Home

Hoe is dat, een jaar lang deelnemen aan een burgerklimaatberaad?

Klimaatbeleid Wat gebeurt er als 175 burgers uit alle hoeken van de samenleving zich zeven weekeinden lang inspannen om de overheid klimaatadvies te geven? „Dit is ook hoe democratie werkt.”

Deelnemers aan het Nationaal Burgerberaad Klimaat werken in kleine groepen samen.

Januari

Als Francis Noijen (51) op zaterdag 18 januari de Rijtuigenloods in Amersfoort instapt, kijkt ze onwennig om zich heen. De Brabantse uit Boekel heeft net anderhalf uur in de auto gezeten en weet niet goed wat haar te wachten staat. Hier, in een grote hal van een voormalig spoorwegterrein, zal de komende maanden het Nationaal Burgerberaad Klimaat plaatsvinden.

In een groot ovaal staan 175 stoelen. Op de zwarte vloer liggen ronde kleden en aan de muur hangen kleurrijke posters met daarop in taartpunten uitgebeeld hoeveel Nederlanders consumeren als het gaat om spullen, voedsel en vervoer. De centrale vraag van het burgerberaad is groot afgebeeld: „Hoe kunnen we als Nederland eten, spullen gebruiken en reizen op een manier die beter is voor het klimaat?”

Francis, werkzaam als heftruckchauffeur in een distributiecentrum, is sceptisch over haar deelname. Over het klimaat denkt ze weinig na. „Wat kan Nederland nou bijdragen aan het tegengaan van klimaatverandering?” zegt ze. „Dit land is zo’n klein stipje op de wereld.” Ook vindt ze het beraad maar geldverspilling. „Ik berekende meteen dat het alleen al aan vrijwilligersvergoedingen 126 duizend euro zou gaan kosten. Dat geld zou beter naar de zorg of de politie kunnen.”

Mike van Meer (25) uit Leerdam, chemisch analist voor diergeneesmiddelen, maakt zich juist grote zorgen. „Ik denk er veel over na en voor mij is het heel duidelijk dat we meer moeten doen om klimaatverandering tegen te gaan”, zegt hij. „Geen idee of dat via deze weg gaat lukken, maar het is de moeite van het proberen waard.”

Langzaam druppelen mensen binnen. Sommigen houden hun jas aan. Buiten vriest het en de grote hal warmt nauwelijks op. Allemaal waren ze verrast dat  zíj werden uitgekozen. Van de zeventigduizend willekeurige mensen die een uitnodiging ontvingen, hadden er 4070 geantwoord dat ze mee wilden doen.

Uit die groep werden via een gewogen loting 175 mensen geselecteerd. Op basis van geslacht, woonplaats, opleidingsniveau, leeftijd en hun mening over het klimaatbeleid. Samen vormen ze een representatieve afspiegeling van Nederland. Zo is 24 procent van de Nederlanders ouder dan 65, net als 26 procent van het burgerberaad. 2 procent van Nederland identificeert zich als non-binair, net als 2 procent van het burgerberaad. En 22 procent van de Nederlanders is niet bezorgd over klimaatverandering, 21 procent van het burgerberaad is dat evenmin. Opvallend is dat de groep overwegend wit is. Op migratieachtergrond mocht het burgerberaad vanwege privacywetgeving niet selecteren.

Leren luisteren

Het is net een grote klas. Als de gespreksbegeleider zijn hand opsteekt, moet iedereen luisteren. „Het doel is dat iedereen gelijkwaardig aan het woord komt”, spreekt gespreksbegeleider Yannick Wassmer de groep toe. „Geef ruimte en neem ruimte. Als je gewend bent je stem makkelijk te laten klinken, doe dan soms een stapje terug”, zegt hij. „Ieders aanwezigheid en iedere stem is evenveel waard. Wat we hier bespreken, is vertrouwelijk.”

Luisteren blijkt een van de moeilijkere opgaven en zal een terugkerend thema zijn. „De eerste weekenden vond ik langdradig”, zegt Francis er later over. „Het ging wel heel veel over hoe we respect moeten hebben voor elkaar.” Ook Mike vond de bijeenkomsten traag op gang komen. Maar achteraf zegt hij: „Terugkijkend snap ik pas echt waar al die tijd en nadruk op luisteren goed voor is geweest.”

Bij de eerste bijeenkomst van het burgerberaad leren de deelnemers elkaar kennen.

Deelnemers schrijven op grote borden wat er wordt besproken bij de eerste bijeenkomst in januari.

Zaterdagmiddag komen minister van Klimaat en Groene Groei Sophie Hermans (VVD), minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Judith Uitermark (NSC) langs, samen met Tweede Kamer-rapporteur en Kamerlid voor Volt Marieke Koekkoek. Ze gaan de aanbevelingen waar het burgerberaad mee zal komen zorgvuldig bekijken, zeggen ze. Over ieder voorstel zullen ze moeten vertellen waarom ze het wel of niet overnemen.

