Home

Steeds meer 30-plussers in de eredivisie. ‘Die spelers brengen wat teweeg – al moeten ze wel fit blijven’

Voetballers op leeftijd spelen in de Nederlandse eredivisie een steeds grotere rol. Dit seizoen ligt hun aandeel op het hoogste niveau in ruim vijftien jaar. FC Twente-spits Ricky van Wolfswinkel (36): ‘Af en toe pak ik een sauna, gewoon omdat ik dat lekker vind.’

Mark Misérus schrijft onder meer over sport en media, Pepijn de Lange is datajournalist bij de Volkskrant.

Ouder worden als voetballer: de 36-jarige Ricky van Wolfswinkel kan het iedereen aanraden. In zijn negentiende seizoen als prof weet de spits van FC Twente precies wat zijn lichaam aankan zonder het over de kling te jagen. Hij heeft geleerd te vertrouwen op wat goed voor hem werkt, zonder gevoelig te zijn voor de meningen van anderen. ‘Ik ga er eigenlijk best lekker op dat ik ouder word’, klinkt het opgewekt aan de telefoon.

In de nadagen van een carrière die hem onder meer langs drie van de grootste buitenlandse competities voerde, telt Van Wolfswinkel zijn zegeningen. Zes goals maakte hij tot dusver dit seizoen, één minder dan heel het vorige seizoen. Geblesseerd is hij zelden, bijna nooit geweest ook.

Omringd door vooral twintigers en een enkele tiener maakt hij bij FC Twente bijna altijd de negentig minuten vol. ‘Kwestie van ijzersterke genen’, lacht Van Wolfswinkel. Geregeld speelt hij met pijntjes, maar hij weet niet beter dan dat dat zo hoort. ‘Ik ben opgevoed met de gedachte: als je kunt lopen, kun je ook voetballen.’

Steeds meer 30-plussers

De verrichtingen van Van Wolfswinkel staan niet op zichzelf. De laatste jaren staan in de eredivisie steeds meer spelers van 30 jaar of ouder op het veld, blijkt uit cijfers die de Volkskrant opvroeg bij het Britse sportdatabureau Stats Perform.

Vorig seizoen namen de 30-plussers van de achttien clubs gezamenlijk 15,5 procent van alle speelminuten in de competitie voor hun rekening. Concreet betekent dat: per wedstrijd waren gemiddeld 3,4 van de 22 spelers op het veld de 30 jaar gepasseerd. Dit seizoen ligt dat aantal zelfs nog een fractie hoger (3,6).

De cijfers laten zien dat de eredivisie – traditioneel een opleidingscompetitie – meer op de ervaring van de oude garde leunt dan pakweg tien jaar geleden. In de vorige eeuw was de bijdrage van oudere voetballers geregeld nog groter, maar vanaf 2000 nam hun aandeel in speelminuten gestaag af. Inmiddels lijkt die trend omgeslagen.

Europees gezien is de eredivisie nog altijd aan de jonge kant. De Italiaanse Serie A was jarenlang de ‘oudste’ grote competitie, maar is inmiddels voorbijgestreefd door La Liga in Spanje. De Engelse Premier League is recentelijk sterk verjongd en kruipt daardoor dichter naar de eredivisie toe.

Op de ranglijst van de oudste spelers die dit seizoen minuten maakten in de eredivisie, staat Van Wolfswinkel zesde. Op eenzame hoogte bovenaan: de 42-jarige Ajax-keeper Remko Pasveer. Daarna volgen Jonathan de Guzmán (38, soms invaller bij Sparta), Aaron Meijers (38) van FC Volendam en de 37-jarige, onlangs door NAC aangetrokken Denis Odoi. Hij verdrong de een week jongere Tjaronn Chery (NEC) van de vijfde plek.

Bij Sparta concludeerden de technische beleidsbepalers vorig seizoen dat de selectie een aantal leuke talenten kent en qua leeftijd goed zit in het middensegment. Maar de routine ontbrak. Voor technisch directeur Gerard Nijkamp en trainer Maurice Steijn diende zich een buitenkans aan om Bruno Martins Indi (nu 33) en Jens Toornstra (36) naar het Kasteel te halen.

Onder meer dankzij deze twee aanwinsten speelt Sparta dit seizoen met het oudste eredivisieteam, blijkt uit de cijfers van Stats Perform. Gemiddeld was het elftal dit seizoen 27 jaar en 43 dagen oud. Dat is ruim drie jaar ouder dan het jongste team uit de competitie: AZ (23 jaar en 202 dagen).

Martins Indi speelde in 2014 met Oranje de halve finale op het WK in Brazilië, Toornstra kwam 234 keer uit voor Feyenoord. Toch was hun komst geen uitgemaakte zaak, vertelt Nijkamp. ‘We zoeken geen spelers die hier willen komen afbouwen; wij willen als club de stap zetten van degradatiekandidaat naar stabiele eredivisieclub. Bruno en Jens moesten wel de ambitie hebben om nog twee jaar vol gas te geven. En ze moesten fit zijn.’

