‘Even m’n laarzen uit hoor.” Pandeigenaar Bart Visser zet ze netjes bij de deur en wandelt dan bij WilroffReitsma binnen. Niet iedereen heeft die moeite genomen; tussen de computers loopt een spoor van tuinaarde. Hij haalt er z’n schouders over op. „Ach ja, een ict-bedrijf is nu eenmaal niet zo gewend aan zand onder de zolen.” Normaal lijkt de natuur ver weg hier op het bedrijventerrein, aan de noordrand van Amersfoort.
Daar moest verandering in komen, vond Bart. Al jaren was hij bezig met verduurzaming van het gebouw – driedubbelglas, zonnepanelen, A+-label – maar de buitenkant bleef, op een vijver na, behoorlijk grauw. En dus sloeg hij de handen ineen met Jantine Schinkelshoek van Stichting Hoopheggen en Gemma van den Boog van natuurorganisatie IVN. Vandaag wordt er hier, pal naast het gebouw, ruim 150 meter heg aangeplant. Als voorbereiding zijn er al tegels gewipt en is er gefreesd.
Ooit was Nederland een heggenland, vol houtige struikgewassen die perceelgrenzen aangaven. Sla het boek Heg van landschapsonderzoeker Kenneth Rijsdijk er maar op na. Ruim tweeduizend jaar geleden beklaagde Julius Caesar zich in De Bello Gallico al over de heggenliefde ten zuiden van de Rijn: door de gevlochten meidoorntakken kwam zijn leger maar moeilijk vooruit. Met de heg viel niet te spotten.
Maar de afgelopen eeuw verdween door ruilverkaveling zeker 225.000 kilometer heg uit ons land – een groot verlies voor de biodiversiteit. „Een goede heg kan in vier jaar tijd 400 soorten opleveren die je met het blote oog kunt zien”, zegt Jantine. „Het is méér dan alleen maar een afscheiding tussen jou en je buren.” Voor de goede orde: bij Hoopheggen vertegenwoordigt de heg álle zogeheten houtkanten, dus ook de bomensingel en de keurig gesnoeide beukenhaag. Voor WilroffReitsma zijn, op basis van oude landschapskaarten, struiken uitgekozen die in de voormalige zanderige landbouwgrond goed gedijen. Een veldesdoorn, een kersje en een „knetterroze” kardinaalsmuts. „Voor een optimale mix van bes en bloei.”
In duo’s gaan de ict’ers aan de slag – handschoenen aan, spade in de grond. Gegrinnik, onwennig gegraaf. „Hoe diep moeten we precies?” Per meter moeten er vier struikjes van ongeveer 80 centimeter hoog de grond in, geplant in een zigzagpatroon, verschillende soorten door elkaar heen zodat er straks één groot natuurlijk vlechtwerk ontstaat. Deze plantdag is de aftrap van een landelijke campagne, vertelt Gemma. „Vanuit het project Werklandschappen van de Toekomst willen we door heel Nederland bedrijventerreinen gaan vergroenen.” Of zoals op de wapperende banner staat: „Betonmoe? Groen geeft energie.”
Voor wie tijdens het planten toch wat extra calorieën wil, heeft Bart broodjes en taart geregeld. Want voorlopig zijn ze nog niet klaar: straks worden ook de vogelhuisjes opgehangen en de eendenkooi te water gelaten. „Alleen het insectenhotel heeft helaas wat vertraging opgelopen.” Het mag de pret niet drukken. De plantdag is een succes, zelfs een ambtenaar van de gemeente is komen helpen. En binnenkort nodigt Bart naburige bedrijven uit, ter inspiratie. Zodat straks heel Amersfoort weet: om de heg kun je niet heen.
Gemma Venhuizen is biologieredacteur en doet elke woensdag ergens vanuit Nederland verslag
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Source: NRC