Home

Het bewijs zit in één oude tand: oerhagedis zwom niet alleen in zee, maar ook in zoet water

Mosasauriërs, oerhagedissen van wie lang werd aangenomen dat ze zeedieren waren, konden ook in zoet water leven. Een tand van 66 miljoen jaar oud levert daarvoor sterke aanwijzingen, blijkt uit Nederlands-Amerikaans onderzoek.

De tand werd in 2022 aan de oever van een oude rivier in de Amerikaanse staat North Dakota gevonden. Nederlandse wetenschappers die de tand aan de Vrije Universiteit in Amsterdam hebben onderzocht, concludeerden dat het om een mosasaurustand ging. Het dier moet ook in zoet water hebben geleefd.

Mosasauriërs staan ook bekend als maashagedissen. Het reptiel kon wel 15 meter lang worden. Het eerste exemplaar werd in 1764 in Maastricht ontdekt en is naar de Maas verrnoemd; Mosa is de Latijnse naam van de rivier. Het geologische tijdperk waarin het dier leefde is eveneens naar de stad vernoemd: het zogeheten Maastrichtien speelde zich 72 tot 66 miljoen jaar geleden af. Toen was het huidige Nederland een warme zee met een paar eilandjes, vergelijkbaar met de Caribische eilandengroep Bahamas.

Chemische vingerafdruk

Een team van wetenschappers maakte gebruik van chemische analyse om vast te stellen of de tand bij een zoetwater- of zeedier hoorde. Het lichaam gebruikt voedingsstoffen uit de omgeving om een tand te laten groeien. Door natuurlijke chemische processen heeft elke locatie een eigen specifieke samenstelling van stoffen. Deze worden opgeslagen in het glazuur van de tand terwijl die groeit.

Door het glazuur te analyseren, kunnen onderzoekers bepalen op waar het dier zich bevond toen de tand aan het groeien was. De tand vormt dus een soort gps-tracker voor die periode. Deze methode wordt ook gebruikt om lichamen te identificeren.

Door de chemische vingerafdruk uit deze tand te vergelijken met tanden van dinosauriërs die uitsluitend zoet water dronken, stelden de onderzoekers vast dat de mosasaurus in zoet water moet hebben geleefd. Ze publiceerden hun bevindingen vrijdag in het tijdschrift BMC Zoology.

Een bijzonder onderzoek volgens Dylan Bastiaans, paleobioloog bij het natuurhistorisch museum Maastricht en niet betrokken bij de nieuwe studie: ‘Het feit dat ze een breed scala aan leefomgevingen gebruiken, bewijst hoe enorm weerbarstig reptielen zijn.’

Volgens Bastiaans waren de maashagedissen van oorsprong landdieren die naar zee trokken. Daarbij zijn enorme aanpassingen nodig om te voorkomen dat het lichaam niet uitdroogt door het hoge zoutgehalte in zee. Om zich dan weer aan te passen naar een leefomgeving met zoet water moet een lichaam flink veranderen. ‘Je ziet het ook bij zoetwaterdolfijnen. Dat zijn echt bizarre beesten vergeleken met de dieren die in zee leven.’

‘Losse puzzelstukjes’

Bastiaans is enthousiast over het nieuwe onderzoek, maar houdt een slag om de arm. ‘Het zijn alleen tanden, maar samen met eerder onderzoek krijgen we wel steeds kleine losse puzzelstukjes die erop hinten dat mosasauriërs mogelijk ook in zoet water leefden.’ De bioloog hoopt dat dit het startschot is voor een zoektocht naar meer exemplaren. ‘Liefst een heel beest.’

De nieuwe vondst laat zien hoe reptielen zich kunnen aanpassen aan veranderende omstandigheden in hun leefomgeving. Zo zijn er slangen die in de zee kunnen zwemmen, al trekken ze nu nog niet vrij rond. Ze vinden koud water niet prettig.

Door klimaatverandering stijgt de temperatuur op aarde, ook van de oceanen. Als de mensheid die opwarming niet weet te stoppen, is er volgens Bastiaans een scenario mogelijk ‘waarin reptielen over miljoenen jaren de zee weer overnemen’.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next