Spelers op leeftijd vormen een ‘bedrijfsrisico’, zei trainer Steijn over de komst van de twee routiniers. Nijkamp: ‘Je gaat als club natuurlijk wel even na of ze blessuregevoelig zijn. Bruno heeft wel wat dingetjes gehad in het verleden. Daar duik je dan in met de medische staf: wat waren dat voor blessures? Maar die blessures hadden een jongen van 23 ook kunnen overkomen.’

Door sommige supporters werd al geschamperd dat Sparta een ‘bejaardentehuis’ zou zijn. Nijkamp: ‘Gelukkig ben ik op de leeftijd dat ik me daar niet meer druk om maak.’

Leeftijd is maar een getal, zegt de technisch directeur. ‘Een ervaren speler kan ook 27 of 28 zijn. We hebben hier Bart Vriends gehad, dat was geen dertiger maar wel een natuurlijke leider. Omgekeerd speelt Jonathan de Guzmán niet zo vaak, maar brengt hij wel zijn ervaring over op die gasten.

‘Spelers als zij brengen wat teweeg in onze selectie en club. Al geldt wel dat ze fit moeten blijven, anders heb je in de kleedkamer geen recht van spreken – ervaring of niet.’

Biologische leeftijd

Lang werd gedacht dat een voetballer tussen zijn 27ste en 32ste op zijn prime zou zijn, zegt Terry Peters, performancecoach van PSV. Wat zoveel betekent als: op de toppen van je kunnen. ‘Maar iemands chronologische leeftijd blijkt niet zoveel te zeggen. Je biologische leeftijd en je trainingsleeftijd zijn voor een sporter allesbepalend.’

De biologische leeftijd van de 40-jarige Cristiano Ronaldo zou 28,9 jaar zijn, concludeerde Men’s Health in mei dit jaar uit de data die fitnesstrackarmband Whoop bij de voetballer had verzameld. Onder meer op basis van slaap, herstelvermogen en hartslag mocht de Portugees ruim elf jaar van zijn werkelijke leeftijd aftrekken. Alleen al door zijn extreem lage hartslag in rust (44 keer per minuut) ging er twee jaar van af.

‘Dat betekent dat ik nog tien jaar kan voetballen!’, reageerde Ronaldo lyrisch.

Cristiano Ronaldo geldt als het archetype van de maakbare voetballer, op wie de tijd geen vat lijkt te krijgen. Zijn drive om te blijven presteren is maniakaal, mede ingegeven doordat hij de magische grens van duizend doelpunten wil slechten (hij staat nu op 954). Zijn fitheid, en wat hij daarvoor doet en laat, meet hij breed uit op sociale media. Als iemand het eeuwige leven zou kunnen hebben als voetballer, is hij het.

Ronaldo zal met zijn extreme herstelroutine vast andere spelers inspireren, denkt Terry Peters. ‘Maar we moeten oppassen dat het niet doorslaat. Juist de meest basale dingen op de goede manier doen, dat kan een groot verschil maken. Alleen klinkt dat niet zo sexy.’

Lange tijd werd in de sport hoog opgegeven van warmte- en koudebaden, die het herstel na een wedstrijd zouden bevorderen. Peters: ‘Men dacht dat het altijd goed zou zijn om daarin te gaan zitten. Dat blijkt alleen op gezette momenten zo te zijn.’

Een paar dumbbells

Van Wolfswinkel heeft de tijd nog meegemaakt dat er bij clubs ‘een paar dumbbells in een hoek lagen’ en spelers alleen met de fysio uitdokterden hoe ze naar een wedstrijd toewerkten. ‘En als er een keeper rondliep met wie je een klik had, ging je na de training nog een paar ballen op doel schieten.’

Van oudere collega’s in de staf van PSV hoorde Peters hoe het er vroeger aan toeging. ‘One size fits all, zo werden spelers benaderd. Veel en hard trainen was het devies, soms wel twee, drie keer op een dag. Als een Chinees tafeltennismodel bleven de sterksten dan vanzelf overeind. Nu keren we elk kiezeltje om om winst te boeken en geen roofbouw op het lichaam te plegen. Voetbal is een vak geworden.’

Elke profclub beschikt tegenwoordig over een uitgebreide staf, met vaak meerdere fysio’s, performancemanagers, coaches en voedingsdeskundigen. Het nog jonge vakgebied trainingskunde maakt school in het profvoetbal, constateert Peters. ‘Er is lang alleen gekeken naar de winst die je behaalt door te trainen. De focus ligt nu ook veel meer op herstellen, ook omdat daar veel meer kennis en kunde over zijn.’

Performancetrainers

‘De expertise is enorm gegroeid’, zegt Gerard Nijkamp. ‘Vroeger werkten de trainers de fysieke schema’s uit, daar hebben we nu twee performancetrainers voor. Spelers krijgen soms een compressiemachine (waarbij de spieren in de benen worden afgekneld om zo het herstel te bevorderen, red.) mee naar huis; De Guzmán heeft er zelf een. Die heeft bij Oranje en in de Champions League gespeeld. Spelers van dat niveau regelen zulke dingen allemaal zelf.’

