Home

Experts slaan alarm over vogelgriepstorm: ‘Dringend maatregelen nodig’

De vele vogelgriepbesmettingen zijn terug te voeren op een virusstorm die Europa in geen jaren heeft meegemaakt. Reden voor de Europese Voedsel- en Warenautoriteit om een tussentijds noodrapport uit te brengen: zet u schrap, er komt een zwaar seizoen aan.

Maarten Keulemans is wetenschapsredacteur bij de Volkskrant, gespecialiseerd in klimaat en microleven.

Oorzaak van de virusstorm is het gevaarlijke, ‘hoogpathogene’ H5N1-vogelgriepvirus, dat inmiddels al zo’n dertig jaar rondgaat onder vogels. Met de vogeltrek is dit jaar een iets veranderde vorm van het virus meegekomen, het zogeheten DI.2.1-type.

Hoewel dat maar tien subtiele veranderingen heeft ondergaan, is het extra overdraagbaar tussen vooral eenden. ‘Daar vermenigvuldigt het zich efficiënt en verspreidt het zich zonder ziekte te veroorzaken’, stelt hoogleraar virologie Ron Fouchier (Erasmus MC).

‘Wat wellicht ook een rol speelt, is dat we al een paar jaar geen grote uitbraken van H5N1 meer hebben gehad’, vertelt hoogleraar vergelijkende pathologie Thijs Kuiken (Erasmus MC). ‘Daardoor zijn er relatief veel jonge vogels bij gekomen die nog nooit door dit virus zijn getroffen en er bevattelijk voor zijn.’ Een perfecte storm: eenden brengen het virus rond, waarna het ongeremd kan rondgaan.

Dringende maatregelen

Eigenlijk zou de Europese Voedsel- en Warenautoriteit (EFSA) pas half december advies geven over de vogelgriep. ‘Maar de data zijn zo zorgwekkend, dat we meenden dat het zinnig is om dit tussentijdse rapport uit te brengen’, aldus Kuiken, die eraan meeschreef.

Belangrijkste boodschap van het rapport: ‘Strikte bioveiligheidsmaatregelen en vroege detectie van geïnfecteerde pluimveehouderijen zijn dringend nodig om verdere verspreiding in de pluimveesector te voorkomen.’

Hoewel het rapport niet over de volksgezondheid gaat, neemt door de vele besmettingen ‘ook het risico op menselijke besmettingen toe’, waarschuwt Kuiken. In de regel gaat het dan om milde, ‘losse gevallen’ van mensen die besmet raken na intensief contact met zieke vogels, zonder dat ze anderen besmetten – het virus is nog te dierlijk om van mens naar mens te kunnen hoppen.

Europa en Amerika

Maar ongevaarlijk is het niet: vorige week overleed in de VS nog een oudere hobbyboer nadat hij besmet was geraakt met H5N5, een andere vogelgriep. Die variant ontstond overigens vermoedelijk ter plaatse, in de VS, zegt hoogleraar virologie Marion Koopmans. Dat zegt veel over het veranderde speelveld: ‘Vroeger keken we voor nieuwe varianten van de H5-griep naar Azië. Dat is nu heel anders. Voor nieuwe varianten moet je nu ook naar Europa en Amerika kijken.’

De DI.2.1-vogelgriep blijkt zich inmiddels te hebben verspreid over Europa: van Noorwegen en de Baltische staten tot Portugal en Spanje, en van Hongarije tot Schotland. Het aantal aangetoonde besmettingen bij wilde vogels is ‘zonder precedent’, schrijft de EFSA: voor deze tijd van het jaar is de piek twee keer zo hoog als bij de vorige grote uitbraak, in 2022.

Nauwelijks meeuwen, wel kraanvogels

Wel is het patroon anders. Zo trof de vogelgriep destijds massaal sternen- en meeuwenkolonies, omdat het virus een ongelukkige combinatie had aangegaan met een andere, ongevaarlijke vogelgriep die al rondging onder meeuwen. Nu vond men maar 44 van de 1.443 vastgestelde gevallen bij de kustvogels, net zo weinig als bij roofvogels.

Het valt op dat het virus 877 keer werd aangetroffen bij kraanvogels, 60 procent van het totaal. ‘We denken dat het virus door een toevallige gebeurtenis tijdens de herfsttrek bij deze dieren is terechtgekomen’, vertelt Kuiken. Dat moet zijn begonnen in Duitsland: ‘Sindsdien volgen de detecties van het virus bij kraanvogels precies de lijn van de kraanvogelmigratie.’

Overige dragers zijn eenden en andere watervogels, zoals ganzen en zwanen: bij die dieren wordt ruwweg een op de drie infecties gevonden. Dat beeld kan overigens vertekend zijn, omdat onderzoekers sterk leunen op gevonden dode dieren en vooral eenden een infectie vaak overleven.

Besmette laarzen

In Nederland dook het virus anderhalve maand geleden voor het eerst op, in een pluimveebedrijf in Drenthe. Aanvankelijk schatten experts het risico op besmetting nog in als ‘matig’, al stelde men wel een ophok- en afschermplicht van pluimvee in. Daarna raakten in korte tijd meerdere pluimveehouderijen besmet, waarschijnlijk doordat het virus via besmette laarzen of op een andere manier alsnog de bedrijven binnenkwam.

Doorgaans dooft het vogelgriepseizoen rond februari of maart vanzelf uit. Maar in het heftige seizoen 2021-2022 bleef de vogelgriep het hele jaar rondspoken door Europa, een unicum voor het doorgaans seizoensgebonden virus.

Inmiddels werken wetenschappers hard aan nieuwe vaccins, voor het geval de H5-griep overslaat op de mens en een pandemie veroorzaakt, aldus Koopmans. Momenteel zijn H1, H2 en H3 de enige griepsoorten die rondgaan bij de mens. Aan H5 is onze afweer nog niet gewend, waardoor alle mensen kwetsbaar zijn voor besmetting.

Vorige maand nog boekte een Rotterdams onderzoeksteam opvallende vooruitgang: een nieuw vaccin, dat brede bescherming lijkt te bieden tegen álle H5-varianten. De griepprik wordt momenteel getest op de eerste mensen.

Luister hieronder naar onze wetenschapspodcast Ondertussen in de kosmos. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Alles over wetenschap vindt u hier.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next