Het is de tweede keer dat in Nederland een landelijk burgerberaad plaatsvindt. Het eerste was in 2006, toen 140 burgers zich bogen over de vraag wat het meest geschikte kiesstelsel zou zijn voor de Tweede Kamer. Het was een initiatief van toenmalig minister van Bestuurlijke Vernieuwing Alexander Pechtold (D66) met als doel de politieke impasse over deze discussie te doorbreken. Maar met de adviezen is nooit iets gedaan.

Dit Nationaal Burgerberaad Klimaat werd na een lange voorbereiding officieel ingesteld door toenmalig minister Rob Jetten (Klimaat, D66) van Rutte-IV, in juli 2023, twaalf dagen nadat dit kabinet was gevallen. Het doel was burgers meer te betrekken bij een gepolariseerd onderwerp als klimaatbeleid. 

Februari

Geroezemoes en warme begroetingen. Het is zaterdag 8 februari, de verwarming loeit en ondanks een griepgolf zit de grote zaal van de Rijtuigenloods vol. Aan de muur hangen grote vellen met daarop de ruim driehonderd vragen die de deelnemers in januari hebben verzameld, zoals „hoe werkt klimaatverandering?”, „is het KNMI onafhankelijk” en „hoeveel procent van het eten dat we maken wordt verspild?” Voorin de zaal staat een grote stoel, om iedereen te herinneren aan het belang van toekomstige generaties.

„Vorig weekend hebben we elkaar leren kennen en zijn we vrienden geworden”, zegt Nienke Meijer, de voorzitter van het burgerberaad, tegen de groep. „Nu doen we wat goede vrienden doen op een tweede date: we gaan met elkaar op stap.” Het burgerberaad gaat in kleine groepen het land door, naar 27 bedrijven en organisaties die zich bezig houden met reizen, voedsel en spullen.

Meijer is een bestuurder en toezichthouder met veel ervaring bij bedrijven en maatschappelijke organisaties en werd als onafhankelijk voorzitter benoemd door het toen demissionaire kabinet Rutte-IV. Zij moet alles wat er in het burgerberaad gebeurt overbrengen aan de hoofdrolspelers in Den Haag en daarbuiten. Ze reisde voorafgaand aan het burgerberaad het land door om kennis te maken met alle deelnemers.

„We onderzoeken wat de meerderheid wil. Vervolgens kijken we hoe we de stemmen van de minderheid dat besluit kunnen laten verrijken”, zegt Meijer. Daarvoor leunt de organisatie op het principe van deep democracy: geen compromissen sluiten maar samen tot overeenstemming komen met de wijsheid van het collectief. „Mensen hoeven het niet met elkaar eens te zijn om samen te werken”, zegt Meijer. „Als iedereen zich maar voldoende kan vinden in het eindresultaat.”

Voorzitter van het burgerberaad, Nienke Meijer, bij de bijeenkomst in juni.

De veldbezoeken brengen de deelnemers naar onder andere een paprikakweker die probeert water te besparen en een kippenboerderij die werkt aan diervriendelijker eierproductie. Naar een sorteercentrum voor kringloopwinkels, een repaircafé, naar de NS, KLM en Schiphol. NRC wordt ingedeeld in de groep die op bezoek gaat bij een Utrechtse vestiging van Lidl, de supermarkt die zich laat voorstaan op verduurzaming.

Op tafel in een zaaltje waar de deelnemers maar net inpassen, staan biologische producten van de Lidl uitgestald. „Wat mij stoort, is het woord duurzaam”, zegt Francine Cornelissen (67), die in haar werkende leven docent Nederlands was, na een praatje van twee medewerkers over wat de supermarkt onderneemt om duurzamer te worden. „Ik had vroeger een tv, die deed het dertig jaar. Dát is duurzaam, spullen lang kunnen gebruiken. Een appel is zo weg.”

Even later ontspint zich een gesprek over wat klimaat is en wat milieu. De meesten zijn het erover eens dat een groene omgeving prettig is. Dat voedsel niet verspild moet worden, dat vervuiling moet worden tegengegaan en dat spullen langer mee moeten gaan. Maar over klimaatverandering en door wie dat komt, liggen de meningen uiteen.  

Wat Francine betreft, is er geen klimaatprobleem. En al helemaal niet door de mens veroorzaakt. „Ik zie de noodzaak ook niet voor klimaatmaatregelen, ik ben er zelfs tegen”, zegt ze. Waarom ze er dan toch is? „Omdat ik het belangrijk vind dat er een tegenstem is. En omdat ik sta voor het milieu.”

Marijke Rijskamp (34) uit het Groningse Nansum weet niet wat ze „van dat hele klimaat” vindt. „Toevallig doe ik al veel groen, ik haal eieren bij de boer, hout bij kennissen in de buurt die oude bomen hebben. Maar niet uit overtuiging hoor. Er lopen hier mensen rond met heel sterke meningen. Ik wil vooral onderzoeken hoe het eigenlijk zit.”

Voor dit burgerberaad heeft de landelijke politiek ruim zes miljoen euro uitgetrokken. De organisatie doet er alles aan om eventuele drempels te verlagen. Deelnemers kunnen overnachten in een hotel, ze mogen hun reiskosten declareren, er zijn maaltijden en tussendoortjes. Er is kinderopvang en een kolf- en stilteruimte. Ze krijgen een vergoeding van 120 euro per weekend en er is een vertrouwenspersoon aanwezig.

Ook Francine maakt ieder weekend gebruik van de hotelovernachtingen. „Ik kom uit Eindhoven, anderen moeten veel verder reizen, maar ik houd niet van lang autorijden”, zegt ze. „Blijven slapen is comfortabel en bovendien gezellig. Dan doe je nog een drankje ’s avonds. Er lopen veel leuke mensen rond hier.” Marijke, die in het verleden een eigen beautysalon had en sinds 2023 geen betaald werk meer doet, neemt een keer haar oudste dochter van 8 mee. „We hebben er een uitje van gemaakt. Logeren in een hotel vond ze leuk.”

Maart

Op de parkeerplaats voor de Rijtuigenloods staan twee verslaggevers van Ongehoord Nederland met een draaiende camera. Ze wachten deelnemers op en stellen ze vragen over wat zich binnen afspeelt. Het is zaterdag 8 maart, de eerste stralende lentedag van het jaar.

De eerste twee weekenden van het burgerberaad trokken veel aandacht. In reactie op een tweet van minister Sophie Hermans (Klimaat en Groene Groei, VVD) over haar bezoek aan het beraad, tweette Geert Wilders dat het advies „linea recta de prullenbak” in kan, „want niemand zit te wachten op deze door Jetten (D66) verzonnen links-liberale indoctrinatie door mensen wier naam we niet kennen en die in het geheim vergaderen en helemaal niemand representeert!”

Op 6 maart, twee dagen voor de bijeenkomst, dient Tweede Kamerlid Joost Eerdmans (JA21) een motie in waarin hij het kabinet oproept het beraad geen extra geld te geven. Op 11 maart verzoekt Alexander Kops, Tweede Kamerlid voor de PVV, de regering om het Nationaal Burgerberaad Klimaat „onmiddellijk stop te zetten”. De moties krijgen geen meerderheid.

De bemoeienissen van de buitenwereld dringen door tot het burgerberaad en gaan veel deelnemers niet in de koude kleren zitten. Net als de desinformatie die rondgaat. Zo circuleren er berichten dat deelnemers een spoedcursus zouden hebben gehad van Extinction Rebellion (XR). Tweede Kamerlid Henk Vermeer (BBB) stelt in juli Kamervragen over de betrokkenheid van XR – de klimaatactivisten blijken geen rol te hebben gespeeld. De rechtse opiniemaker Wierd Duk zaait twijfel door in een aflevering van talkshow Nieuws van de Dag te zeggen dat alle deskundigen die de leden raadplegen „zijn gelieerd aan de klimaatlobby”, zonder te specificeren wat die lobby is.

Tom Kellendonk (28) vertelt dat hij een filmpje had opgenomen voor de socials van het burgerberaad, waarin hij vertelt dat hij het belangrijk vindt dat openbaar vervoer beschikbaar blijft in de regio. Hij komt zelf uit een klein dorpje in het oosten van Groningen. „Daar kwamen hele negatieve reacties op. Dat ik, als deelnemer, een landverrader was en een NSB’er. Van anonieme accounts vooral, maar misschien ook van mensen met legitieme zorgen over het burgerberaad. Dat gaf me geen lekker gevoel. Dat is niet waarom ik wilde meedoen.”

Bijeenkomst drie is een ‘kennisfestival’ waarin ruim vijftig deskundigen langskomen. De sprekers zijn uitgekozen door het burgerberaad zelf. „Dat ging niet bepaald soepeltjes”, lacht Ernestine Lans (35), een van deelnemers die heeft meegedacht over de selectie, als haar ten overstaan van de groep wordt gevraagd iets te vertellen over het proces. „We kregen een lijst van de organisatie en daar hebben we heel kritisch naar gekeken. Wij wilden meer verschillende stemmen horen over het klimaat. Er waren flinke discussies, maar ik denk dat de lijst heel divers is nu.”

Over dit artikel

Voor dit verhaal was NRC aanwezig bij alle weekenden van het burgerberaad. Daarnaast woonde NRC in april twee online bijeenkomsten van de groep Rode Draden bij, en sprak apart met voorzitter Nienke Meijer en enkele deelnemers. Voor het meeluisteren bij afzonderlijke onderdelen gold de voorwaarde dat alle betrokken deelnemers toestemming gaven. In enkele gevallen vroeg de organisatie NRC niet mee te kijken, vanwege de gevoeligheid van de gesprekken.

Afgesproken is dat NRC niet publiceert over de inhoud van het advies voordat dit aan kabinet en Tweede Kamer wordt aangeboden. Dat gebeurt op maandag 1 december.

