Home

Vasthouden aan elkaar ondanks alle verdriet

Rinske Bouwman In haar tweede roman ontsnapt een man aan de werkelijkheid van zijn ernstig zieke vrouw door in een virtuele wereld te stappen. Daardoor verhoudt de lezer zich ineens tot de virtuele versie van een romanpersonage.

Wat als je partner uitgezaaide kanker heeft en desondanks, tegen alle verwachtingen in, toch jaren langer doorleeft? Die onzekerheid roept een bijzonder soort rouw in het leven die in de roman Korstmos de gestalte krijgt van een tijger.

Het is een verbeeldingskracht die kenmerkend is voor theatermaker en schrijver Rinske Bouwman: in haar debuutroman Een soort eelt (2024) verandert de rouwende hoofdpersoon Sarlag langzaamaan – de paar verweesde lange witte haren op haar lijf worden uiteindelijk een dikke vacht – in een jak. Net als de jak, die terug te voeren is op haar jeugd en een groot verlies dat ze leed in Mongolië, komt de tijger in Korstmos niet uit het niets. Marius Beenhakker, de verteller in deze tweede roman, vindt in de virtuele wereld van The Otherworld een prettige uitvlucht van zijn alledaagse leven waarin hij zorgt voor zijn terminaal zieke vrouw Philo. Online groeit Marius uit tot de gerespecteerde eigenaar van een feesteiland waar hij plaatjes draait én tijgers fokt.

Rinske Bouwman: Korstmos. Orlando, 192 blz. €22,99

.

Het leven van Marius en Philo was misschien al aan de kleinburgerlijke kant, maar het krijgt benauwende proporties wanneer Philo steeds verder aftakelt. Ze komt te slapen in de woonkamer en tijdens kleine wandelingen fungeert Marius als ‘klittenband’ om haar overeind te houden. In het dagelijks leven, dat Korstmos nauwgezet toont, draait hij diensten als buschauffeur, kookt hij, zoekt interactie met verschillende dieren en laat hij zich – op aanraden van Philo, die haar timide man van wat sociaal contact wil voorzien – urenlang opslokken door The Otherworld.

De tegenstelling tussen deze virtuele wereld en het echte leven van Marius wordt in de roman bijzonder sterk uitgewerkt. Het is een interessante leeservaring om je niet alleen te verhouden tot een fictief personage, maar ook tot diens virtuele versie. Wat hij zijn avatar laat zeggen en doen, verhoudt zich telkens tot zijn offline leven. Wat daar moeilijk (zoals feesten) of onmogelijk is (zoals vader worden) kan hier wel. Waardoor je zijn pijn er juist telkens doorheen voelt.

„Hier laat je nergens een afdruk na”, lijkt een symbolische zin, wanneer Marius zijn personage door een uithoek van The Otherworld laat rennen en daar gras probeert plat te drukken. Zijn aanwezigheid hier voelt bevrijdend licht. Zo ontmoet hij Liv, het personage van een vrouw uit Leeds, met wie hij optrekt en uiteindelijk zelfs trouwt. Veelzeggend is hun gezamenlijke tocht naar een ‘middeleeuws plein’, om daar vogelzaad te kopen en rond te strooien. Daar komen duiven op af en wanneer ze over het plein rennen, vliegen ze op: tóch sporen van hun aanwezigheid.

De scheiding tussen de twee werelden lijkt langzaam te vervagen. Wat je in de virtuele wereld koopt, moet je in de reële wereld afrekenen, bijvoorbeeld – waardoor Marius zich indringend verbindt met zijn avatar: „Hij kan ze binnen veertien dagen ruilen als hij zich toch bedenkt. Als ze niet lekker zitten, denkt Marius.” Zo krijgt de wereld van pixels menselijke proporties. Een enkele keer dringt de echte wereld binnen, zoals wanneer Marius in de chat met Liv iets over Philo’s ziekteproces deelt: „Ze heeft al heel vaak gezegd dat dit de laatste sokken zijn die ze voor zichzelf koopt.” Pijnlijk genoeg blijkt ook Liv ernstig ziek te zijn.

Niet meer vluchten voor de rouw

Waar Marius’ uitvlucht in de virtuele wereld goed werkt in de roman, zijn de uitwisselingen die hij heeft met allerhande dieren minder overtuigend. Hij voert denkbeeldige gesprekken met een zwaan, kat, schaap en zandvlo, die geforceerd aanvoelen.  „Vandaag heeft hij besloten schaap te zijn.” Vervolgens: „Schapen aaien niet, denkt Marius dat het schaap denkt. Marius is het eens met het schaap.” De taal en de symboliek worden hier wat te simplistisch: „Wij zijn in de directe nabijheid van iedereen. Altijd. Een schaap alleen is een dood schaap. Dus zijn we altijd samen. Dat is iets waar je goed in moet zijn.”

Sterker is de tijger die tegen het einde van de roman opduikt, wanneer Marius de rouw onder ogen moet zien waarvan hij dacht dat die pas na het overlijden van zijn vrouw zou komen. De tijger volgt Marius overal en drukt hem uiteindelijk met zijn neus op de feiten. In het denkbeeldige zit een grotere kracht: niet alleen is het spannender om een onvoorspelbaar roofdier op te voeren, ook hangt de verschijning van de tijger samen met zijn onderbewuste (hij zoekt het dier niet, het dier zoekt hém).

Het is jammer dat er een paar elementen in de roman tegenstaan. Soms gedragen Marius en Philo zich ouwelijk (hun gesprekken, het feit dat ze naar het casino gaan en zij de gepinde twintig euro in de bus in haar hand houdt), terwijl ze op andere momenten juist gekke uitspattingen hebben, zoals wanneer Marius ineens een koprol maakt op het strand. De alwetende verteller die zo nu en dan opduikt, zoomt onnodig ver uit („In de stad huilen op dit moment zeshonderddrieëntwintig mensen. Met tranen”). En dan zijn er nog de paar hoofdstukjes waarin we een naamloos meisje volgen, dat dode duiven verzamelt. Haar rol komt niet helemaal uit de verf.

Daartegenover staan schitterende vondsten, zoals wanneer Marius en Philo niet naar huis willen, omdat het er ruikt naar kanker: „De geur van onafgemaakte zinnen, hoop, doodsangst, gaten in de nacht en opgekruld karton van beterschapskaarten.” De symbiose die ervoor zorgt dat korstmos ontstaat, een schimmel, wortelloos en verbazingwekkend sterk, kun je weerspiegeld zien in de relatie van Philo en Marius, die vasthouden aan elkaar en het leven zoals ze het kennen, ondanks al het verdriet. Dat er middenin het leven al een onbestemd afscheid zit, houdt de personages én de lezer gevangen.

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Boeken

Het laatste boekennieuws met onze recensies, de interessantste artikelen en interviews

Source: NRC

Previous

Next