Hij woont hier al een half leven, maar nu moest hij losgooien. De ark die hoorspelmaker Mat Wijn van zijn oma erfde, is een van negentien woonboten die tijdelijk moeten vertrekken van hun vaste ligplaats aan de Haagse Conradkade, zodat de gemeente de verzakte oever kan restaureren.
Ze dragen namen als Ideaal, Onvoorzien, Eureka. Ooit konden ze allemaal onder de brug bij de Laan van Meerdervoort door, maar intussen zijn er veel met schuine daken of zelfs een extra verdieping. Bij elke woonboot staat wel een schuurtje op de wal, ligt haardhout onder zeiltjes, een drijvend terras, een bijbootje, kano’s. Bij sommige arken is al maanden kerstverlichting aan. Andere hullen zich in stilzwijgen. Alleen een rokend schoorsteentje wijst op leven.
De ark van Wijn (62) heet De Wijde Blik en is sinds 1962 niet van zijn plaats geweest. De betonnen bak met houten opbouw is ooit aan twee kanten verlengd en zo gammel dat de sleepdienst een verzekeringskwestie vreesde. Dus charterde Wijn vrienden en voer zijn huis annex studio zelf naar de tijdelijke steiger aan de overkant. Met touwen, vaarbomen en een Haags rondvaartbootje als opduwer. „Doodeng”, zegt Wijn. „Toen we van wal staken dacht ik: drijft dit wel?”
Zoals meer waterige steden kampt Den Haag met wegzakkende oevers en kades. Nu krijgt de Conradkade nieuwe damwanden en een nieuw talud. Die kade – genoemd naar een Nederlandse ingenieur, niet naar de Pools-Britse zeeman-schrijver – loopt langs het in 1888 aangelegde Verversingskanaal, dat vuil grachtenwater naar zee bracht. Nu is het beschermd stadsgezicht. De woonarken liggen aan het oude jaagpad. Vanuit het meerkoetenperspectief van de bewoners heeft het ondanks de bebouwde oevers, de trams en het verkeer over de bruggen nog steeds iets landelijks.
Kris Beuker aarzelt geen moment bij de vraag waarom hij hier woont: „Vrijheid.” Vroeger zou hij „woningnood” gezegd hebben. Voor wie geen huis in de stad kon vinden was een woonboot een kansrijker optie, al was ook daar een wachtlijst voor. „En je moest getrouwd zijn”, zegt Beuker (87), oud-timmerman, met zijn vrouw Marjan (81) de oudste bewoners aan de kade.
Toen hun eerste woonbootje hier was doorgeroest, kwam er een betonnen bak die Beuker zelf heeft opgebouwd. Twee kinderen uit een eerder huwelijk zijn er opgegroeid. „Altijd donderstralen op de kant en veel roeien”, zegt hij. Zelf is Beuker „gek van vissen”. Op het terras staat altijd wel een hengeltje uit.
De Beukers wonen halverwege de kade en zij moeten pas over anderhalf jaar naar de overkant. Ze zien er wel een beetje tegenop. „Hier is altijd zon, onder de bomen aan de overkant liggen we in de schaduw”, zegt Marjan.
De verhuisoperatie, die na jaren uitstel is begonnen, heeft de bewoners als groep hechter gemaakt, zegt Jeanette Kleingeld (69) van de Harlekyn. „Er is een actieve kade-app en iedereen helpt elkaar met alles.” Voor de tijdelijke verplaatsing is ze niet bang. Haar boot is van staal en elke vijf jaar moet het onderwaterschip op een werf worden schoongemaakt. Daarvoor is ze dit voorjaar nog naar Leiden gesleept en terug.
Mat Wijn is haar tijdelijke overbuurman. „Het is wel wennen – overburen”, zegt ze. Voor Wijn trouwens ook. „Je kijkt nu bij elkaar naar binnen. Wat zijn de codes? Moet je zwaaien?”
Hans Steketee doet elke maandag ergens vanuit Nederland verslag
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Economieredacteuren nemen je mee in de discussies die zij op de redactie voeren over actuele ontwikkelingen
Source: NRC