Er zijn klimaatwetenschappers, economen, filosofen, ambtenaren en ondernemers. Een van gevoeligste discussiepunten is hoeveel ruimte klimaatsceptici krijgen in Amersfoort. Het burgerberaad heeft klimaatscepticus Marcel Crok gevraagd, oprichter van Clintel Nederland dat de menselijke invloed op klimaatverandering „onzeker” noemt. Hij komt en gaat in gesprek met Maarten van Aalst, directeur van het KNMI, onder de noemer ‘dialoog tussen twee verschillende perspectieven op het klimaatprobleem’. Mensen verdringen zich om erbij te kunnen zijn en het leidt tot spanning in de organisatie. NRC mag er niet naar binnen.

„Geweldige man, goed dat hij er is”, zegt Francine, de oud-docent. „Hij zegt tenminste waar het op staat.” Andere deelnemers zijn minder onder de indruk en nemen zijn komst ter kennisgeving aan. „Onbegrijpelijk dat er nog mensen zijn die de invloed van de mens op klimaatverandering niet serieus nemen”, foetert Mike, de chemisch analist, zachtjes. „Dat zou toch de ondergrens moeten zijn van wat we met elkaar doen hier.”

Sterre Meijerink (26), een illustrator en kunstenaar die zich grote zorgen maakt over klimaatverandering, denkt dat deze dag de bubbels waar mensen in zitten alleen maar versterkt. „Iedereen zoekt de deskundigen die zijn of haar ideeën bevestigen,” zegt ze. Ze wordt er „een beetje moedeloos” van. „Veel mensen denken dat ze pas volledig worden ingelicht als ze worden bevestigd in wat ze vooraf al vonden.”

April

Bij station Apeldoorn staan kleine shuttlebusjes te wachten. De lucht is strakblauw, de temperatuur loopt op tot 24 graden en sinds eind februari heeft het amper geregend. De droogte is zichtbaar in het heidelandschap. Het is zaterdag 12 april en het burgerberaad vergadert eenmalig in het hart van de Veluwe: het monumentale gebouw van voormalig zendstation Radio Kootwijk.

De opstelling in de grote, hoge ruimte is hetzelfde als in Amersfoort, maar hier is veel meer licht. Deelnemers wordt gevraagd te gaan zitten in hun leeftijdscategorie. „Hoe voelen jullie je?”, vraagt gespreksleider Yannick. „Lentekriebels!”, roept iemand. Er wordt gelachen. De jongste groep, van 16 tot 19 jaar, kijkt wat ongemakkelijk voor zich uit.

„Vandaag gaan we van wie heeft er gelijk, naar wat is er mogelijk”, zegt Yannick. Om de groep op te warmen, vraagt hij de mensen met een of meer tatoeages in het midden te komen staan. Zo’n twintig mensen schuifelen naar voren. „Wie houdt er van dansen?” Tientallen mensen stappen het ovaal in. „Wie heeft er moeite met de vraag die door het kabinet is gesteld?” Zeker 35 deelnemers staan op.

In de eerste drie weekenden vormde het burgerberaad zich als groep. Mensen spraken met elkaar in allerlei formaties. Er ontstonden warme contacten, soms uitgediept tijdens de borrel in het hotel. Mensen die in de echte wereld nooit met elkaar in contact zouden komen, kregen begrip voor elkaar – of juist niet. Er werden inhoudelijke gesprekken gevoerd. Soms liepen discussies hoog op.

In juni stemmen deelnemers over de eigen aanbevelingen, door te gaan staan in vakken waarop staat ‘yay’ (ja), ‘okay’ of ‘nay’ (nee).

Een groep deelnemers zet de laatste puntjes op de i van een van de aanbevelingen, vlak voordat daarover wordt gestemd tijdens de bijeenkomst in juni.

Nu komt er voor het eerst een fundamenteel vraagstuk op tafel. Kan iedereen zich achter de hoofdvraag van het burgerberaad scharen? Die vraag luidt: „hoe kunnen we als Nederland eten, spullen gebruiken en reizen op een manier die beter is voor het klimaat?” In het midden van de zaal worden twee groepen gevormd. Aan de ene kant gaan mensen staan die akkoord zijn, aan de andere kant mensen die moeite hebben met de vraag.

Het wordt een gesprek ‘met voeten’ genoemd, waarin de voors en tegens worden onderzocht. „Ik vind het een goede vraag, omdat we maanden de tijd hebben om er met elkaar over na te denken en gevoed worden met informatie”, zegt een deelnemer. Iedereen die zich daarin kan vinden, gaat achter haar staan. „Ik vind het een goede vraag, omdat het een groot en ingewikkeld probleem concreet maakt, zodat we ook met concrete antwoorden kunnen komen”, zegt een ander. Ook zij krijgt bijval.

