De loonkosten in alle bedrijfstakken zijn het afgelopen jaar opgelopen naar gemiddeld 45 euro per gewerkt uur. Vooral in de uitzendbranche gingen de kosten omhoog: daar werkt de verhoging van het minimumloon bovengemiddeld door.
De loonkosten per gewerkt uur zijn de totale kosten die een werkgever kwijt is aan een werknemer, gedeeld door het aantal uren dat een werknemer heeft gewerkt. Die kosten reiken verder dan alleen het brutoloon. Het gaat bijvoorbeeld ook om vakantiegeld, premies, bonussen of een thuiswerkvergoeding.
"De verhoging van het minimumloon werkt in alle sectoren door. Maar bij uitzendbureaus nog wat meer", zegt hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen van statistiekbureau CBS. De loonkosten namen in de uitzendbranche met 9,9 procent toe. De gemiddelde toename is 6 procent.
Daar moet bij worden aangetekend dat het aantal gewerkte uren is afgenomen. De loonkosten stijgen dan doorgaans ook. Ook een verandering onder werknemers is van invloed op de gemiddelde kosten. Bijvoorbeeld als er meer ouderen of hoger opgeleiden werken. "Beter betaalde banen trekken het gemiddelde omhoog", zegt Van Mulligen.
In alle sectoren spelen behalve de hogere minimumlonen ook de hogere cao-lonen een rol. "Dat is een belangrijke reden voor de algehele stijging en is ook breder dan het effect van de minimumlonen. De hogere cao-lonen spelen over de hele linie."
Het goede nieuws voor werkgevers is dat de gemiddelde loonkosten per werknemer iets minder hard zijn gestegen dan in het voorgaande jaar. Toen was de stijging 6,8 procent ten opzichte van 2022.
Source: Nu.nl algemeen