Home

Als het asielbeleid van niemand meer is, worden lokale politici vanzelf vogelvrij

Je zult burgemeester in Nederland zijn.

In Terneuzen stapte deze week Erik van Merrienboer op nadat eerst de gemeenteraad en daarna zijn eigen college terug waren gekomen op het vorig jaar genomen besluit tot goedkeuring van de komst van een asielzoekerscentrum. Van Merrienboer herkende een grove schending van de beginselen van goed bestuur en kon daar geen verantwoordelijkheid voor dragen.

In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.

Hij was nog niet weg of aan de andere kant van het land, in Venlo, werd bekend dat lokale politici ernstig worden bedreigd vanwege de plannen voor asielopvang. De woning van burgemeester Antoin Scholten wordt beveiligd.

Het moet gezegd: op die berichten volgden verontwaardigde reacties uit Den Haag. Premier Dick Schoof noemde de situatie ‘ongekend’ en vrijdag meldde zich ook demissionair BBB-minister Frank Rijkaart van Binnenlandse Zaken, die zei te ‘walgen’ van de gebeurtenissen.

Maar er is ook nog een ander verhaal. Wat lokale politici vanuit Den Haag sinds twee jaar over zich heen krijgen, valt grofweg uiteen in zes delen.

Eén: per 1 februari 2024 trad de Spreidingswet in werking die moet zorgen voor een ‘evenwichtiger verdeling van asielopvang over provincies en gemeenten’. De druk op gemeenten om mee te werken werd daarmee behoorlijk opgevoerd; in het uiterste geval kunnen ze worden gedwongen.

Twee: slechts drie maanden later trokken PVV, VVD, NSC en BBB het tapijt onder de wet vandaan met de mededeling in hun hoofdlijnenakkoord dat de ‘Spreidingswet wordt ingetrokken’.

Drie: in april 2025 liet PVV-minister Marjolein Faber weten dat ze de wet heus nog wel wilde intrekken, maar het voorlopig toch niet deed. Ze wilde eerst haar asielwetten (‘het strengste asielbeleid ooit’) door het parlement loodsen.

Vier: na de val van het kabinet in juni beloofden alle betrokken partijen elkaar dat het asielbeleid gewoon door zou gaan. Het is nu alweer een half jaar later en de Eerste Kamer is nog niet eens begonnen aan de behandeling. Na een daling begin dit jaar, ligt het aantal mensen dat wekelijks onder de asielwetten arriveert nu alweer een tijdje op het niveau van de afgelopen jaren. De behoefte aan opvang blijft dus onverminderd groot.

Vijf: intussen voerden twee van de voormalige coalitiepartijen offensief campagne tegen de Spreidingswet. Geert Wilders schaarde zich achter elke lokale verzetshaard, BBB-minister Mona Keijzer toonde alle begrip voor de protesten: ‘We hebben gewoon de plekken niet meer om al deze mensen te huisvesten.’

Zes: diezelfde Keijzer werkt aan wetgeving om statushouders – asielzoekers die al zijn toegelaten – niet langer voorrang te geven bij de verdeling van sociale huurwoningen. Daar is van alles over te zeggen, maar zeker is dat het de overbezetting in de asielzoekerscentra vergroot. Minder mensen kunnen dan immers doorstromen naar een eigen woning.

Zo is een situatie ontstaan waarin het asielbeleid van niemand meer is. Burgemeesters, wethouders en raadsleden moeten het zelf maar uitzoeken. Een raad van bestuur die zijn ondergeschikten in een bedrijf moedwillig in zo’n kwetsbare positie brengt, eindigt doorgaans wegens wanbeleid voor de Ondernemingskamer. Onze lokale politici moeten het doen met de blijken van medeleven uit Den Haag.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next