Dan is de andere kant aan de beurt. „Met deze vraag legt de politiek de verantwoordelijkheid voor dit vraagstuk bij de consument neer”, zegt een tegenstander. Een ander: „Het is een oppervlakkige vraag, want Nederland is geen eiland in de wereld, we hebben ook een economie waarvoor we moeten zorgen.” Een derde: „Als het woord klimaat vervangen zou worden door het woord milieu, zou het al veel beter zijn.”

Zo gaat het een kwartier door. Deelnemers luisteren naar elkaar, sommigen veranderen van mening op basis van andermans argumenten. Dan neemt gespreksleider Yannick weer het woord. Hij wijst naar het touw dat de ruimte in tweeën deelt. Bijna iedereen gaat aan dezelfde kant staan, en stemt in met de vraag, maar een handvol deelnemers niet. Zij mogen hun zegje doen, maar Yannick vraagt ze nadrukkelijk om te kiezen.

„Ik zie de vraag als een kleurplaat”, moedigt een vrouw uit het voorkamp de anderen aan. „Af en toe buiten de lijntjes kleuren kan juist een mooie toevoeging zijn.” Een enkeling twijfelt. „Kunnen jullie door?”, vraagt Yannick. Tot voelbare opluchting stemt het hele burgerberaad in.

Rode draden

Na de pauze, waarin deelnemers een rondje lopen over de Veluwe, komt de groep Rode Draden naar voren. Mike was deel van die groep en zegt: „We zijn drie keer online samengekomen en hebben besproken welke rode draden zich aftekenen in wat we hier bespreken, zonder onze eigen mening daar doorheen te laten schemeren.”

De groep is uitgekomen op vier hoofdonderwerpen. Naast reizen, spullen en voedsel komt er een categorie ‘algemeen’, die gaat over gedragsverandering en hoe de overheid en de markt zich tot elkaar moeten verhouden bij het maken van klimaatbeleid. Binnen die categorieën moet het beraad verschillende aanbevelingen gaan formuleren.

Yannick legt de spelregels uit. Er zijn minimaal drie mensen nodig om aan een aanbeveling te werken, bij meer dan zeven mensen wordt de groep opgesplitst. „Je mag altijd ergens anders heen als je niks hebt bij te dragen”, zegt hij. Een speciale rol is voor de mensensoort die op meerdere plekken wil meedoen: de bij. „Die zorgt voor kruisbestuiving.”

Aan ronde tafels gaan de groepen aan de slag. Als een groep het bordje ‘help ik heb een kennisvraag’ omhoog houdt, komt er iemand van de organisatie om die vraag uit te zoeken. Bij de groep die over gedragsverandering praat, woedt een felle discussie over de vraag of de overheid zich überhaupt mag bemoeien met het gedrag van burgers. Het probleem lijkt met de minuut groter te worden. „Wat bepalen we hier eigenlijk?”, vraagt een deelnemer zich vertwijfeld af.

Marijke wordt een bij en beweegt zich tussen verschillende groepen. „Ik ben een sociaal dier”, zegt ze. „Overal lekker kletsen werkt voor mij beter dan heel lang studeren op hetzelfde. Zo hou ik ook meer overzicht.”

Aan het eind van de dag noemt kunsthandelaar Berend Smeitink (31), die meedenkt over openbaar vervoer, de bijeenkomst „constructief”. „Het geeft een goed gevoel om nu écht inhoudelijk iets te doen”. Vooraf wilde hij inzetten op gratis openbaar vervoer, maar hij kwam tot het inzicht dat daar ook veel tegenin te brengen is. „Het is duur en die kosten komen via belastingen vaak toch bij de burger terecht. En uit onderzoek blijkt dat gratis ov vooral fietsers en voetgangers het openbaar vervoer intrekt en weinig gedragsverandering veroorzaakt bij automobilisten.”, zegt hij.

Deelnemers Berend Smeitink en Marijke Rijskamp.

Mei

Het begint spannend te worden en de uitgelaten sfeer van Radio Kootwijk, waar vanwege de locatie veel meer mensen bleven overnachten dan tijdens andere weekenden, is wat weggeëbd. Dit weekend moeten de adviezen concreet worden. Het is zondag 18 mei, de zon schijnt volop. Een enkeling vertrekt vroegtijdig om PSV die middag landskampioen te zien worden.

Een luid applaus stijgt op in de Amersfoortse Rijtuigenloods. Na een lange dag sleutelen aan de verschillende aanbevelingen, staat de schijnwerper ’s middag gericht op hulptroepen. Acht kinderen presenteren de uitkomsten van de speciale kinderklimaattop die onder de vlag van het burgerberaad is georganiseerd.

„Voor mij was opvallend dat het echt op kinderen was gericht”, zegt Otis (11) op het podium, over de bijeenkomst van kinderen tussen de 9 en 12 jaar. „Ik had gedacht dat het veel serieuzer zou zijn.” Er wordt gelachen. De kinderen spraken, net als de volwassenen, over eten, spullen en reizen. „Als je spullen kan delen is dat goedkoper”, zegt Pien (12). „Dan hoeven er ook minder spullen te worden gemaakt.”

De oudere groep, van kinderen tussen de 13 en 18 jaar, sprak over de invloed van cultuur, groepsdruk en rolmodellen. Dat vlees eten in sommige culturen heel belangrijk is. Dat het zou helpen als een rolmodel als Taylor Swift op sociale media zou delen dat ze de trein neemt, bijvoorbeeld. En waarom kinderen misschien wel tweedehands willen kopen, maar op school de druk voelen om bepaalde kleren te dragen, omdat ze anders „een label krijgen opgeplakt”, zoals een jongen het verwoordt.

Er worden meer hulplijnen ingezet. Zo maakt de organisatie de resultaten bekend van een landelijke raadpleging, waarin ruim 35 duizend mensen lieten weten waarmee het burgerberaad volgens hen rekening zou moeten houden. Wetenschappers en ambtenaren kijken dit weekend mee of de uiteindelijke adviezen ook juridisch houdbaar zijn. Een onderzoeksbureau gaat berekenen wat de adviezen aan CO2-uitstootvermindering zullen opleveren en wat de invloed is op samenleving en economie. 

In groepen werken de deelnemers verder aan de aanbevelingen. Over bewuster reizen, het tegengaan van voedselverspilling, over slimmer omgaan met water, adviezen waar uiteindelijk het grootste deel van het burgerberaad zich in zal moeten kunnen vinden. Ze werken aan ronde tafels en zijn uren geconcentreerd in gesprek.

„Ik heb wel zorgen over de houdbaarheid van onze voorstellen”, zegt kunsthandelaar Berend. „We bedenken grote ideeën, maar die kosten veel geld. De politiek gaat dat denk ik niet allemaal uitvoeren.” Mike had verwacht dat er veel meer polarisatie zou zijn. „Het valt me juist op hoe goed mensen naar elkaar luisteren”, zegt hij. „Ook de mensen van wie ik dat vooraf helemaal niet had verwacht.”

Juni

Grote ventilatoren blazen de warme lucht in beweging. De luiken staan open. Er zijn waaiers en iedereen wordt aangemoedigd water te drinken. De sfeer is opgewonden, mensen houden plekjes voor elkaar vrij. De temperatuur loopt op en niet alleen letterlijk: vandaag gaat het burgerberaad stemmen over de eigen aanbevelingen. Het is zondag 22 juni en dit zou de laatste dag van het burgerberaad zijn. Maar de actualiteit dwingt de organisatie tot uitstel.

Op 3 juni is het kabinet Schoof gevallen. Het burgerberaad zou de adviezen eind september aanbieden aan het kabinet en de Tweede Kamer. Dat is een maand voor de verkiezingen, waarna de politieke verhoudingen grondig kunnen verschuiven. In weekend zes beslist het burgerberaad daarom dat er een extra bijeenkomst komt, in september. En dat het overhandigingsmoment naar na de verkiezingen wordt verplaatst.

„Vandaag vragen we jullie om stelling te nemen”, zegt gespreksleider Yannick. In het midden van de zaal is met tape een grote cirkel afgeplakt, met daarbinnen het woord ‘yay’ – daar moeten deelnemers gaan staan als ze vóór een aanbeveling stemmen. In de afgeplakte cirkel daaromheen staat ‘okay’, bedoeld voor de mensen die zich er misschien niet helemaal in kunnen vinden, maar toch akkoord gaan dat de aanbeveling onderdeel wordt van het definitieve advies. Buiten de afgebakende ruimte is ruimte voor ‘nay’, de nee-stemmers. „Als je echt principieel bezwaar hebt en dat wil laten zien”, zegt Yannick, „kun je daar ook nog een eindje vandaan gaan staan.”

In juni is het zover: het burgerberaad stemt over de eigen aanbevelingen.

Ieder weekend is er een tekenaar aanwezig, die visueel vastlegt wat er gebeurt en waar deelnemers het over hebben.

De stemming begint feestelijk, met het aannemen van de eerste aanbeveling met 120 stemmen voor. Maar daarna wordt het langzaam stiller in de zaal. Van de 23 aanbevelingen die het burgerberaad in totaal heeft geformuleerd, stemt de groep er tien weg. Sommige voorstellen stranden op een enkele stem.

Een kleine groep van steeds dezelfde mensen gaat bij vrijwel ieder voorstel buiten de cirkels staan, in het nay-gebied. Een van hen is Netty de Jonge, een vrouw van 64 met een rollator. „Ze hebben mijn aanbeveling ook weggestemd”, zegt ze in de pauze. „En dan heb ik zoiets van: jullie ook.” Ze kijkt strak voor zich uit.

