De Tuwaiq Escarpment, een klif uit het Jura-tijdperk die 300 meter oprijst uit de Saudische woestijn, vormde dit weekend het indrukwekkende decor van de allereerste Grand Final van de FIA Extreme H World Cup in Qiddiya. Tegen deze geologische achtergrond stonden acht waterstof-aangedreven racewagens opgesteld aan de start. De spectaculaire setting benadrukte het contrast tussen miljoenen jaren oude natuur en hedendaagse technologische innovatie: voertuigen die rijden op waterstof-brandstofcellen, een technologie die zich nog in de beginfase van de ontwikkeling bevindt.
De finale werd verreden in een zogenoemd multi-car-format, waarbij meerdere wagens gelijktijdig racen. Dat zorgde voor extra spanning. De teams en coureurs werden niet alleen getest op snelheid en strategie, maar ook op de vraag of deze baanbrekende voertuigen bestand zouden zijn tegen de dynamiek van een directe strijd in de woestijn.
Aan de finishlijn was het Jameel Motorsport — het team uit het gastland — dat de overwinning behaalde. Coureurs Molly Taylor en Kevin Hansen wisten de race overtuigend te winnen. Hun succes gaf de historische gebeurtenis een extra lading van nationale trots en markeerde een nieuw hoofdstuk in de Saudische autosportambities: van gastland naar volwaardige deelnemer én winnaar op wereldniveau. Eerder dit jaar schreef de Saudische coureur Yazeed Al Rajhi, eveneens gesteund door Jameel Motorsport, al geschiedenis met zijn overwinning in de Ultimate-categorie van de Dakar Rally.
Extreme H, de opvolger van de volledig elektrische Extreme E, vormt een vroege stap in de verkenning van waterstoftechnologie binnen de autosport. Waar Extreme E al aantoonde dat batterij-elektrische systemen zware offroad-omstandigheden kunnen doorstaan, liet diezelfde raceklasse ook de logistieke beperkingen van accu’s zien. Het gebruik van mobiele laadstations maakte duidelijk dat batterijtechniek nog niet ideaal is voor langeafstandsraces.
Extreme H onderzoekt of brandstofcelsystemen op waterstof deze beperkingen kunnen overwinnen. De technologie biedt potentieel voor kortere tankstops, grotere actieradius en geen uitstoot — mits de waterstof duurzaam wordt geproduceerd. Voorlopig is het project vooral een proeftuin: een gecontroleerd kader waarin ingenieurs en sportautoriteiten kunnen analyseren hoe de technologie zich gedraagt onder de zware omstandigheden van een race.
Alejandro Agag, Extreme H CEO
Foto door: Jack Hall / PA Media Assignments
Het kampioenschap is het nieuwste initiatief van Alejandro Agag, de bedenker van meerdere duurzaamheidsgerichte raceklassen, waaronder Formule E en Extreme E. Agag ziet Extreme H als een brug tussen sport, innovatie en duurzaamheid. Na de race in Qiddiya City verklaarde hij: “Extreme H is een nieuwe stap in de autosport. Na elektrisch rijden en duurzame brandstoffen was het tijd voor een kampioenschap dat zich richt op waterstoftechnologie. Extreme H is dat laboratorium — de proeftuin voor waterstof in de autosport. De sport kan helpen om de technologie te verbeteren en bij te dragen aan het gebruik van waterstof als duurzame energiedrager voor mobiliteit. Motorsport speelt daarin een cruciale rol. Iemand moest de eerste stap zetten, en omdat wij houden van nieuwe uitdagingen en het onontgonnen terrein, hebben wij gekozen voor Extreme H. Na het succes van vandaag weten we dat we op de goede weg zijn.”
De organisatie wordt tevens ondersteund door professor Carlos Duarte, een internationaal gerenommeerd klimaatwetenschapper en hoofdwetenschapper van Extreme H. Duarte, een uitgesproken voorstander van waterstof als duurzame energiebron, beschouwt het als “de energie-eenheid van de natuur”. Zijn betrokkenheid onderstreept de wetenschappelijke geloofwaardigheid van het kampioenschap als proeftuin voor emissievrije aandrijving en de potentie om bij te dragen aan bredere toepassingen van waterstof in de energiesector.
