Na een zware bevalling kampte Marjet met complicaties. Er werd een voorwandplastiek geplaatst, later kwam een bekkenbodemmatje. Haar klachten zijn alleen maar toegenomen.. Een serie over mensen die spijt hebben van hun beslissing.
Barbara van Beukering is journalist. Voor Volkskrant magazine interviewt zij wekelijks mensen over spijt.
‘Ik kon opeens niet meer plassen als ik heel nodig moest. De huisarts vermoedde dat het een verzakking was. Dat houdt in dat je bekkenbodem, een soort hangmatje van spieren, slap is geworden. Dat komt regelmatig voor na zware bevallingen. Mijn oudste is met een vacuümpomp geboren en ik ben bij de bevallingen van mijn beide kinderen ingeknipt, aan twee kanten. Mijn baarmoeder en blaas waren gaan zakken en doordat mijn bekkenbodem niet genoeg tegenwicht bood, werd de urineleider dichtgedrukt.
In het ziekenhuis werd een voorwandplastiek geplaatst. Ik vergelijk het altijd met het elastiek in je broek dat gaat lubberen. Je kunt er nieuw elastiek in maken, dan is je broek weer goed. Je kunt het elastiek ook een stukje korter maken waardoor je broek weer past, maar de rek is er dan nog steeds uit. Dat is het principe van een voorwandplastiek, ze halen er wat ruimte uit. Behalve dat ik daarna pijn had bij het zitten, kon ik toen helemaal niet meer plassen. Om dat op te lossen, hebben ze me zelf leren katheteriseren. Je brengt een buisje naar binnen waardoor je kunt plassen. Dat klinkt moeilijk, maar dat is het niet, het is hooguit gedoe.
Drie jaar zeulde ik rond met katheters. Er zaten er altijd een paar in mijn tas, plus de washandjes voor de hygiëne. In die tijd werd ik ook steeds langer ongesteld, tot ik op een gegeven moment permanent menstrueerde. Ik raakte daarvan uitgeput, kwam de trap nauwelijks meer op en kon niet meer over de brug fietsen. Ik ben naar de gynaecoloog gegaan, hier in het streekziekenhuis. Hij constateerde een vleesboom waardoor mijn baarmoeder niet meer goed samentrok en ik als het ware aan het leegbloeden was. Hij stelde voor om de baarmoeder te verwijderen. Dit is het eerste moment waar ik spijt van heb. Ik had me er beter in moeten verdiepen. Gewoon googelen. Achteraf bleek dat je zo’n vleesboom ook kunt verwijderen middels een ingreep waarbij de bloedvaten worden afgesloten. Ik heb spijt dat ik me niet beter heb later informeren.
Na de operatie waarbij mijn baarmoeder was verwijderd, was ik in eerste instantie blij, want het bloeden was gestopt en ik kon gewoon weer naar de wc. Maar niet lang daarna begon het gedonder. Ik voelde iets raars aan de achterkant van mijn vagina. Ik ging terug naar dat streekziekenhuis, naar diezelfde gynaecoloog. Hij constateerde een verzakking aan de achterwand die opgelost kon worden met een achterwandplastiek. In feite hetzelfde als wat ze met de voorkant hadden gedaan. Dit is mijn tweede spijtmoment: waarom ben ik teruggegaan naar diezelfde gynaecoloog, in het streekziekenhuis?
Zes weken later voelde ik al dat het helemaal niet goed zat. De gynaecoloog zei ‘o nee!’, en keek me vol medelijden aan. Hij verwees me door naar een internist. Na allerlei onderzoeken zou deze arts mij op een maandag voor de uitslag bellen. Hij belde al op vrijdag op mijn werk: ‘Nou mevrouw, ik bel toch maar even want het is indrukwekkend.’ Doordat mijn baarmoeder was verwijderd, was de hele endeldarm naar beneden gevallen. ‘Dat wordt een bekkenbodemmatje’, was zijn conclusie.
