Home

Had Ducati de MotoGP Grand Prix van Australië kunnen winnen?

Aprilia beschikte overduidelijk over de snelste motor in Australië en won de Grand Prix dan ook verdiend, daarover bestaat geen twijfel. Toch roept de vergelijking met de voorgaande race in Indonesië vragen op. Daar leek Marco Bezzecchi met zijn Aprilia eveneens een duidelijke voorsprong te hebben, maar toen was het Ducati dat dankzij Gresini-debutant Fermín Aldeguer de overwinning greep. Had dat scenario zich in Australië kunnen herhalen, zeker nu Bezzecchi vanaf het begin van het weekend op achterstand stond door een straf voor zijn botsing met Marc Márquez op Mandalika?

Net als in Indonesië had Ducati het tempo dit weekend niet te pakken. Voor het eerst sinds 2020 stond er geen Ducati op de eerste startrij, en ook in de sprintrace bleef het merk voor het eerst sinds de invoering van dat format in 2023 zonder podium. Toch leek ook ditmaal één rijder in staat om het verschil te maken: Fabio di Giannantonio. Zonder de geblesseerde Márquez en met de worstelende Francesco Bagnaia was Di Giannantonio de enige echte Ducati-hoop op de GP25. Hij sloot de vrijdagtraining af als derde, achter Aprilia-duo Bezzecchi en Raúl Fernández, maar vooral zijn tempo over de langere runs maakte indruk. Gresini-teamgenoot Álex Márquez noemde hem zelfs de favoriet voor de race op zondag.

Di Giannantonio moest in Australië vanaf P10 komen en dat heeft zijn kansen op de zege zeker geen goed gedaan.

Foto door: Robert Cianflone / Getty Images

Die voorspelling kwam echter in gevaar toen Di Giannantonio zich in de kwalificatie niet kon verbeteren tijdens zijn tweede run. "Het was echt riskant om in die laatste minuten nog ronden te rijden", legde hij uit. "Ik dacht dat ik een tijd in de 1m26 zou moeten rijden. Maar in die tweede poging gaf ik alles, nam alle risico’s, en er gebeurden gewoon te veel dingen. Het was niet mogelijk."

Met de tiende startplek wachtte hem dus een zware opgave. Toch werkte hij zich knap naar voren. In de sprintrace werd hij vijfde, maar tijdens de hoofdrace schitterde hij met een tweede plaats, op slechts 1,4 seconde van winnaar Fernández. Di Giannantonio lag al vijfde toen Bezzecchi zijn tweede long lap-penalty moest inlossen, waarna hij verder oprukte. Hij passeerde de worstelende Fabio Quartararo en haalde Pedro Acosta in de negentiende ronde in voor de derde plek. Vier ronden later ging hij voorbij Álex Márquez en werd zo de best geklasseerde Ducati-rijder – een opmerkelijke prestatie gezien zijn tiende startpositie.

Fernández was op dat moment al onbereikbaar, maar Di Giannantonio vroeg zich terecht af wat er mogelijk was geweest als hij verder vooraan had mogen starten. "We hebben fantastisch werk geleverd in de voorbereiding. Het team heeft veel geanalyseerd en uitgezocht wat het beste pakket voor dit circuit zou zijn. Dat was de sleutel tot deze prestatie", zei hij. "Het is een beetje een dubbel gevoel, want we weten dat we onze kansen op een podium of misschien zelfs winst hebben verkeken door de kwalificatie. Maar dat lag buiten onze controle. De koorts die ik had, hielp ook niet."

Met een tweede plek kwam Di Giannantonio dicht bij de zege, maar wat was er mogelijk geweest met een betere startpositie?

Foto door: Robert Cianflone / Getty Images

Fernández’ voorsprong had waarschijnlijk nog groter kunnen zijn als hij in de slotfase niet te maken had gehad met een losgeraakt tear-off en afnemende grip. Vier ronden voor het einde bedroeg zijn marge nog 3,1 seconden.

Hoewel het dus lastig is harde conclusies te trekken uit de slotronden, was Di Giannantonio’s constante tempo indrukwekkend. Hij wist zijn banden goed te sparen en reed stabiele tijden hoog in de 1 minuut en 28 seconden. Terwijl hij Márquez achtervolgde, noteerde hij in de 21e ronde zelfs een 1.28.114 – slechts een tiende boven zijn beste ronde van de race. Ter vergelijking: Bezzecchi reed in ronde 24 een 1.28.078, wat laat zien dat de VR46-rijder een vergelijkbaar tempo kon hanteren. Hoe de race was verlopen als Di Giannantonio vanaf de eerste twee startrijen was vertrokken, zal altijd gissen blijven. Fernández zou ongetwijfeld anders hebben gereageerd als er een Ducati in zijn kielzog had gereden.

Wat wel duidelijk is: anders dan in Indonesië liet Aprilia dit keer geen kans onbenut. Waar Fernández destijds tijd verloor in verkeer en posities inleverde na contact met Honda’s Luca Marini, pakte hij nu resoluut de leiding na het passeren van Pedro Acosta en stond die niet meer af. Ducati daarentegen kon in de beginfase niet toeslaan. Geen enkele Ducati-coureur startte in de top vijf; Álex Márquez was met zijn zesde plek de hoogst geklasseerde. Had Di Giannantonio zich beter gekwalificeerd, dan had Fernández de race misschien alsnog gewonnen – maar dan was het gevecht om de overwinning op Phillip Island allesbehalve eenvoudig geweest.

We willen jouw mening!

Wat zou jij graag willen zien op Motorsport.com?

- Het Motorsport.com-team

Reacties lezen en plaatsen

Source: Motorsport

Previous

Next