De Pioneer 25, de door Spark Racing Technology ontwikkelde wagen die werd ingezet tijdens de World Cup, is een evolutie in plaats van een volledig nieuw ontwerp. Het voertuig is gebaseerd op het Odyssey 21-chassis uit de Extreme E-serie — eveneens een ontwerp van Spark — en is uitgerust met brandstofcellen van Symbio, waterstoftanks en elektrische motoren die bestand zijn tegen de zware omstandigheden van offroad-racen.
De bijna geruisloze bolide levert 550 pk, is volledig emissievrij en bevat diverse innovatieve ontwerpkenmerken. Het meest opvallende element is de centraal geplaatste bestuurdersstoel. Volgens technisch directeur Mark Grain van Extreme H is deze positie gekozen om de veiligheid te maximaliseren en optimale bescherming te bieden bij een koprol of botsing. Zelfs het waterstofsysteem beschikt over een eigen rolkooi.
De ontwikkeling van de Pioneer 25 duurde ruim twaalf maanden en verliep in nauwe samenwerking met de coureurs. Zij waren actief betrokken bij het ontwerp- en testproces. Op hun advies werd onder meer het dubbele FOX-dempersysteem met Live Valving geïntegreerd — een component die door vrijwel alle betrokken coureurs wordt beschouwd als een van de meest indrukwekkende technische verbeteringen.
De primeur van Extreme H in Qiddiya maakte gebruik van de infrastructuur die eerder voor het Extreme E-evenement was opgebouwd. Voor de gelegenheid werden meerdere routes aangelegd om de verschillende racevormen te faciliteren. In aanloop naar het evenement vonden zeven testdagen plaats, waarna de voertuigen aan de teams werden overgedragen.
Extreme H in actie
Foto door: Extreme H
In lijn met de duurzaamheidsdoelstellingen van Extreme H werd het evenement niet opengesteld voor het brede publiek. Toegang was uitsluitend voorbehouden aan partners, investeerders en andere belanghebbenden met een directe betrokkenheid bij innovatie en duurzame mobiliteit. Tussen de races door werden in de Explorer Lounge — de hospitalitytent — paneldiscussies georganiseerd onder de titel “Tipping Points”. Deze sessies gingen onder meer over de ontwikkeling van de Pioneer 25, de werking van waterstofaandrijving en bredere thema’s rond alternatieve energie. Ook Qiddiya City was prominent aanwezig met een paviljoen waarin toekomstige projecten werden gepresenteerd.
Het driedaagse raceweekend begon met kwalificaties op de eerste dag, gevolgd door head-to-head dragraces op dag twee, en eindigde met de races op dag drie. Deze finale-opzet bestond uit vier kwalificatieraces met elk vier wagens, voorafgaand aan de Grand Final waarin alle acht voertuigen aan de start verschenen in een 3-3-2-opstelling. De behaalde punten uit alle disciplines telden mee voor het algemeen klassement van de World Cup.
Hoewel alle onderdelen voor spanning zorgden, viel vooral de head-to-head dragrace goed in de smaak bij het lokale publiek — een weerspiegeling van de sterke dragracecultuur in Saudi-Arabië. Anderen gaven juist de voorkeur aan de races met meerdere voertuigen, waarbij verschillende toeschouwers opperden dat een compacter tweedaags programma met meer van dit type races de beleving voor zowel publiek als televisie-uitzendingen verder zou kunnen versterken.
Het weekend bood niet alleen spektakel, maar ook vertrouwen. De Pioneer 25-wagens maakten meerdere koprollen, wat aantoonde dat waterstofracen verre van het risicovolle imago heeft dat soms wordt geschetst. Voor één keer werd een koprol zelfs met enthousiasme ontvangen: het bewees dat waterstofaandrijving bestand is tegen de extreme krachten van de autosport.