Gertjan, een andere deelnemer, loopt langs. „Je aanbeveling is niet weg hè!”, zegt hij, het gesprek horend. „Daar gaan de ministers ook naar kijken. Je moet niet uit boosheid anderen wegstemmen. Dan haal je de anderen onderuit.” Hij kijkt haar plagend aan. „Niet mijn idee wegstemmen zo meteen, dan kom ik je opzoeken!”, lacht hij. Ook Netty lacht. „Ik ga gewoon lúústeren”, belooft ze, met een zwaar Zeeuws accent. „Dan zal ik het wel zien.”

„De moeheid slaat toe, de warmte helpt niet”, analyseert Marijke even later. „Er waren gisteren al pittige discussies”, zegt ze. „Ik fladder overal doorheen, maar ik zie dat sommige mensen het écht niet met elkaar eens kunnen worden. Ik denk dat mensen er ook een beetje klaar mee zijn. Ik ben er zelf ook wel een beetje klaar mee!” lacht ze.

Voorzitter Nienke Meijer moet op haar handen zitten, zegt ze in het voorbijgaan. Ze vindt het moeilijk te zien dat sommige aanbevelingen worden weggestemd, zoals een advies over het bewuster gebruiken van water. Ze had gedacht dat mensen daar niet tegen konden zijn. „Maar dit is echt aan het burgerberaad, niet aan mij”, zegt ze. „Dit is ook hoe democratie werkt.”

Aan het eind van de dag is er nog een ritueel. Vertrouwde gezichten van de organisatie vormen een haag en deelnemers lopen onder luid applaus naar de bar. De ontlading is voelbaar.

September

Van der Valk in Utrecht. De Rijtuigenloods was niet meer beschikbaar voor deze extra ingelaste dag. Het is zaterdag 13 september, de regen valt met bakken uit de hemel.

De groep is met zo’n honderd aanwezigen beduidend kleiner. Ieder weekend waren er wel wat mensen niet, vanwege ziekte bijvoorbeeld. Onderweg is een aantal mensen definitief afgehaakt. Uiteindelijk zullen 157 mensen de eindstreep halen. Van de 18 stoppers heeft het grootste deel zich teruggetrokken vanwege gezondheidsredenen, privé- of werkomstandigheden. Een klein groepje trok zich terug uit principiële overwegingen, omdat ze zich niet meer konden vinden in het burgerberaad.

Dit burgerberaad, zegt Graham Smith tegen de groep, is bijzonder om drie redenen. Smith is voorzitter van een Europese ngo die alle Europese burgerfora over klimaat monitort en vandaag is hij in Utrecht. Niet eerder is er een nationaal burgerberaad geweest met zoveel deelnemers, zegt hij. Geen ander forum had zulke moeilijke politieke omstandigheden. En: „Niet eerder had een burgerberaad zoveel eigenaarschap over het proces als jullie.”

Dan komt Team Schrijven naar voren. De groep had op papier een simpele opdracht: alle aanbevelingen leesbaar maken, zonder nieuwe inhoud toe te voegen. Maar voordat ze daaraan toekwamen, bleek dat eerst heel wat emoties die het stemproces had opgeroepen moesten worden gladgestreken. NRC mocht niet meeluisteren bij deze online sessies die tijdens de zomervakantie plaatsvonden.

Het moment breekt aan om de eindversie van het rapport uit te delen. Iedereen krijgt een genummerd exemplaar, om te verzekeren dat niemand er eentje meeneemt. Na zeker een half uur lezen in stilte komt het moment „om er een klap op te geven”, zegt Yannick. Hij nodigt alle deelnemers uit om ieders naam op een groot vel te schrijven. „Om te bekrachtigen dat dit het rapport is.” Iedereen komt naar voren. Er wordt geklapt en gejuicht.

’s Middags gaat het burgerberaad in kleine groepen nadenken over hoe het nu verder gaat. Over de opvolging en monitoring van de resultaten. Een groep van zo’n twintig deelnemers kijkt terug op het proces, door een ‘gesprek met voeten’. Hoe heb je het burgerberaad ervaren, is de vraag, wat heeft het je gebracht? Ik heb veel geleerd, zegt iemand. Hij krijgt veel bijval. „Ik kreeg er ook best stress van”, zegt een tweede. Ook daar scharen veel anderen zich achter.

Zo gaat het even door. Dan zegt Ernestine: „Ik heb gezien dat het openlijk stemmen invloed heeft gehad.” Een ander zegt dat het juist belangrijk is om te staan voor wat je vindt. Het leidt tot een gesprek over de minderheden binnen het burgerberaad en of die wel voldoende zijn gehoord. Met het oog op de paar afhakers die daarom eerder stopten. Kregen zij wel voldoende ruimte?

„Ik denk dat sommige mensen nu eenmaal zo zijn”, zegt een vrouwelijke deelnemer. „Zij hebben een bepaalde mening en zullen nooit water bij de wijn doen. Dat ligt niet aan de mening, maar aan de persoonlijkheid.” Ze krijgt bijval. „Ik had als missie om meer inzicht te krijgen in de economische haalbaarheid van klimaatmaatregelen, dat is niet gelukt”, vervolgt ze. „Jammer, maar ik ben hier nog steeds en ik heb veel andere dingen geleerd. En heb ook voorstellen van anderen kunnen steunen.”

