we de afgelopen drie jaren voor hetere vuren gestaan.’

Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next