Bij PSV staat de Kroaat Ivan Perisic (36), net als Luuk de Jong vorig seizoen, bekend als een speler die de kiezelstenen met de medische staf omkeert om elke marginale verbetering aan te grijpen.

‘Vakmensen’, noemt Peters ze. ‘Bij elke stap maken ze de afweging: word ik hier beter van? Zij denken volgens het principe control the controllable. Daarmee kun je blessures voorkomen.’

Het lijf van een voetballer slijt ontegenzeggelijk naarmate het ouder wordt. De elasticiteit van de spieren neemt af, de spieren en de pezen veren minder mee. En de viscositeit in het bloed neemt toe, waardoor het volgens Peters ‘allemaal wat stroperiger wordt’.

Het is dus zaak om, zeker bij spelers van boven de 35, de belasting van het lichaam zo goed mogelijk te verdelen en tegelijk een stabiel ritme te houden van in- en ontspanning.

Peters: ‘Oudere spelers hebben er meer moeite mee als ze drie, vier dagen rust hebben na een wedstrijd. Ze verstijven dan eerder dan jonge spelers.’ Daarom komt Perisic geregeld de dag na de wedstrijd naar de club om te lopen. ‘Door al zijn ervaring weet hij wat goed is voor zijn lichaam.’

Geen kwieke tiener meer

Cristiano Ronaldo voelt zich bij het Saoedische Al-Nassr niet meer de kwieke tiener die bij Manchester United furore maakte. ‘Als je jonger bent, denk je dat je onbreekbaar bent’, zei hij tegen Men’s Health. ‘Maar als je ouder wordt, vraagt voetbal fysiek veel van je lichaam. Daar moet je mee leren omgaan. Door dingen anders te doen, slimmer.’

Toch, zegt Peters, zijn oudere spelers misschien minder blessuregevoelig dan jongere voetballers. ‘30-plussers ondervinden minder stress van de pittige schema’s van tegenwoordig, met veel wedstrijden per week in hoge intensiteit. Doordat ze het allemaal al eens hebben meegemaakt, zijn ze minder van de leg na een mindere prestatie, terwijl jongere spelers dan meer spanning kunnen ervaren.’

Perisic stapt bij PSV zelf op de staf af als hij merkt dat zijn lichaam tegen de grenzen aanloopt. Peters: ‘We monitoren alle spelers tijdens trainingen en wedstrijden, dus we weten wanneer ze in het rood komen. Maar oudere spelers geven eerder feedback over hun eigen lijf.

‘In goed overleg hebben we Perisic in oktober niet laten starten tegen PEC Zwolle, omdat hij een zware week met twee WK-kwalificatiewedstrijden voor de boeg had. Wij weten ook hoe belangrijk hij is voor Kroatië.’ Die missie slaagde: komende zomer doet Perisic aan zijn vierde WK mee.

Alles op gevoel

Van Wolfswinkel heeft als prof geleerd te vertrouwen op zijn gevoel. Wat goed voor hem werkt, omarmt hij, wat anderen er ook van vinden. ‘Af en toe pak ik een ijsbad of een sauna, gewoon omdat ik dat lekker vind. Je hoort weleens dat je nooit op de dag voor de wedstrijd in de sauna moet zitten. Sorry, maar als ik daar zin in heb, doe ik dat gewoon. Ik doe eigenlijk alles op gevoel.’

Zo is het ook met zijn dieet. ‘Vroeger aten we altijd een biefstukje voor de wedstrijd. Dat doe ik nog steeds. Patatje erbij, heerlijk. Sommige spelers worden gek van me. Jij hebt biefstuk en patat gegeten en je bent lichter teruggekomen van vakantie, zeggen ze dan. Ik heb geluk dat ik nooit op mijn gewicht heb hoeven letten.’

Zichzelf sparen, zoals hij teamgenoten in het buitenland nog weleens zag doen, werkt voor de spits van FC Twente niet. ‘Trainers zeggen weleens tegen mij: zou je niet eens een training overslaan? Maar ik ben ver gekomen door hard te werken. Als ik merk dat ik fysiek en mentaal niet meer alles kan geven, trek ik de stekker uit. Meteen.’

WK van de oudjes?

Het WK voetbal van komende zomer zal ook het bal worden van de veteranen. Cristiano Ronaldo (dan 41) en Lionel Messi (die tijdens de groepsfase 39 wordt) willen nog één keer schitteren op het hoogste podium. Ze krijgen er, als ze fit blijven, in elk geval gezelschap van de Kroaat Luka Modric (40).

De dan 43-jarige Craig Gordon, doelman bij de Schotten, kan zelfs de oudste speler op een WK worden na Essam El Hadary. De Egyptenaar was 45 toen hij op het WK in 2018 keepte tegen Saoedi-Arabië.

Slechts één veldspeler is te vinden in de top tien der WK-veteranen: Roger Milla. De Kameroener was 42 tijdens het WK van 1994, en mag zich door zijn treffer tegen Rusland nog altijd de oudste doelpuntenmaker in de WK-geschiedenis noemen.

Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Wilt u belangrijke informatie delen?
Mail naar tips@volkskrant.nl of kijk op onze tippagina.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next