Deelnemers Francine Cornelissen en Mike van Meer.

Nog eenmaal komt de groep als geheel bij elkaar. „Als er één ding is dat Nederland moet weten over wat we hier hebben gedaan”, vraagt Yannick, „wat is dat dan?”. „Dat het geen doorgestoken kaart is!”, roept Annemarie. „Dat hier écht verbinding is gemaakt tussen mensen”, zegt Francine. „Dat we meer moeten lúústeren naar mekaar”, vindt Netty.

Netty, uit Zeeland, voelt zich zichtbaar op haar gemak in de groep. Ze roept vaak als eerste een antwoord en maakt grapjes met Yannick. Dat gemak, vertelt ze na afloop, is gegroeid gedurende het burgerberaad. „Ik ben niet goed geletterd”, zegt ze. „Mijn accent is ook heel Zeeuws, ik kom van een dorpje achteraf. Vroeger ben ik veel gepest, ik heb weinig eigenwaarde.” Er klinkt emotie in haar stem. „Zo kwam ik ook hier naartoe. Ik zal wel zien.”

Het begin vond Netty moeilijk. Er was veel informatie, het ging snel. Vanaf Radio Kootwijk kwam ze terecht in een groepje met vijf anderen. „Zij gingen mij waarderen. Echt lúústeren naar wat ik zei”, zegt ze. „Dat had ik nog nooit meegemaakt. Ik werd altijd de grond in geboord, je kan niks, je weet niks.” Netty valt even stil. „Hier telt mijn mening ineens. Ik voel me voor het eerst in mijn leven gehoord.”

Vrijwel alle deelnemers roemen de mensen die het burgerberaad organiseerden en de „professionele” en „inclusieve” manier waarop ze dat deden. Ook zeggen verreweg de meesten ervan te hebben geleerd, door de kennis die ze opdeden en door tijd door te brengen met mensen die ze in hun dagelijks leven niet tegenkomen.

Voor Francis, de heftruckbestuurder, heeft het burgerberaad niet veel veranderd in haar dagelijks leven, al denkt ze nu sneller aan het klimaat als er iets omvalt op haar werk in het distributiecentrum en daardoor moet worden weggegooid. Terugkijkend vindt ze het de kosten, waar ze in het begin kritisch op was, wel waard. „Als dit echt plannen oplevert om het klimaat te helpen, dan is het goed besteed”, zegt ze. „Dat is nu dus aan de politiek, om daarvoor te zorgen.”

Oud-docent Francine vond het heerlijk om mee te doen, waardeert de organisatie en het proces, maar kijkt nog precies hetzelfde naar klimaat als voor het burgerberaad. In opvolging door de politiek heeft ze weinig vertrouwen. Marijke uit Groningen, die er de laatste bijeenkomst niet bij kon zijn en met gemengde gevoelens terugkijkt op haar deelname, zegt dat ze plantaardiger is gaan eten.

Mike, de chemisch analist, vond meedoen „geweldig”. Hij gunt heel Nederland een burgerberaad, zegt hij. „Er zijn hier zoveel bubbels doorbroken. De ervaring dat we het uiteindelijk samen moeten doen, ook al willen we soms heel andere dingen, is heel waardevol. Ik heb meer begrip gekregen voor andermans standpunten, er was ruimte om dingen echt goed door te spreken met elkaar.” Mike vertelt dat hij door het burgerberaad nu een carrièreswitch maakt. „Ik heb hier ontdekt dat ik het heel leuk vindt om mijn kennis over wetenschap met anderen te delen. Ik ben begonnen me te laten omscholen tot scheikundedocent”, zegt hij. „Deze week heb ik mijn eerste les gegeven.”

Burgerberaden

Burgerberaden over klimaat worden wereldwijd georganiseerd, zowel op lokaal als op landelijk niveau. In Europa vonden volgens het Europese kennisnetwerk over klimaatberaden (KNOCA) sinds 2016 negentien nationale klimaatberaden plaats, ieder met een eigen focus. Zo boog een groep van honderd gelote burgers zich in Ierland over de vraag: ‘Hoe kan de Ierse staat het land een koploper maken in de aanpak van klimaatverandering?’. In Oostenrijk gingen honderd burgers aan de slag met de vraag: ‘Wat moeten we vandaag doen om morgen in een klimaatgezonde toekomst te kunnen leven?’

De resultaten van klimaatberaden zijn, als het gaat om politieke opvolging, zeer wisselend. Zo diende het merendeel van de aanbevelingen van het Ierse burgerberaad als basis voor nieuwe klimaatwetgeving, terwijl in Oostenrijk weinig tot geen aanbevelingen werden omgezet in beleid.

NIEUW: Geef dit artikel cadeauAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Klimaat

De laatste ontwikkelingen rond klimaat, natuur en duurzaamheid

Source: NRC

Previous

Next