Het debuut van Extreme H was het resultaat van een internationale samenwerking waarin mondiale motorsportorganisaties, lokale expertise en strategische partners samenkwamen. De drijvende kracht achter dit initiatief is Alejandro Agag, de visionaire oprichter van onder meer Formule E, Extreme E, E1 en nu ook Extreme H.
De FIA speelde een centrale rol in het waarborgen van de sportieve en technologische integriteit van het project. De federatie verleende niet alleen officiële goedkeuring aan het evenement, maar ontwikkelde tevens het regelgevend kader dat nodig was om waterstoftechnologie op een veilige en competitieve manier te integreren in de wereld van de autosport.
Qiddiya City
Foto door: Qiddiya Grand Prix
Qiddiya City, de organiserende partner en gastheer van het evenement, was essentieel in de realisatie van deze historische primeur. Als toekomstige hoofdstad van entertainment, sport en cultuur in Saudi-Arabië bood Qiddiya zowel de fysieke locatie als het symbolische decor voor de eerste waterstofrace ter wereld. De ambitie van de stad werd versterkt door een vijfjarige overeenkomst om de Extreme H World Cup te blijven organiseren.
Aan sportieve zijde trad de Saudi Automobile and Motorcycle Federation (SAMF) op als lokale autoriteit en zorgde voor de coördinatie van het evenement. Vanaf het podium, vlak voor hij de trofee overhandigde aan het winnende thuisteam, sprak Z.K.H. Prins Khalid bin Sultan Al-Abdullah Al-Faisal, voorzitter van de SAMF: “Vanuit het hart van Qiddiya City schrijven we vandaag een nieuw en ambitieus hoofdstuk in de wereldwijde autosport. De lancering van de FIA Extreme H World Cup markeert een transformatieve mijlpaal die laat zien hoe competitie, innovatie en duurzaamheid hand in hand vooruit kunnen gaan. Laten we een nieuw tijdperk vieren en verwelkomen — aangedreven door waterstof, gedreven door ambitie en gebouwd voor de toekomst.”
Extreme H richt zich in eerste instantie op verdere uitbreiding binnen de MENA-regio, alvorens door te groeien naar landen met een opkomende waterstofeconomie. Volgens Ali Russell, Managing Director van Extreme H, behoren onder andere China, Japan, Zuid-Korea, Namibië, Brazilië, Chili, Canada, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk tot de beoogde volgende bestemmingen. Door zich te positioneren in regio’s die investeren in waterstofinfrastructuur, kan de raceklasse competitieve autosport combineren met een tastbare demonstratie van de mogelijkheden van deze technologie.
Daarnaast bevestigt Extreme H de leidende positie van het Midden-Oosten als internationaal centrum voor de autosport. Van Formule E in Jeddah tot de Dakar Rally en de Formule 1 Grands Prix in Bahrein, Saudi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten — de regio heeft zich ontwikkeld tot een proeftuin voor technologische innovatie en grootschalige evenementenorganisatie.
Met de toevoeging van waterstofracen aan dit portfolio versterkt Saudi-Arabië de strategische samenhang tussen sport, duurzaamheid en technologie — kernpijlers van Vision 2030, het nationale plan dat de economie wil diversifiëren en de transitie naar een dynamischer, toekomstgericht land ondersteunt.
Onder kliffen die ouder zijn dan de mensheid zelf bracht Extreme H menselijke ambitie samen met natuurlijke geschiedenis. Het evenement testte of baanbrekende techniek bestand is tegen de meedogenloze omstandigheden van de woestijn. Het debuut belichaamde een krachtig contrast: de blijvende aanwezigheid van de natuur tegenover de grenzeloze reikwijdte van menselijke innovatie.
Met deze eerste race in de Saudische woestijn bewezen Agag en zijn partners dat waterstofracen niet alleen mogelijk is, maar ook praktisch uitvoerbaar, schaalbaar en wereldwijd relevant.
Wat zou jij graag willen zien op Motorsport.com?
- Het Motorsport.com-team
Source: Motorsport