Home

Zoals het nu loopt, zou Klaver weleens in een tamelijk comfortabele positie kunnen belanden

Gezien de verhoudingen zal zelfs Yesilgöz zich over haar weerzin tegen GL-PvdA heen moeten zetten, als zij wil dat het kabinet-Jetten voortgang boekt.

In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.

Een kabinetsformatie is deels een spel voor de bühne. Alleen al daarom zal Jesse Klaver de rest van zijn politieke leven blijven volhouden dat hij in de late herfst van 2025 niets liever wilde dan een kabinet met de VVD. Hij is, in 2017, al eens weggezet als een leider die geen politieke verantwoordelijkheid durfde te nemen. Dat zal hij zich niet nog een keer laten overkomen.

Zijn frustratie over de opstelling van VVD-leider Yesilgöz is intussen natuurlijk ook niet misplaatst. De VVD heeft het spel dit keer lang volgehouden, maar zal toch echt bij zichzelf te rade moeten gaan hoe het land ooit nog aan een meerderheidskabinet komt als niet alleen de PVV maar ook GL-PvdA bij voorbaat buitenspel wordt gezet.

Of dat bij GL-PvdA ook echt lukt, is intussen wel de vraag. Sterker: met het oog op de verhoudingen in de Eerste Kamer zou Klaver weleens in een tamelijk comfortabele politieke positie kunnen belanden.

In de Tweede Kamer heeft beoogd premier Rob Jetten de roodgroene fusiefractie straks in eerste instantie niet nodig. Nog los van de vraag of JA21 uiteindelijk in de coalitie belandt, zijn er genoeg zetels op de rechterflank die veel beleid van een centrumrechts minderheidskabinet constructief zullen benaderen.

In de Eerste Kamer echter komen D66, VVD, CDA en JA21 liefst veertien zetels tekort. De enige fracties die dat gat in elk geval grotendeels kunnen dichten zijn die van GL-PvdA en de BBB. Maar hoe groot is de kans dat een door D66 aangevoerd kabinet vruchtbare samenwerking vindt met de BBB?

De partij van Caroline van der Plas, Mona Keijzer en Femke Wiersma is zo’n beetje opgericht tegen alles waar D66 voor staat (een ambitieus klimaat-, natuur- en emancipatiebeleid, Europese integratie, bescherming van de rechtsorde) en de afkeer is geheel wederzijds.

BBB ontwikkelt zich bovendien niet bepaald in een richting die Jetten zal bevallen. In de nadagen van het kabinet-Schoof lijkt de partij vastbesloten elk constructief voorstel om de problemen met stikstof en mest op te lossen zo lang mogelijk te blokkeren.

Ook voor CDA-leider Henri Bontenbal, die campagne voerde met de belofte van het herstel van het ‘democratisch ethos’ in Den Haag, is het geen aantrekkelijk vooruitzicht om afhankelijk te worden van een partij die steeds fanatieker wordt met het in diskrediet brengen van de Raad van State, van rechters en van kritische journalistiek.

Als Jetten en Bontenbal om zich heen gaan kijken in de Eerste Kamer, komen ze haast vanzelf uit bij GroenLinks-PvdA. Dat brengt Klaver, als hij het goed speelt, in de machtige positie die D66-leider Alexander Pechtold had ten tijde van het kabinet Rutte II (2012-2017), een kabinet dat op zeker moment geen stap meer kon zetten zonder afstemming met Pechtold en diens bondgenoten van CU en SGP. Zelfs Yesilgöz zal zich gaande de rit over haar weerzin tegen GL-PvdA heen moeten zetten als zij tenminste wil dat het kabinet voortgang boekt.

Klaver heeft deze week misschien een slag verloren, maar daarmee nog lang niet de oorlog.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next