Volksgezondheid Circa 85 procent van de Nederlanders is tevreden met hun leven. Maar ze kampen óók met veel mentale problemen. Onderzoekers pleiten voor een brede aanpak, die ook kijkt naar omgevingsfactoren. „Dit is niet een los dossier, maar samenhangende opgave.”
Onzekerheid over huisvesting kan bijdragen aan mentale problemen bij jongeren.
De mentale gezondheid in Nederland staat onder druk, concluderen het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en het Trimbos-instituut. Hoewel ongeveer 85 procent van de Nederlanders tevreden is met hun leven, heeft vier op de tien last van angst- of depressieve gevoelens. Een kwart van de volwassenen kampt met een psychische aandoening. Vrouwen en meisjes melden vaker mentale problemen dan mannen en jongens; jongvolwassenen springen eruit als de kwetsbaarste groep.
Deze dinsdag presenteren het RIVM en Trimbos-instituut, het onafhankelijke kennisinstituut voor mentale gezondheid, alcohol, tabak en drugs, de Monitor mentale gezondheid. Daaruit blijkt dat diverse aspecten van de nationale mentale gezondheid al jaren verslechteren. Die trend begon vóór de coronapandemie: sinds 2014 is het aandeel mensen met angst- of depressiegevoelens toegenomen. Ook werden meer psychische aandoeningen gediagnosticeerd. De achteruitgang is vooral zichtbaar bij adolescenten, jongvolwassenen en vrouwen. Tegelijkertijd blijft de algemene levenstevredenheid opvallend stabiel.
Ook experts vonden die tegenstrijdigheid opvallend. Ze vroegen zich af of dit komt door een grotere openheid over mentale problemen. Een andere mogelijke verklaring is dat mensen negatieve gevoelens – zoals angsten – beter kunnen relativeren, waardoor die minder ontwrichten. In het rapport staat ook: „Een hoog mentaal welbevinden betekent niet automatisch dat iemand geen psychische stoornis heeft, maar het kan wel beschermen tegen het ontstaan ervan.”
De Monitor mentale gezondheid is het actueelste en breedste overzicht van de mentale gezondheid in Nederland, uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
De kennisinstituten roepen de formerende partijen op investeringen in mentale gezondheid op te nemen in hun kabinetsplannen. Voorafgaand aan de publicatie werd de pers te woord gestaan door Marith Volp (RIVM-directeur Volksgezondheid en Zorg), Peter van Dijken (Trimbos-bestuurder) en Annemarie Luik (hoofd Trimbos-onderzoeksprogramma epidemiologie en monitoring). „Ik wil graag boter bij de vis,” zei Volp. Ze verwees naar de formatieplannen van D66 en CDA die informateur Sybrand Buma (CDA) vorige week presenteerde.
In dat zeventien pagina’s tellende document wordt mentale gezondheid niet expliciet genoemd. Alleen bij één punt staat: „We investeren in preventie, welzijn, sport, bewegen en een gezonde leefstijl om naar de gezondste generatie ooit te gaan.” Volgens Volp is dat onvoldoende, omdat juist aandacht voor mentale gezondheid ”bijdraagt aan het draaglijk houden van bijvoorbeeld de zorgkosten”.
Van de jongeren tot 23 jaar doet één op de tien een beroep op jeugdhulp. Bij huisartsen heeft ongeveer een kwart van hun patiënten vanaf zestien jaar contact gehad vanwege psychische problemen. En van de volwassenen vanaf achttien is één op de twintig in behandeling bij de specialistische ggz. Per inwoner wordt bijna 500 euro per jaar uitgegeven aan medische zorg voor psychische stoornissen.
Mentale gezondheid beïnvloedt naast de zorg óók het werk: circa 42 procent van de mensen met een arbeidsongeschiktheidsuitkering krijgt die vanwege psychische problemen. En volgens de instituten hebben deze problemen ook impact op de samenleving, omdat mentale ongezondheid miljarden kan kosten door verzuim en arbeidsongeschiktheid.
Het RIVM en Trimbos keken verder naar welke factoren mentale gezondheid beïnvloeden. Hoe mensen hun eigen gezondheid beoordelen en de sociale steun die ze hebben, komen beide naar voren als belangrijke ‘beschermende’ factoren. Leefstijlfactoren als cannabisgebruik en roken hangen juist samen met een slechtere mentale gesteldheid.
Financiële onzekerheid speelt eveneens een belangrijke rol: mensen met problematische schulden kampen vaker met angsten en depressiviteit. Gemeenten die bijtijds ingrijpen – bijvoorbeeld met snelle schuldhulpverlening – ervaren dat psychische klachten eerder afnemen.
Volgens Luik, van het Trimbos-instituut, is het belangrijk mentale gezondheid breed te benaderen. „Het gaat altijd om meerdere factoren, die elkaar versterken of juist kunnen opvangen.”
Een van de opvallendste gegevens uit de monitor is het verschil tussen mannen en vrouwen. Vrouwen en meisjes melden structureel vaker mentale problemen dan mannen en jongens. Jongens rapporteren gemiddeld een hogere levenstevredenheid, terwijl meisjes meer angst en depressieve gevoelens ervaren. Volgens experts spelen misschien de gebruikte meetmethoden een rol. Die zouden eerder ‘internaliserende problemen’ meten: emotionele problemen die naar binnen worden gericht. De experts stellen in het rapport dat deze vaker bij meisjes voorkomen dan bij jongens.
Dat heeft diverse oorzaken: prestatiedruk op school, sociale verwachtingen, verschillen in hulpzoekgedrag en in sommige gevallen sociale media die het zelfbeeld beïnvloed. Vooral jongvolwassen (16-25 jaar) vrouwen vallen op door hun hoge cijfers voor angst en depressieve gevoelens. Die stijgen al jaren.
De oplossing voor deze jongeren is volgens Volp niet alleen individuele hulp, maar juist vooral investeren in samenhangende factoren. Van Dijken, Trimbos-bestuurder, benadrukt ook het belang van een brede benadering. „Dit vraagt om inzet in alle domeinen – onderwijs, werk, inkomen, wonen en zorg. Niet als los dossier, maar als samenhangende opgave.”
Zo is volgens de instituten te voorkomen dat de problemen verergeren én kan de druk op de gespecialiseerde zorg worden verminderd en de mentale gezondheid van Nederlanders worden versterkt.
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Economieredacteuren nemen je mee in de discussies die zij op de redactie voeren over actuele ontwikkelingen
Source: NRC