Ik ben me erin gaan verdiepen, toen wel. Een specialist die er veel verstand van had, was verbonden aan een privékliniek. Voor een second opinion ben ik daarheen gegaan. Ook deze deskundige zei: ‘Je hebt echt zo’n matje nodig, je kunt niet zonder.’ Hij verwees me door naar een groot regionaal ziekenhuis waar ze veel ervaring met deze operatie hadden. De arts daar liet me het kunststof matje zien. Ik was huiverig, want ik wist dat die matjes negatief in het nieuws waren geweest. Ik vroeg of er alternatieven waren. Ze vertelde dat ze bezig waren met een matje van de maag van een schaap. Maar dat hadden ze tot nu toe nog niet voor deze operatie gebruikt en dat moest ook nog door de ethische commissie worden goedgekeurd. Het zou dan veel langer duren en dat was niet aan te raden. Het plastic matje werd geplaatst.
Daar zit de grootse spijt. Dat ik niet heb gezegd: ‘Nee, ik wacht wel, ik wil dat schaap.’ Ik had er best nog een poosje mee door kunnen lopen, ik liep er tenslotte al maanden mee. Dat risico had ik moeten nemen, want toen ik uit die operatie kwam, kon ik niet meer goed poepen. Ik heb aandrang terwijl ik niet moet en dat kan ik alleen maar oplossen door te gaan wandelen. En als ik dan moet, dan moet ik ook echt nú. Ik kan het misschien twee minuten ophouden, dus ben ik in feite incontinent. Ik ben altijd bezig met: waar is een wc? Kan ik naar een wc? Ik prijs mezelf gelukkig met een werkgever die weet dat ik chronisch ziek ben en er begrip voor heeft dat ik lang op de wc zit en regelmatig plots de deur uit moet om te wandelen.
Ik had mijn gevoel moeten volgen. Mijn grote spijt is dat ik niet heb opgelet. Ik ben niet boos op de artsen, want zij doen hun best. Het is ook niet per se dom wat ik gedaan heb, maar ik had zoveel beter gekund. Ik heb een universitaire opleiding, ik ben niet de eerste de beste die zich met een kluitje het riet in laat sturen. Van het zelfverwijt kon ik niet meer slapen en ik kreeg paniekaanvallen waarvoor ik in therapie ging. De psycholoog heeft me technieken geleerd tegen de paniekaanvallen. Die gingen weg, maar de spijt bleef.
Ik heb op zich geen spijt van het feit dat ik geen baarmoeder meer heb. Ik was niet heel erg gehecht aan mijn baarmoeder, had er geen emotionele band mee. Je hoort vrouwen soms zeggen dat ze zich niet meer vrouw voelen sinds hun baarmoeder is verwijderd. Daar zit ik totaal niet mee. Ik had mijn kinderen, dus ik was al klaar. Wel heb ik spijt van de consequenties van die verwijdering. Het bleek een steungevend orgaan te zijn, een soort kurk, waardoor ik anders denk ik niet zo’n erge verzakking had gehad.
Om van mijn spijt af te komen ben ik bij een Facebookgroep gegaan voor vrouwen met een bekkenbodemmatje. Toen ik vroeg of iemand tips had waar ik heen kon gaan voor mijn klachten en het matje eventueel te laten verwijderen, kreeg ik tegenstrijdige adviezen. Ik ben er weer uit gestapt vanwege het nocebo-effect. Dat als je de bijsluiter van een medicijn leest, je onmiddellijk alle klachten krijgt. Veel vrouwen krijgen door zo’n matje aandoeningen die tot van alles en nog wat kunnen leiden. Ik wilde al die kwalen niet horen, want dan zou ik helemaal een hypochonder worden.
Ik weet natuurlijk nooit zeker of ik door het schapenmatje klachtenvrij was geworden, maar ik had dan in ieder geval geen plastic in mijn lichaam gehad. Ik geloof niet dat de operatie nog hersteld kan worden. Zo’n matje verwijderen is net zoiets als kauwgum uit je haar halen. Niemand durft dat aan. Bovendien is de kans aanwezig dat als ik het matje laat weghalen, dat de boel nog meer verzakt en dat ik met een stoma eindig. Dat zou voor mij de druppel zijn. De hele erge spijt is dat het zo onomkeerbaar is, ik kan het niet meer oplossen. En ik heb het zelf laten gebeuren.’
Kampt u ook met diepe gevoelens van spijt en wilt u daarover in deze rubriek praten, stuur dan een mailtje naar b.vanbeukering@gmail.com
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant