Hij vond zichzelf meer een leeuwenman, maar toen Iain Douglas-Hamilton als jonge onderzoeker arriveerde in Tanzania, bleken de leeuwen al ‘bezet’ door een andere wetenschapper. Niet veel later was hij naar eigen zeggen ‘volkomen verslaafd’ aan olifanten. Zijn levenslange passie zou tienduizenden olifanten het leven redden.
is redacteur van de Volkskrant. Ze schrijft onder meer over voedsel en cultuur.
Iain Douglas-Hamilton, zoöloog en natuurbeschermer, overleed maandag op 83-jarige leeftijd thuis in Kenia. De in Oxford opgeleide wetenschapper van Schotse afkomst wordt beschouwd als ’s wereld grootste expert op het gebied van Afrikaanse olifanten.
Zijn carrière omspant een dikke halve eeuw, die begon in de jaren zestig toen hij als jongeman met een vers vliegbrevet op zak zijn vliegtuigje aan de grond zette in Tanzania. Vijf jaar lang zou hij vanuit een zelfgebouwd kampje in een nationaal park onderzoek doen naar het sociale gedrag van olifanten in het wild.
Als eerste bracht hij de complexe sociale structuren van olifantenfamilies in kaart, onderzoek dat nog altijd als baanbrekend wordt beschouwd. Olifanten zijn speelse, sociale dieren, stelde hij vast, die kunnen rouwen en zich ellendig voelen als ze alleen komen te staan. Zo vertrouwd raakte hij met ‘zijn’ olifanten, dat hij ook na het werk soms uren bij een kudde zat en alle dieren afzonderlijk leerde kennen.
Net als zijn vriendin Jane Goodall, de wereldberoemde, in oktober overleden primatoloog, was Douglas-Hamilton niet bang om bepaalde eigenschappen van het dier te vergelijken met die van de mens. Olifanten zijn ‘een intelligente soort’, meende hij, ‘waarvan de individuele dieren hun eigen gedachten lijken te hebben’.
Het ging hem dan ook zeer aan het hart toen hij in de jaren zeventig en tachtig getuige was van wat hij zelf noemde ‘de holocaust der olifanten’. Slagtanden en ivoor brachten grof geld op, stropers met automatische wapens schuimden nationale parken en andere olifantengebieden af. In enkele decennia daalde het aantal olifanten op het continent van 1,3 miljoen naar 600 duizend.
Vanuit zijn vliegtuigje zag Douglas-Hamiltons de Afrikaanse savannes leger worden, wat hem ertoe bracht zijn focus te verschuiven van wetenschap naar natuurbescherming. Hij ging kuddes olifanten observeren vanuit de lucht om de omvang van de slachting in kaart te brengen.
Voordat hij zich in Kenia vestigde met zijn vrouw, de in Kenia geboren Italiaanse fotograaf Oria, en twee dochters, werkte hij onder meer in Tanzania en Oeganda. In dat laatste land introduceerde hij patrouilles tegen stropers uit Soedan. Soms werd hij daarbij zelf doelwit; meerdere keren werd zijn vliegtuigje beschoten.
Welbespraakt als hij was, wist hij internationale aandacht te krijgen voor het bloedbad dat gaande was op de savannes. Toen de Keniaanse president Daniel arap Moi in 1989 publiekelijk de fik stak in een stapel geconfisqueerde slagtanden ter waarde van 6 miljoen dollar, was dat grotendeels te danken aan de krachtige lobby van Douglas-Hamilton. Dat signaal had mede tot gevolg dat de internationale handel in ivoor in 1990 werd verboden in een Cites-verdrag, een internationale overeenkomst over de handel in bedreigde diersoorten. Douglas-Hamilton en zijn vrouw schreven samen een boek over de strijd: Battle for the Elephants.
Niet veel later, in 1993, richtte het echtpaar een eigen organisatie op voor natuurbescherming, Save the Elephants. Douglas-Hamilton begon te pionieren met gps-tracking van olifanten om confrontaties tussen olifanten en boeren te voorkomen. Zijn strijdtoneel varieerde van boerendorpen tot internationale podia. Toen de opkomende Chinese middenklasse in de jaren tien steeds meer geld begon uit te geven aan ivoor, haalde hij in 2010 Chinese beroemdheden over om ambassadeur te worden voor de olifanten.
De laatste jaren hield hij zich bezig met het steeds intensievere contact tussen mensen en olifanten door klimaatverandering en bevolkingsgroei. Aan Keniaanse boeren leerde hij hoe ze hun dorpen en akkers konden beschermen met bijenkorven – olifanten zijn bang voor bijen. Wrang genoeg waren het de bijen die hem zelf te grazen namen. Hij overleefde meerdere aanvallen door olifanten, soms op het nippertje, zoals in 2008 toen de matriarch van een kudde hem dreigde te doorboren. In 2023 werd hij aangevallen door een zwerm bijen. Hij herstelde nooit honderd procent van de gevolgen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant