In het maandag gepresenteerde beginselprogramma van GroenLinks-PvdA draait het om één woord: solidariteit. Het klassiek rode principe overkoepelt een groen, progressief wereldbeeld waar de fusiebeweging een ‘brede volkspartij’ omheen wil bouwen.
is politiek verslaggever van de Volkskrant
Over het fundament waarop GroenLinks en PvdA hun nieuw op te richten fusiepartij willen bouwen mag na lezing van het beginselprogramma geen twijfel bestaan. Het staat er op pagina één al meermaals, een keer met uitroepteken erachter. Of je nou sociaaldemocraat of groen bent, linkse politiek komt volgens de schrijvers van het conceptdocument in de kern neer op één principe: solidariteit.
Maandag presenteerden GroenLinks en PvdA samen het stuk dat als ideologische basis moet dienen voor de partij waar zij in zullen opgaan. Het beginselprogramma, zeventien kantjes lang, is de volgende stap in de steeds concreter wordende fusie van de partijen. Volgend jaar moet de nieuwe fusiepartij het levenslicht zien.
In een samenwerking die vanaf het begin te maken heeft met tegenstand, is het opstellen van de gezamenlijke visie geen sinecure. Hoewel in de verkiezingscampagne alle neuzen dezelfde kant op stonden en de twee partijen ook in de Tweede Kamer nagenoeg naadloos in elkaar zijn opgegaan, bestaan er onder de oppervlakte nog wel degelijk twee bloedgroepen. Het maakt dat elke stap onvermijdelijk door die bril wordt bekeken: leunt de samenwerking over naar de rode of de groene kant?
In die context valt de nadrukkelijke keuze voor solidariteit op. Van oudsher wordt de term geassocieerd met het sociaal-democratische, rode, deel van de nieuw op te zetten partij. Solidariteit was al eerder de kernboodschap in PvdA-campagnes.
Maar voor de nieuwe partij geldt het begrip als paraplu waar naast sociaaldemocratische ook groene en progressieve idealen onder kunnen vallen. ‘We komen voort uit twee tradities: de sociaaldemocratische en de groene’ maar met een ‘gedeelde toekomst’ en gedeelde idealen. Wil je dat mensen voor elkaar zorgen en de welvaart eerlijk wordt verdeeld? Wil je de ‘ontwrichting van klimaat en natuur’ stoppen? Of een vuist maken tegen ‘antidemocratische krachten’? ‘De voorwaarde om onze idealen te bereiken is solidariteit (...) Solidariteit is een levenshouding’.
Bij de leden van de twee partijen, aan wie het concept beginselprogramma nu nog wordt voorgelegd, zal die insteek vermoedelijk geen verrassing zijn. In de zomer kwam de commissie die zich over de grondbeginselen boog met een eerste voorzet en ook daarin klonk een vergelijkbare boodschap. Datzelfde gold voor het verkiezingsprogramma.
Interessanter is wat dat betreft de diepere maatschappij- en wereldvisie voor de nieuwe partij. Die komt in grote mate voort uit de analyse dat marktwerking en individualisering vat op Nederland hebben gekregen, zijn doorgeschoten en moeten worden beteugeld door de politiek.
‘De machteloosheid die we nu vaak voelen, is terug te voeren op ingrijpende veranderingen in hoe we zijn gaan denken over de samenleving.’ In een korte historische uiteenzetting worden de naoorlogse jaren van wederopbouw beschreven als jaren van ‘geloof in solidariteit en vooruitgang’ waarin de ‘grillen van de markt en het kapitaal’ werden ingeperkt.
Dat veranderde in de jaren tachtig toen regeringen wereldwijd ‘de grenzen voor het kapitaal openden’. ‘Het luidde een nieuw tijdperk in’ waarin de belofte klonk dat iedereen zou profiteren. ‘Niets is minder waar. We zien dat het leven steeds duurder wordt en veel mensen moeilijk kunnen rondkomen.’
Dat deed volgens de linkse samenwerking ook wat met het mensbeeld in de samenleving. Was er in de jaren 60 ‘progressieve strijd voor meer individuele vrijheid, zelfexpressie en zeggenschap’, zoals vrouwenrechten en rechten van lhbti-personen, door nadruk op het individu en de markt sloeg dat om in ‘onderlinge concurrentie’. ‘Collectieve problemen werden steeds minder collectief opgelost’. Ook het vertrouwen in overheden nam af, inmiddels ook door de ‘digitale revolutie’ waardoor mensen ‘in bubbels’ leven.
Die wereld vormt het startpunt van de nieuwe linkse partij, die volgens de opstellers ook meteen het antwoord vormt op de uitdagingen. Problemen als de ‘uitputting van mensen en natuur’, de ‘afbraak van onze democratische rechtsstaat’ en ‘ongelijkheden in de samenleving’ blijven volgens de schrijvers van het stuk bestaan als ‘we doorgaan op de huidige neoliberale weg’. Ook hier geldt solidariteit als principe waarnaar moet worden teruggegrepen.
Daarmee wordt duidelijk dat de linkse samenwerking na een teleurstellende verkiezingsuitslag nog altijd gelooft in de linkse koers die de fusiepartijen samen zijn ingeslagen.
Het fundament mag dan duidelijk zijn, de leden van de nieuwe partij kunnen straks nog wel degelijk bijsturen. Overkoepelende doelen als ‘gelijkwaardigheid’, een ‘gezonde planeet’ en ‘vrijheid’ laten ruimte voor interpretatie. Over de precieze invulling daarvan en wat er moet gebeuren om ze te bereiken, wordt wel de richting uitgestippeld, maar de invulling niet tot in de details uitgewerkt. Zo zijn er uitgangspunten als het ‘gezamenlijk zorgen voor mensen die ziek zijn’, het ‘eerlijke delen in rijkdom, kennis en macht’, het bedrijven van ‘groene industriepolitiek’ en het collectief regelen van ‘essentiële zaken’.
GroenLinks en de PvdA willen met dat verhaal opgaan in een ‘brede volkspartij’. Een partij die ‘een politiek thuis voor mensen met verschillende achtergronden en verhalen’ moet zijn.
Daar ligt ook de grootste uitdaging. Afgelopen jaren blijkt de achterban van GroenLinks en PvdA ondanks de linkse samenwerking te versmallen. De partijen wisten vooral steun van hoogopgeleide, relatief goed bedeelde, mensen uit de grotere steden te winnen.
De zo gehoopte verbreding tot onder meer lagere inkomensgroepen, voor wie de linkse samenwerking het toch vooral zegt te doen, bleef uit. Afgaande op de beginselen zijn de partijen het over één ding in ieder geval al eens: aan het linkse verhaal heeft dat niet gelegen.
Luister hieronder naar onze politieke podcast De kamer van Klok. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant