Vrijdag presenteerde topadviseur Peter Wennink zijn advies aan het toekomstige kabinet over hoe Nederland welvarend kan blijven. Er hangen ‘donkere wolken’ boven de economie. De Volkskrant vroeg vier economen: gaat zijn plan Nederland redden?
is economieredacteur voor de Volkskrant. Hij schrijft onder meer over de techsector.
‘Nu zijn we rijk, dat kunnen we misschien nog tien, twintig jaar volhouden, maar daarna komt de man met de hamer.’ Het is een scherpe analyse waarmee oud-ASML-topman Peter Wennink Nederland wakker wil schudden. Nederland moet kiezen hoe het zijn schaarse grond, stikstofruimte en menskracht benut. Dat betekent volgens Wennink: ruim baan (en geld) voor hoogtechnologische en andere sterk winstgevende bedrijvigheid, minder plek voor onder meer slachthuizen, landbouw en de papierindustrie. Economen delen zijn pleidooi, maar er klinkt ook kritiek.
Barbara Baarsma, hoofdeconoom PwC en hoogleraar toegepaste economie (UvA): ‘Als we niets doen, lopen we tegen een muur. Dan kunnen we onze sociale zekerheid niet meer betalen en worden we een land van wachtrijen: in de zorg, als je een vergunning wilt of een uitkering.’
Sandra Phlippen, hoofdeconoom ABN Amro: ‘Als je niks doet, dan is klimaatverandering misschien wel het schadelijkste gevolg. Maar natuurlijk doet geopolitieke veiligheid er ook toe. Dat is een argument voor het behouden van onze staal- en chemische industrie. Hoe combineer je die belangen? Ik zie daar in dit rapport nog altijd geen goed antwoord op. Wennink noemt wel de energietransitie, maar hij analyseert niet hoe je met al die economische groei binnen de planetaire grenzen kunt blijven.’
Steven Brakman, hoogleraar internationale economie (RUG): ‘Wat ik aardig vind, is dat Wennink ook een positieve toon aanslaat. We zijn al goed in heel veel dingen, zoals chiptechnologie en biotechnologie, en dat moeten we versterken.’
Baarsma: ‘De Nederlandse economie draait op volle capaciteit: er is geen vierkante meter meer over, bijna alle arbeid is bezet. De samenleving vergrijst, en dan is een hogere productiviteit de enige manier om te blijven groeien.
‘Er zijn sectoren die weinig waarde toevoegen per vierkante meter, per uitgestoten eenheid stikstof, of per liter water. Maar ook binnen die sectoren zitten koplopers met een hoge arbeidsproductiviteitsgroei. Ik vind het daarom goed dat Wennink niet pleit voor de ondersteuning van specifieke sectoren, maar van technologieën. Die kun je toepassen in alle sectoren, van de bouw en het transport tot de zakelijke dienstverlening.’
Sierdjan Koster, hoogleraar economische geografie (RUG): ‘Inderdaad moet de productiviteit omhoog, dat laat Nederland al te lang liggen. Maar dit advies leunt te veel op techniek en vertrouwen in het bedrijfsleven. Economische waarde leidt niet automatisch tot maatschappelijke waarde.
‘Automatisering en AI stimuleren is bijvoorbeeld belangrijk, maar daar komen nog wel vragen bij. Hoe ga je om met dataveiligheid, hoe zit het met de impact op het milieu? Daar zegt het rapport niks over.’
Phlippen: ‘Het is geen lobbystuk van een bepaalde industrie. Ik maak me wel een beetje ongerust over zijn 51 concrete voorstellen voor projecten om in te investeren. De overheid moet heel voorzichtig zijn met het aanwijzen van winnaars in de economie. Dat leidt vaak weer tot lobby en inefficiëntie.’
Brakman: ‘Waarom zouden bureaucraten, of meneer Wennink, een betere glazen bol hebben dan de markt? Met die kanttekening ben ik een voorstander van de oprichting van een Nationale Investeringsbank, een soort opvolger van het Groeifonds. We moeten dan niet schrikken als er projecten waar overheidsgeld in zit mislukken. Dat hoort erbij als je investeert in moderne technologie.’
Koster: ‘Een ander punt is dat dit stuk toch vooral gaat over Eindhoven, de Randstad en Wageningen. Voor de vraag hoe je zorgt dat de opbrengsten goed over alle regio’s worden verdeeld, heb je een breder verhaal nodig.’
Baarsma: ‘Eerst komt het zuur, pas over een paar jaar het zoet. Omdat de tijdshorizon in de politiek ultrakort is, maak ik me zorgen of politici dat aandurven. Als je meer gaat sturen op ruimtelijke ordening, kan het zijn dat je uitzicht wordt verpest door windmolens. Of dat boeren vlak bij een natuurgebied moeten stoppen, terwijl hun familie daar al generaties zit. Sommige mensen zullen zich moeten omscholen van een bureaufunctie naar een technische functie, en dat vergt wel wat meer dan een cursusje. Dit vraagt veel van de samenleving.’
Phlippen: ‘Dat is ook mijn zorg. Ik ben het helemaal eens met wat Wennink zegt over het creëren van goede randvoorwaarden voor bedrijvigheid. Maar dit soort plannen gaat vaak hoog over de hoofden van veel mensen heen. Hoe zorg je ervoor dat zij deze grote ambitieuze veranderingen kunnen volgen? En gaan mensen uit laagproductieve sectoren allemaal werk kunnen vinden in hoogproductieve?’
Brakman: ‘Wennink houdt de urgentie hoog. Zijn rapport is goed getimed, zo tijdens de formatie. De optimist in mij zegt dat er echt wat mee zal worden gedaan.’
Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant