is journalist en columnist van de Volkskrant, gespecialiseerd in financieel-economische onderwerpen.
De Fransen zijn binnen de rijkelandenclub Oeso de mensen die het langst van hun pensioen genieten. En dat blijft zo. Ze mogen de komende jaren ook op hun 62ste jaar achter de geraniums. Een verhoging naar 64 jaar is op de lange baan geschoven om een regeringscrisis op te lossen die premier na premier de kop heeft gekost. De huidige premier Lecornu kan hierdoor met steun van de sociaaldemocraten door blijven regeren.
Pas na de volgende presidentsverkiezingen in 2027 zal er opnieuw over worden gesproken. Op zijn vroegst zal een verhoging van de pensioenleeftijd nu in 2030 ingaan. En dan alleen nog als er bij de presidentsverkiezing een duidelijke winnaar uit de bus rolt.
Van de totale Franse begroting gaat nu 14 procent naar het staatspensioen. In Nederland is dat maar 5 procent. En dat komt niet doordat het Franse staatspensioen zo hoog is – ruim 1.000 euro voor een alleenstaande tegen 1.500 euro in Nederland – maar doordat de Fransen er zo lang van mogen genieten.
Het is onbetaalbare luxe. Zonder verhoging van de pensioenleeftijd zullen de Franse begrotingstekorten blijven stijgen en zal de al onhoudbare staatsschuld van 3,5 biljoen (3.500 miljard) euro – 115 procent van het bbp – toenemen, terwijl die zou moeten dalen of ten minste stabiliseren om van Frankrijk geen nieuw Griekenland te maken.
Als Frankrijk niet failliet wil gaan, zal het zo een keer een beroep moeten doen op de noodfondsen van de EU, zoals het OMT – Outright Monetary Transactions – waarbij de Europese Centrale Bank gericht de schulden van een land kan opkopen. In ruil daarvoor moet Frankrijk dan door Brussel opgelegde hervormingen doorvoeren om een overschot op de begroting te creëren.
En iedereen weet dat een van die hervormingen een verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd zou zijn, wat het Franse volk weer in meerderheid niet wil. Een Frexit – Frankrijk stapt uit de eurozone – is ondenkbaar. Frankrijk is geen Griekenland. Het is met Duitsland de pijler van de hele Europese gedachte.
Daarom wordt in de wandelgangen van Brussel al gedacht aan een ander snood plan, van de gerenommeerde denktank Peterson Institute. Frankrijk is binnen de EU het enige land met atoomwapens. Het land garandeert dat het vasteland ook zonder Amerikaanse hulp het afschrikkingsevenwicht in stand kan houden.
Maar het militaire atoomprogramma kost de Fransen veel geld. Jaarlijks is al 5 miljard euro nodig voor onderhoud. En de komende jaren komt daar nog eens 6 miljard euro bij voor de modernisering van vliegtuigen, onderzeeboten en raketten.
President Macron heeft zich bereid getoond het Franse nucleaire schild te gebruiken voor alle EU-landen. Maar voor wat, hoort wat. De Nederlanders, Duitsers en Polen moeten meebetalen aan de vernieuwing van dit atoomprogramma. De Franse kernmacht wordt hierdoor een Europese kernmacht.
Ook Nederland zou zeggenschap krijgen over atoomwapens, indien het bereid is Frankrijk uit de financiële penarie te helpen. Het Nederland van Rob Jetten wordt indirect een atoommacht.
In ruil daarvoor financieren Nederlanders de Franse pensioenen. Of werken ze vijf jaar langer door om de Fransen een vroege oude dag te gunnen en op hun tweede huisje in de Ardèche of Dordogne te passen.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns