Home

De biografie van Dick Schoof leest als een studie in vernedering

Alsof zijn premierschap niet erg genoeg was, vol vernederingen door Wilders en Yesilgöz, beschrijven twee NRC-journalisten de carrière van Dick Schoof alsof hij geen enkele kwaliteit bezit. Maar met zo’n cv kan dat toch niet kloppen?

is schrijver en chef van Zondag, het essay- en boekenkatern van de Volkskrant.

De scherpste sneer uit Muriel Sparks klassieker The Prime of Miss Jean Brodie (1961) komt wanneer een leerling vertelt over haar activiteiten bij de Girl Guides, een padvinderij voor meisjes.

De hoog-geopinieerde en licht-fascistioïde schooljuf serveert haar leerling in één zin af: ‘For those who like that sort of thing,’ zegt Miss Brodie, ‘that is the sort of thing they like.

De belediging schuilt erin dat Miss Brodie haar tot één enkele voorkeur reduceert. Je weet één ding van iemand, en daarmee weet je álles wat je wilt weten.

Ik moest hieraan denken toen Dick Schoof vorig jaar uit de hoge hoed kwam als premier van het kabinet PVV-VVD-NSC-BBB. Hij was secretaris-generaal van het ministerie van Justitie en Veiligheid, een insider in Den Haag, maar daarbuiten vrijwel onbekend. Op nieuwsredacties door het ganse land echode dezelfde vraag: wie is Dick Schoof?

Ik dacht: Dick Schoof is de man die namens Geert Wilders een kabinet wil leiden. Meer hoef je niet te weten.

Voor de kiezen

Het grappige is dat de vraag ‘Wie is Dick Schoof? bij het lezen van het boek dat NRC-journalisten Lamyae Aharouay en Petra de Koning over hem schreven gaandeweg naar de achtergrond verdwijnt. Je vraagt jezelf vooral af ‘Hoe is Dick Schoof mogelijk?’

Want mijn hemel, wat krijgt die man het voor zijn kiezen.

Schoof werd geboren in een groot gezin in Santpoort. Zijn ouders stemden KVP, later CDA. Lazen de Volkskrant. Zoals zoveel katholieke kinderen van die generatie ging hij studeren in Nijmegen, waar God naar achtergrond verdween en het linkse levensgevoel floreerde. Dick legde zich toe op duursporten, hij roeide zeven dagen in de week. Hij was knap. Brede schouders, gulle lach.

Toch krijg je krijg niet het gevoel over een zondagskind te lezen. Vriendschappen en relaties strandden – vooral over die relaties schrijven Aharouay en De Koning wat te gretig. Bij de overheid maakte hij gestaag carrière, maar mensen zagen hem ploeteren, zagen hem aanpappen met wie hem vooruit kon helpen. Het ging niet vanzelf.

De auteurs zetten deze lijn wel erg sterk aan: soms lijken ze zijn carrière te beschrijven alsof hij de ene na de andere baan misliep. Terwijl: aan het einde van de rit was hij toch echt de hoogste ambtenaar in Den Haag, met een cv vol topfuncties. Dan zul je toch over zekere kwaliteiten moeten beschikken. Maar wélke dan blijft vrijwel onbenoemd.

En toen werd het mei 2024, en hadden Wilders en Yesilgöz een premier nodig. Ring, ring. Hallo, met Dick?

Gevoerd aan de wolven

Vanaf dit moment maken de auteurs er een studie in vernedering van. Ze citeren Schoofs oude baas Mark Rutte, die zich liet ontvallen dat ‘Dick zo heerlijk was om boos op te worden.’ Hij gaf geen krimp als je je op hem afreageerde.

Dat talent moet hij als premier veelvuldig hebben aangesproken. Je hebt het gevoel dat met name Wilders en Yesilgöz Schoof vroegen om premier te worden, hem de hand schudden en hem vervolgens aan de wolven voerden. En die wolven – dat waren ze zelf.

Al in de eerste algemene beschouwingen ging NSC op punten met de oppositie mee, waardoor duidelijk werd: Schoof hoeft niet op de loyaliteit van zijn regeringspartijen te wachten.

En ook niet op die van zijn eigen ministers. PVV-ministers tweetten dingen die haaks stonden op wat de premier, een paar meter verderop in de Kamer, verkondigde. Toen Schoof eindelijk eens op zijn strepen ging staan en 3,5 miljard euro steun aan Oekraïne toezegde, kreeg hij de toorn van Wilders over zich heen, terwijl Yesilgöz lekker naar Zelensky vloog om diens dank in ontvangst te nemen. Alsof zíj premier was.

Veelzeggende anekdotes

Aharouay en De Koning schrijven lekker vlot, met een scherp oog voor veelzeggende anekdotes waarin de Haagse pikorde zo pijnlijk duidelijk is. Van de partijleiders mocht Schoof niet eens aanschuiven bij een crisisgesprek over het kabinet dat zijn naam droeg. Hij moest maar bij de leestafel op het ministerie gaan zitten afwachten.

Toen Wilders uiteindelijk de stekker uit het kabinet-Schoof trok, zette Wilders dat eerst op X. Daarna pas belde hij Schoof. Een paar weken later, toen Schoof positief tweette over de hulp van Jordanië aan Gaza, tweette Wilders over hem: ‘Don’t take this guy seriously. Nobody does.

Dat is meer dan disloyaal; het is honds.

Platgewalst

Alsof die open wonden niet genoeg zijn, kunnen Aharouay en De Koning het niet nalaten er wat extra zout in de strooien: ze krijgen er bijvoorbeeld geen genoeg van de onhandige lichaamstaal van Schoof te beschrijven.

Dus ‘Hoe is Dick Schoof?’ Platgewalst, neem ik aan. In die zin veranderde mijn beeld van hem door dit boek. Of hij nu ja zei tegen dit kabinet uit plichtsbesef of uit plucheplakkerij is niet duidelijk. Maar wel dat hij volhoudt in een positie waar elk ander mens al lang met een zoek-het-maar-uit-dikke-middelvinger de deur uit was gelopen.

Een duursporter, dat is hij zeker.

Lamyae Aharouay & Petra de Koning: Dick Schoof. Brooklyn; 128 pagina’s; € 18,00.

Luister hieronder naar onze podcast Culturele bagage. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next