Twintiger Amine Kessaci uit Marseille verloor zijn oudere broer bij een afrekening in het drugscircuit, vijf jaar geleden. Nu is ook zijn jongere broertje vermoord, vermoedelijk als waarschuwing aan Amine, die bekend is als activist tegen drugscriminaliteit.
is correspondent Frankrijk van de Volkskrant. Ze woont in Parijs.
De zachtheid in zowel zijn voorkomen als zijn boodschap maakt indruk. Allereerst vanwege de tragiek van zijn familieverhaal, waar drugscriminaliteit diepe sporen van rouw heeft getrokken. Maar ook vanwege het contrast met het dominante geluid dat in Frankrijk klinkt als het gaat om de strijd tegen drugshandel.
Amine Kessaci (22) was 17 jaar toen het lichaam van zijn oudere broer Brahim dood werd gevonden in de kofferbak van een uitgebrande auto. De barbecue marseillais is een beruchte methode om lijken te ruimen in het drugsmilieu van havenstad Marseille, waar jaarlijks tientallen – vaak jonge – slachtoffers vallen in de strijd tussen rivaliserende bendes.
Nu is ook zijn jongere broertje Mehdi (20) vermoord. Hij werd op klaarlichte dag beschoten terwijl hij zijn auto wilde parkeren. Een voorbijganger op een motor schoot zes kogels in zijn borst. Mehdi had de ambitie om politieagent te worden. Eerder deze maand kwamen in Marseille zo’n 6.200 mensen naar een herdenkingsbijeenkomst, om hun eer te betonen en aandacht te vragen voor wat moeder Ouassila Benhamdi Kessaci ‘het monster’ noemt dat ‘overal is geïnfiltreerd’.
De moord is een waarschuwing, klinkt het alom. Het politieonderzoek loopt nog, maar ook het Openbaar Ministerie gaat in de eerste plaats uit van een boodschap gericht aan Amine Kessaci. Sinds de moord op zijn broer Brahim zet hij zich met zijn organisatie Conscience (dat zowel bewustzijn als geweten betekent) in voor de families van slachtoffers van drugsgeweld. In oktober kreeg Kessaci politiebeveiliging omdat hij doelwit zou zijn. Over het wat, wie en waarom tast hij nog altijd in het duister.
Anders dan de harde woorden waarmee Franse politici doorgaans reageren – gericht op het ‘uitschot’ dat vooral hardere straffen verdient – vraagt Kessaci aandacht voor de problemen achter het geweld en de drugsproblematiek. Hij pleit voor terugkeer van publieke voorzieningen in de verarmde wijken, en voor het aanpakken van schooluitval – iets waar drugshandelaren van profiteren bij het rekruteren van jonge hulpjes.
Hij trekt ten strijde tegen de stigmatisering van slachtoffers en getroffen families, helpt hen bij het regelen van juridische en psychologische bijstand, en soms ook bij het zoeken van een nieuwe woning, wanneer familieleden van daders en slachtoffers in dezelfde flat wonen.
‘Ik wil laten zien dat jongens die het doelwit zijn van afrekeningen niet alleen dealers zijn’, zei hij daarover enkele jaren geleden tegen de Volkskrant. ‘Ze zijn ook slachtoffer van een systeem dat hen vergeten is, dat hen heeft laten zitten. De noordelijke wijken van Marseille zijn door de politiek aan hun lot overgelaten. Kinderen groeien op in een openluchtgevangenis, met kakkerlakken en ratten in de schoolgebouwen, zonder fatsoenlijk werk, zonder perspectief.’
Ook Kessaci is opgegroeid in zo’n noordelijke wijk, Frais-Vallon, waar tussen de rijen flatgebouwen geen winkels waren, maar wel een plek om drugs te kopen. Zijn vader is automonteur, zijn moeder werkt als traiteur. Amine is de een-na-jongste in een gezin van vier jongens en twee meisjes, beide ouders zijn van Algerijnse origine.
Het lot van zijn oudere broer, die in de drugshandel belandde, werkte als waarschuwing voor Kessaci. Zijn moeder besloot hem naar een school te sturen in het centrum van de stad, in een betere buurt.
Engagement lijkt hem te zijn aangeboren: hij werd klassenvertegenwoordiger op de middelbare school en nam deel aan het regionale jeugdparlement. Naar eigen zeggen hield hij als tiener niet van tekenfilms, maar was Public Sénat, dat over het Franse parlement bericht, zijn favoriete zender.
In Marseille, maar ook daarbuiten, is Kessaci een bekend gezicht geworden. Bij de Europese Parlementsverkiezingen vorig jaar was hij kandidaat voor de groene partij EELV. Kort daarop deed hij mee aan de Franse parlementsverkiezingen namens de linkse samenwerking NUPES. Kessaci werd niet verkozen, en richt zich nu op zijn studie rechten met de ambitie om strafrechtadvocaat te worden.
Als de hypothese van een waarschuwingsboodschap aan Kessaci blijkt te kloppen, is een nieuwe drempel overschreden, zei openbaar aanklager Nicolas Bessone na de moord op Kessaci’s broertje op de televisiezender France Inter. Het drama zet de strijd tegen drugsgeweld in Frankrijk weer bovenaan de agenda. Waar Marseille al decennialang een knooppunt in de handel is, blijft intussen vrijwel geen Franse stad meer gespaard.
Kessaci’s organisatie Conscience is intussen actief in meerdere steden, waaronder Rennes en Nantes. Waar nabestaanden van slachtoffers in het drugsmilieu vaak zwijgen uit angst of schaamte, neemt hij veelvuldig het woord. Dat deed hij sinds de moord op zijn oudere broer, en blijft hij doen na de moord op zijn jongere broer.
‘Ik spreek, want ik weet dat de stilte onze vijanden tot schuilplaats dient’, zei hij daarover kort na diens begrafenis.
Begin oktober bracht Kessaci het boek Marseille, essuie tes larmes (Marseille, droog je tranen) uit. Ondertitel: leven en sterven in het land van drugshandel. Over hoe drugsgeweld zo dominant is geworden in de stad.
‘De handel in cannabis en cocaïne betaalt de huur en vult de koelkast’, verklaarde Kessaci in 2021 in de Volkskrant. ‘Veel moeders vragen hun zoons niet waar het geld vandaan komt, want het is zo welkom.’
De socialistische ex-senator Jérôme Durain heeft president Emmanuel Macron gevraagd Kessaci te bekronen met de Légion d’honneur, de hoogste Franse onderscheiding. ‘Ik zoek geen eerbetoon’, zei Kessaci daarover. ‘Ik zoek gerechtigheid voor mijn broer Mehdi.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant