Staatsbezoek Voor het eerst sinds 1978 bezoekt een Nederlands staatshoofd Suriname. Koning Willem-Alexander krijgt niet alleen daar aandacht, ook in Nederland wordt hij met belangstelling gevolgd. „Vroeger werden we gezien als tweederangsburgers, luisteren zou erkenning betekenen.”
Het laatste koninklijke staatsbezoek naar Suriname van koningin Juliana in 1978.
‘Het was zo langzamerhand wel tijd”, zegt Jacqueline Louz (80). „Liever laat dan nooit”, vindt Ronald Snijders (64). „De koning is toch het symbool van Nederland. Het is mooi als de banden met Suriname warm blijven”, stelt Jilani Aliradja (22).
Wie je het ook vraagt op deze avond in het Haagse stadhuis, waar vorige week een fototentoonstelling werd geopend over Hagenaars en hun band met Suriname, vrijwel iedereen weet dat koning Willem-Alexander en koningin Máxima een staatsbezoek afleggen aan Suriname. Zo’n bezoek geldt als het hoogste diplomatieke middel om bilaterale banden tussen landen te bevestigen.
Het is het eerste Nederlandse staatsbezoek aan Suriname sinds 1978. Toen was het koningin Juliana, de grootmoeder van de huidige koning, die Suriname bezocht. Drie jaar eerder was de voormalige kolonie van Nederland onafhankelijk geworden, wat nu, in 2025 groots wordt gevierd.
Bekend is dat koning Willem-Alexander héél graag Suriname wilde bezoeken. Hij zei dinsdag bij de opening van het Suriname Museum in Amsterdam dat hij en zijn echtgenote zich er „erg op verheugen”. „We waren graag veel eerder gegaan.”
Koning Willem-Alexander en koningin Máxima beginnen maandag hun bezoek met een ontmoeting met president Jennifer Simons. Daarna leggen ze een krans bij het beeld van Mama Sranan, dat ‘moeder Suriname’ symboliseert. Na een toespraak in de Nationale Assemblée volgt ’s middags een bezoek aan het Hof van Justitie. Daarna is er een ontmoeting met nazaten van tot slaaf gemaakten en inheemse gemeenschappen.
Dag twee staat in het teken van cultuur en onderwijs. ’s Middags is er onder meer een bezoek aan de fabriek van Fernandes, de Surinaamse frisdrank, en ontmoeten Nederlandse en Surinaamse bedrijven elkaar.
Op dag drie staat een boottocht gepland over de Surinamerivier en de Commewijnerivier. De koning en koningin bezoeken onder meer de voormalige koffie- en cacaoplantage Frederiksdorp.
Prinses Beatrix bezocht het Zuid-Amerikaanse land als koningin nooit – toen ze in 1980 de troon besteeg, was in Suriname net door zestien sergeanten onder leiding van Desi Bouterse een coup gepleegd. Bouterse bleef zeven jaar aan de macht en leidde in 1990 opnieuw een staatsgreep. Na het herstel van de democratie in 1988 werd Beatrix wel door president Ronald Venetiaan uitgenodigd. Hij kwam op zijn beurt in 1992 naar Nederland op werkbezoek – maar van een stáátsbezoek kwam het niet.
Dat er dit decennium wel een staatsbezoek zou komen, hing in de lucht. Bouterse, in Nederland veroordeeld wegens drugshandel, was tot 2020 president en werd in 2021 veroordeeld voor betrokkenheid bij de Decembermoorden. Sindsdien is de diplomatieke relatie tussen beide landen volledig hersteld. Eerst op ambassadeursniveau (lang was er alleen een zogeheten zaakgelastigde), vervolgens kwam president Chan Santokhi op werkbezoek langs in Den Haag. Er volgde een uitnodiging voor een wederbezoek: in 2022 was toenmalig premier Mark Rutte de eerste Nederlandse minister-president die Suriname sinds 2008 bezocht.
Rutte sprak in het Surinaamse parlement over „een gezamenlijke toekomst” en „de gezamenlijke geschiedenis die (..) nog altijd zo veel pijn in zich draagt”. „We kunnen dat verleden niet veranderen, maar kunnen en moeten het wel onder ogen zien”, zei hij. Een paar maanden later zou Rutte namens de Nederlandse regering excuses aanbieden voor de betrokkenheid bij de slavernij. Die excuses noemde hij „geen punt [maar] een komma”. Er zouden stappen worden ondernomen die tot heling moesten leiden en de doorwerking van het koloniale verleden zouden aanpakken.
De koning zou die excuses in 2023 niet alleen herhalen als lid van de regering; ook als hoofd van de familie Van Oranje-Nassau zou hij om vergiffenis vragen voor de rol die zijn voorouders hadden gespeeld in de slavenhandel. „Voor het overduidelijke gebrek aan handelen tegen deze misdaad tegen de menselijkheid.”
Bezoek van koningin Juliana en prins Bernhard aan Suriname in februari 1978.
Bezoek van koningin Juliana en prins Bernhard aan Suriname in februari 1978.
Bezoek van koningin Juliana en prins Bernhard aan Suriname in februari 1978.
Maandag spreekt Willem-Alexander in Paramaribo met nazaten van tot slaaf gemaakten en inheemse gemeenschappen, woensdag bezoekt hij met koningin Máxima een voormalige koffie- en cacaoplantage.
Dat is ook wat de bezoekers aan het Haagse stadhuis hoopten dat het koningspaar zou doen. „Ruttes komma is een onbeduidend leesteken. Het gaat om het effectueren ervan. Het zou kunnen dat het bezoek van de koning daarbij helpt, maar hij heeft geen politieke functie”, zegt winti-priesteres Marian Markelo (70). „Dat is aan het kabinet.”
„Als ik het programma zou hebben gemaakt, dan gaat het om contact met gezagsdragers van inheemsen en van zogenoemde marrons, en met traditionele spirituele leiders. Zijn vraag om vergiffenis is gekoppeld aan het bestaan van die groep”, benadrukt Markelo.
Olivia Williams (73), oud-lerares en een van de personen wier foto op de tentoonstelling hangt, vertelt over de ontevredenheid van de oorspronkelijke bewoners: „We vonden dat we bij de onafhankelijkheid niet goed betrokken waren, niet om onze mening waren gevraagd. Wat moet de koning eraan doen? Praten, maar vooral luisteren. Vroeger werden we gezien als tweederangsburgers, luisteren zou erkenning betekenen.”
Hillery Stjura (50): „Met de onafhankelijkheid is geen recht gedaan aan landrechten en dat geldt tot de dag van vandaag. De koning zou mensen moeten ontmoeten, maar mooier is dat hij dit benoemt in een speech.”
Williams: „Absoluut zou dat erkenning zijn.”
Jazzfluitist Ronald Snijders, van wie ook een foto te zien is op de tentoonstelling, speelde toen de koning excuses aanbood: „Dat was indrukwekkend. Maar de uitwerking gaat sindsdien traag.” Kunstenaar Jacqueline Louz zegt: „Het zou goed zijn als de koning zich realiseert welke achterstanden, die in de koloniale tijd ontstonden en waar niet aan is gewerkt, er nog zijn.”
Frank Kanhai, archivaris (62) en ook een van de geportretteerden: „Ik zou hem aanraden de bus te pakken en te kijken hoe mensen moeten knokken. Sommigen moeten twee, drie banen hebben om te kunnen leven.”
Toenmalig premier Mark Rutte brengt samen met minister Liesje Schreinemacher een bezoek aan Suriname.
Hariëtte Mingoen (71), die de Javaanse contractarbeid in Suriname zichtbaar wil maken, zegt: „De koning zou zich moeten richten op bezoeken aan verschillende gemeenschappen, om te kijken hoe ze zich hebben ontwikkeld. Er zijn verschillende kanten van de geschiedenis.”
Derwisj Maddoe (ook 71), voorzitter van de Federatie Islamitische Organisaties,: „De koning moet vooral de burger ontmoeten. Niet bij de top blijven, maar warmte uitstralen naar de bevolking. En met name de oorspronkelijke eerste bewoners.”
Zijn kleinzoon Jilani Aliradja (22): „Het koloniaal verleden is een litteken. Dat haal je niet weg. Maar je kunt wel zorgen dat door aandacht de pijn verzacht.”
Hoe in Suriname wordt aangekeken tegen het bezoek van de koning hangt af aan wie je het vraagt. Echt negatieve geluiden hoor je weinig, voor de meeste Surinamers is het koningspaar „welkom in ons land”. Wel merk je dat jongeren doorgaans minder op hebben met het koningshuis. Het land heeft een jonge bevolking en velen hebben Suriname nooit als kolonie meegemaakt, en nooit een staatsbezoek bijgewoond. De oudere generatie Surinamers heeft nog wel herinneringen aan het koningshuis; sommigen stonden in hun jeugd met vlaggetjes langs de weg om de toenmalige koningin Juliana toe te zwaaien. Een groep prominente Surinamers eist dat de koning een krans zal leggen bij het slavernijmonument in Paramaribo. Onder anderen Armand Zunder (Nationale Reparatie Commissie Suriname) en in Barryl Biekman, voorzitter van het Landelijk Platform Slavernijverleden in Nederland, ondertekenden de oproep.
In aanloop naar het bezoek verschenen enkele kritische ingezonden stukken in de media. Onder meer van de politieke partij PALU, die president Jennifer Simons adviseerde het staatbezoek te annuleren. Volgens de PALU is Suriname op zoek naar de eigen identiteit en een zelfstandig pad en probeert Nederland Suriname in die ontwikkeling te dwarsbomen. Als voorbeeld noemt de partij belangrijke archieven die Nederland voor zestig jaar achter slot en grendel plaatste, terwijl daar mogelijk meer informatie in zit over de rol en betrokkenheid van Nederland in de pijnlijke jaren tachtig in Suriname.
Dan is er het zogeheten traditioneel gezag, met leiders van verschillende Afro-Surinaamse, marron- en inheemse gemeenschappen, die uitkijken naar een ontmoeting met de koning. Na de excuses van de koning en de vraag om vergiffenis in 2023, stelden zij met hulp van theoloog Frank Jabini en socioloog Helmut Gezius een brief op. „We schreven aan de koning dat de excuses zijn aangehoord en dat we ons willen beraden op het al dan niet accepteren daarvan en of we daadwerkelijk vergiffenis kunnen schenken”, zegt Jabini. Een jaar lang werden er door het hele land zogeheten krutu’s (traditionele vergaderingen) gehouden. Daarbij werd een gemengd gezelschap betrokken van Afro-Surinaamse, marron- en inheemse gemeenschappen. „We hebben een paar maanden geleden ter afsluiting een grote vergadering gehouden, een gran krutu, daar is bepaald dat het voor iedereen belangrijk is dat de koning de excuses op Surinaamse bodem opnieuw uitspreekt. Hier, op de plek waar de slavernij heeft plaatsgevonden”, zegt Jabini. Hij vindt het ook belangrijk dat de koning niet alleen in woorden zijn excuses aanbiedt. Er moet iets tegenover staan. „Aan excuses alleen hebben we niets.”
NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
Source: NRC